Mr. van de week

Mr. van de week: Marianne Hirsch Ballin

Mr. van de week is Marianne Hirsch Ballin. De advocaat van Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn is met ingang van 15 januari 2018 benoemd tot hoogleraar straf- en strafprocesrecht aan de juridische faculteit van de Vrije Universiteit Amsterdam. De focus van haar onderzoek zal liggen bij de werking van het straf- en strafprocesrecht in de internationale context.

U gaat zich bezighouden met internationale aspecten van strafrecht, onder meer terrorismebestrijding. Hoe moeten we teruggekeerde IS-strijders strafrechtelijk aanpakken?
Op dit moment is de inzet van de Nederlandse overheid gericht op vervolging voor de misdrijven die zij bij IS hebben gepleegd. Het gaat bijvoorbeeld om deelname aan een terroristische organisatie, poging tot of voorbereiding van terroristische misdrijven, of het deelnemen of medewerken aan training voor terrorisme (artikel 134a Sr). Terugkeerders van wie dat bekend is, komen eerst in voorlopige hechtenis. Bij verdachten van terroristische misdrijven is dat gedurende veertien dagen mogelijk zonder dat sprake is van ernstige bezwaren. Er is een wetsvoorstel ‘Versterking strafrechtelijke aanpak terrorisme’ bij de Tweede Kamer in behandeling, dat onder meer toestaat verdachten van terroristische misdrijven langer zonder ernstige bezwaren in voorlopige hechtenis te houden. De huidige termijn van veertien dagen is te kort om vast te stellen of sprake is van aanvullend bewijs, en of invrijheidstelling een gevaar voor de samenleving oplevert. In het regeerakkoord is bovendien afgesproken dat het strafbaar wordt gesteld zonder toestemming in een gebied te verblijven dat door een terroristische organisatie wordt gecontroleerd.

Dat hier in de eerste plaats het strafrecht wordt ingezet vind ik juist en passend in een rechtstaat. Na terugkeer moet eerst worden onderzocht of deze mensen zich schuldig hebben gemaakt aan terroristische misdrijven. Dat dient te gebeuren door inzet van de met waarborgen omklede strafvorderlijke bevoegdheden en -rechtsgang. Als er onvoldoende bewijs is voor strafrechtelijke vervolging, maar toch aanwijzingen bestaan dat iemand een risico is, kunnen bestuursrechtelijke bevoegdheden en de inlichtingen- en veiligheidsdiensten een rol spelen.

Wat is het belangrijkste dat u wilt bereiken in uw hoogleraarschap?
Mijn ambitie is bij te dragen aan een strafrechtspleging die rechtvaardig is naar de maatschappij, naar de verdachte en naar het slachtoffer. Onderzoek naar de rol van het strafrecht bij de beantwoording van maatschappelijke vraagstukken maakt het mogelijk fundamentele vragen te beantwoorden die richtinggevend zijn bij de zoektocht naar een rechtvaardige strafrechtspleging. In het onderwijs wil ik de studenten kritisch leren nadenken over de rol van het strafrecht in onze rechtstaat, in zijn internationale context en in verhouding tot andere rechtsgebieden, en over de oplossingen die het strafrecht kan bieden voor nieuwe maatschappelijke vraagstukken zoals cybercrime en terroristische soloacties. Kritisch nadenken over de rol van het strafrecht in een tijd van ingrijpende sociale, technologische en economische veranderingen is nodig om de strafrechtspleging toekomstbestendig te maken.

Ik zie het bovendien als een taak van de wetenschap de verbinding te zoeken met de praktijk. Als advocaat bij Pels Rijcken heb ik mij beziggehouden met strafrechtelijke dilemma’s in de actuele politieke en maatschappelijke context. Met die achtergrond wil ik graag bijdragen aan voor de praktijk werkbare oplossingen voor actuele vraagstukken.

Bij de naam Hirsch Ballin denkt iedereen natuurlijk ‘de dochter van Ernst’. Heeft dat in uw voordeel gewerkt, of in uw nadeel?
Ik heb het altijd een voordeel gevonden een dochter van mijn ouders te zijn.

Wat is het hoogtepunt in uw juridische carrière?
Er zijn gebeurtenissen in mijn leven die voor mij belangrijk als jurist zijn geweest en bepalend voor wat ik doe: het laatste jaar van mijn studie aan Georgetown University in Washington DC, de verdediging van mijn proefschrift begin 2012 en de keuze na mijn aio-tijd als advocaat in de landspraktijk van Pels Rijcken te gaan werken.

Wat of wie is in uw juridisch bestaan uw bron van inspiratie?
De overtuiging dat het recht er is ter waarborging van de menselijke waardigheid van eenieder. Zowel in de rechtswetenschap als in de rechtspraktijk zie ik het als mijn taak bij te dragen aan het vinden van oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken en daarmee aan een betere wereld. Ik ben daarbij in het bijzonder geïnspireerd door Cherif Bassiouni (onder meer Emeritus Professor of Law aan DePaul University, Chicago), die helaas op 25 september 2017 is overleden, en David Luban (Professor of Law aan Georgetown University).

Welke juridische website raadpleegt u vaak?
Bovenaan zullen staan: overheid.nl, rechtspraak.nl, Kluwer Navigator (in het bijzonder het NJB en NJ).

Welk boek las u het laatst?
Ik lees nu ‘Judas’ van Amos Oz.

Met wie zou u een gevangeniscel willen delen?
Met mijn man en twee zoons. Je vrijheid worden ontnomen en daarbij ook gescheiden te zijn van degenen die je het meest dierbaar zijn moet onvoorstelbaar zwaar zijn.

Wilt u geen belangrijk juridisch nieuws meer missen?

Abonneer u op de Mr. Nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Meld u direct aan >

Recente vacatures

Recente vacatures