Website voor juristen
Raad van State kritisch over voorstel toezicht advocaten
vrijdag, 03 augustus 2012 door redactie Mr.
De Raad van State (RvS) is er niet van overtuigd dat het toezicht op de advocatuur momenteel tekortschiet. De raad vindt dan ook dat de instelling van een college van toezicht, zoals staatssecretaris Fred Teeven van Justitie wil, mogelijk meer kwaad dan goed doet, omdat er dan toezicht op toezicht wordt gestapeld.
Het gaat om een advies van de raad, die in dit geval adviseur is van de regering. De staatssecretaris is niet verplicht het advies op te volgen.
Teeven heeft de raad er niet van kunnen overtuigen dat de dekens hun werk als toezichthouder niet goed doen. Er is “onvoldoende overtuigend gemotiveerd in welk opzicht het huidige stelsel tekortschiet’’, aldus de RvS. Volgens de adviesafdeling van de RvS kunnen de verbeteringen die Teeven wil, worden bereikt zonder dat daarvoor een afzonderlijk college van toezicht nodig is.
De Nederlandse Orde van Advocaten betreurt het dat Teeven aanstuurt op meer overheidsbemoeienis met het advocatentoezicht. “Ondanks dit negatieve advies stuurde het kabinet de plannen naar de Tweede Kamer’’, aldus de Orde.
Volgens de Orde betekenen de plannen van Teeven ook dat de geheimhoudingsplicht op de tocht staat. Zo moet de voorgestelde toezichthouder alle informatie die hij bij het uitoefenen van zijn taak tegenkomt, kunnen delen met “een verscheidenheid aan personen’’. Onder hen zijn degene die de kwaliteit toetst, vooronderzoekers en rapporteurs. “Dit betekent in feite dat een rechtzoekende er niet meer op kan vertrouwen dat wat hij in vertrouwen aan zijn advocaat vertelt, ook alleen tussen hem en zijn advocaat blijft.’’ (bron: ANP)
Reactie (1)
| < Vorige | Volgende > |
|---|
Meer nieuws
- Kritiek op voorstel tot wijziging van Grondwet
- NJV: ‘Immuniteiten, het recht opzijgezet?’
- KNB en VMSN positief over initiatiefwetsvoorstel mediation
- Raad van State vraagt om eerste conclusie A-G
- Mediationfestival 2013
- ‘Hoge Raad te coulant voor de staat’
- Martijn Polak voor de laatste keer mandarijn
- Spong viert zijn 40-jarig jubileum
- Raad voor de rechtspraak positief over één bestuursrechtelijk college
- ‘Notarissen mogen 10 jaar lang ontzette notarissen niet in dienst nemen’
- Verharding maatschappelijk klimaat leidt tot onzorgvuldige wetgeving
- Jaarvergadering The Association of European Administrative Judges
- Advocatuur en rechtspraak kritisch over disfunctioneren OM Zeeland-West-Brabant
- ‘Hoge werkdruk kan kwaliteit rechtspraak ondermijnen’
- Symposium Religie, recht en geweten
- L4L Award 2013 naar Russische advocaat
- Raad voor de rechtspraak opnieuw met gerechten in gesprek
- Mr. Rally 2013: steun Lawyers for Lawyers!
- Egbert Myjer wil journalist aan de leidraad
- ‘Rechterlijk toezicht nodig bij opsporing cybercrime’



Dit nieuwsbericht noopt tot een nadere reactie, omdat daar een heel stuk genuanceerder naar gekeken worden. Allereerst dient duidelijk te zijn naar welk advies van de Raad van State wordt verwezen. Het betreft hier “oud” nieuws van 25 mei 2012 met de volledige tekst van het advies van de Raad van State en het nader rapport van de minister. Zie hiervoor: Raad van State
Het lijkt mij juist dat de noodzaak aanwezig is om tot een nieuw toezichtstelsel te komen, daarover zijn alle partijen het wel over eens. Alleen is bij de Nederlandse Orde van Advocaten nog steeds niet duidelijk genoeg dat zij hun zaakjes, met het lokale dekenonderzoek, niet op orde heeft en nu huilen met de wolven in het bos.
De Nederlandse Orde van Advocaten ziet nog steeds niet zelf de noodzaak in om tot vergaande hervorming met de bemoeienis van de lokale dekens met klachtenbehandeling en klachtenonderzoek van burgers te komen. Slechts vanwege het feit dat de Staatssecretaris Teeven het wetsvoorstel heeft ingediend komt de Orde in actie, en niet omdat de belangenvereniging van de advocaten dat zelf nodig vond. Burgers die hun ervaringen met advocaten willen voorleggen bij de lokale deken hebben géén baat bij één loket omdat de ervaring heeft geleerd dat het structureel niet werkt. Wat de Orde in haar Nieuwsbrief duidelijk probeert te maken is dat één loket goed functioneert. Daarvan ontbeert het aan elke feitelijk grondslag. Bovendien draagt de Orde géén enkele oplossing aan met wat Docters van Leeuwen eerder opmerkte in zijn advies.
Terecht merkte Docters van Leeuwen op dat niet duidelijk is waar de burger terecht kan indien hij het oneens is met de klachtomschrijving van de Deken, Zie: Docters van Leeuwen: “Het bestaande is geen alternatief”, pagina 60 van maart 2010:
‘Als bovendien blijkt dat mijn advocaat over die ik een klacht heb lid is van de betreffende Raad van Toezicht of ik een klacht heb over de klachtenafhandeling door de Raad van Toezicht zelf, zou ik helemaal niet meer weten waar ik naartoe kan met mijn probleem.’
Wat heeft de Orde sinds het uitbrengen van het advies van Docters van Leeuwen sinds maart 2010 hieraan gedaan? Ook verwijs ik naar de reacties van belanghebbende naar de eerdere Nieuwsbrief van de Orde. Wat gaat de Orde hiermee doen?
De lokale dekens en de Algemeen Deken willen maar niet inzien hoe ingrijpend de ervaringen van burgers zijn met het advocatentuchtrecht, en welke onherstelbare processuele nadelen burgers ondervinden van een summier dekenaal klachtenonderzoek. Slepende tuchtrechtelijke procedures komen vaker voor dan de Orde ons wil doen geloven. Waarvan onder andere de Algemeen Deken, mr. Loorbach, wetenschap heeft van een onderhavig geschil dat al meer dan zes jaar loopt bij de Raad van Toezicht Rotterdam. Hier wreekt zich het feit dat bij één loket (opeenvolgende dekens) van de Raad van Toezicht niet de gelegenheid ten baat hebben genomen op de bezwaren feitelijk en juridisch adequaat te onderzoeken.
Vanwege de omstandigheid dat de mogelijkheid niet kan worden uitgesloten dat slechts één loket (Raad van Toezicht Rotterdam) de rotte appel is, en verantwoordelijk gehouden kan worden voor een meer dan zes jarig slepend litigieus moeizame verhouding met opeenvolgende dekens. Maakt wel dat de hele advocatuur alle schijn tegen heeft om daarmee elke schijn tegen, van tunnelvisie en interne afschermende geslotenheid binnen de voorfase van het advocatentuchtrecht bij de dekens te weerleggen. Dat een beroep op de Algemeen Deken, mr. Loorbach, niet resulteert om via minnelijk overleg de verhoudingen te normaliseren omdat naar zijn mening geen verantwoordelijkheden en bevoegdheden heeft mogelijkheid met betrekking tot het functioneren van lokale dekens maakt op pijnlijke wijze duidelijk dat één loketfunctie totaal niet werkt laat staan dat er sprake is van een efficiënte en effectieve wijze van klachtenbehandeling. En dit raakt de hele beroepsgroep.
De Raden van Toezicht worden gefinancierd door de beroepsgroep zelf. Hoe objectief kan dan nog een Raad van Toezicht zijn: “Wiens brood men eet diens woord men spreekt”.
Het lijkt mij juist dat de Minister het wetsvoorstel moet heroverwegen, alleen niet op de wijze die de Nederlandse Orde van Advocaten voorstaat. Bij het indienen van klachten zou heroverwogen moeten worden om de rol van lokale Deken volledig in te perken, feitelijk volledig buitenspel te zetten. Om daarmee te komen tot een volledig onafhankelijke instantie die elke klacht van de burger feitelijk en juridisch adequaat onderzoekt. Van een dergelijke onderzoeksinstantie mogen beslist géén advocaten deel uitmaken en ook niet worden gekozen door advocaten. De onderzoekscommissie dient te bestaan een brede vertegenwoordiging van onder andere consumentenorganisaties. De kosten daarvan dient door de Nederlandse Orde van Advocaten gedragen te worden om daarmee de tucht binnen de beroepsgroep te verstevigen. Het kostenaspect als gevolg van (te) veel tuchtrechtelijke procedures is nu eenmaal een goede raadgever om daarmee rekening te houden.
De Nederlandse Orde van Advocaten verzuimd al jaren structureel onderzoek te doen naar ervaringen van burgers met de voorfase van het advocatentucht bij de lokale dekens. Daarom ontbeert het structureel aan feitelijke gegevens waarmee:
· Het de Raad van State ontbrak aan feitelijke gegevens om een doorwrocht advies te kunnen geven betreffende het wetsvoorstel.
· Als gevolg heeft ook Docters van Leeuwen gedurende zijn onderzoek géén serieuze misstanden aangetroffen. Maar vervolgens wel concludeerde wel voldoende en urgente redenen heeft aangetroffen om het toezicht op de advocatuur te verbeteren, zie pagina 3 van het advies. Jammerlijk ontbeert het in het advies van Docters van Leeuwen aan een feitelijke onderbouwing, géén misstanden maar wél urgente redenen om het toezicht op de advocatuur te verbeteren?
· Ook de beperkte opdracht die mr. Hoekstra heeft gekregen van Algemene Raad van de Nederlandse Orde van Advocaten draagt ook niet bij aan een volledig transparantie en inzicht in de ervaringen van burgers.
Vooralsnog is er niets aan te merken op het voorlopige onderzoek wat mr. Hoekstra uitvoert, maar zijn opdracht is (te) beperkt en zal leiden tot onvoldoende inhoudelijk inzicht in de ervaringen van burgers met één loket, de lokale dekens. Het getuigd niet van het doorbreken van het bestaande (te) gesloten systeemtoezicht dat, de Orde niet in overleg met het bevoegd gezag of een consumenten organisatie is getreden om gezamenlijk de opdracht aan mr. Hoekstra te formuleren. Dat is een gemiste kans om bij te dragen aan een breed betrouwbaar inhoudelijk onderzoek bij alle partijen die noodgedwongen te maken krijgen met lokale dekens en dat is primair de burger.
Burgers hebben géén gezamenlijk platform, zijn niet-juridisch geschoold, hebben géén ervaring met het feitelijk/juridisch adequaat op schrift stellen van hun klachten en hebben géén ervaring met pleiten om hun ervaringen met lokale dekens onder de aandacht van een tuchtgerecht te brengen. Dan wel onder de aandacht van een daartoe bevoegd gezag te brengen. De ervaring heeft geleerd dat dekens, burgers daarbij niet behulpzaam zijn. De website van: http://www.courtwatch.nl/ biedt een mogelijkheid om hun ervaringen publiekelijk te maken. zie: ‘Lees het laatste woord’: http://www.courtwatch.nl/index...=viewcases Het is niet gebleken dat de Nederlandse Orde van Advocaten ooit een open oor heeft gehad voor de ervaringen van burgers en blijft volharden in een (te) gesloten beroepsorganisatie.
De wetgever zou duidelijkheid moeten brengen door middel van een parlementaire onderzoek, naar het functioneren van de voorfase, bij de lokale dekens. Juist omdat één loket op essentiële onderdelen ernstig tekort schiet ook omdat de Algemeen Deken géén correctiemogelijkheden, wettelijke verantwoordelijkheden en bevoegdheden zegt te hebben met betrekking tot lokale dekens. Een parlementair onderzoek zou recht doen aan de ervaringen van burgers, duidelijkheid brengen over de wijze waarop het advocatentuchtrecht al dan niet functioneert en de wijze waarop dekens omgaan met haar door de wetgever gegeven privileges en toezicht op de advocatuur. Bovendien draagt een parlementaire onderzoek bij aan volledige transparantie, de herziening en het correctiemechanisme van het toezicht op de advocatuur.
Samenvattend met ik het met de Staatssecretaris eens dat het noodzakelijk is dat de eindverantwoordelijkheid van het toezicht gewijzigd dient te worden, het gaat alleen nog niet ver genoeg. Vanwege het feit dat de beroepsgroep willens en wetens jarenlang deze verantwoordelijkheid niet heeft willen nemen, dient nu de Advocatenwet aangepast te worden. Alleen zou dat nog verder moeten gaan dan de Staatssecretaris voornemens is en een parlementair onderzoek kan daarin een belangrijke bijdrage leveren.
Zie voor PDF file: http://db.tt/UYdbWKBS