Website voor juristen

Bericht uit de multiculturele samenleving

Begin jaren negentig ben ik rechter geweest in Alkmaar. Ik behandelde veel strafzaken. In honderden, misschien wel duizenden zaken hakte ik een knoop door. Van al die dossiers is me er slechts een handjevol bijgebleven. Waarom juist die? Omdat de beslissing zo moeilijk was. Wettig bewijs was er meestal wel. Maar was het ook overtuigend? Aan welke verklaring hecht je het meest geloof? Heb je twijfel? Moet je veroordelen of vrijspreken? Zo maakte ik eens deel uit van een combinatie van drie rechters. Voor het hekje stond een verdachte die door de officier van justitie beschuldigd werd van moord op een vriendin. Nadat de beschuldiging was onderbouwd, de verdediging ontlastende gegevens had aangedragen, trokken we ons terug in raadkamer. Wat te doen? We kwamen er niet uit. Ieder van ons weegde de gegevens anders af. Technisch gezien konden we tot een veroordeling komen. Het bewijs was er, hoe flinterdun ook. Maar in de wet staat ook dat je als rechter de overtuiging moet hebben gekregen dat de verdachte het misdrijf heeft gepleegd. We probeerden elkaar te overtuigen. Uiteindelijk hebben we de man vrijgesproken, omdat een van ons die overtuiging niet had.

Ik moest weer aan die worsteling denken toen ik las over de zaak van mr White. Laat de naam je niet op het verkeerde been zetten. Mr White is zwart. Hij woont in een blanke buurt ten noorden van New York. Is het relevant dat ik dat vertel? Ja en nee.

Op een hete zomeravond in 2006 stormt zijn zoon de slaapkamer binnen. "Pa, wordt wakker, ze willen me vermoorden". Mr White springt uit bed, trekt gauw wat kleren aan en gluurt vanachter het gordijn naar buiten. Twee auto's remmen en stoppen voor het tuinpad. In totaal 5 jongens, tieners nog, stormen naar de voordeur. Ze zijn allemaal blank, hun haar is kortgeschoren. Ze roepen om Aaron, de zoon van mr White. Volgens een van de jongens zou Aaron, 20 jaar oud, een 15-jarig blank meisje hebben willen verkrachten. "Kom naar buiten, vuile vieze neger. Of ben je te laf om te vechten?" Het is duidelijk dat er drank in het spel is. Mr White loopt achterom naar de garage en haalt daar een baretta te voorschijn. Met Aaron achter zich gaat hij naar de zijkant van het huis. Daar staan de 5 jongens te schelden. "Van mijn terrein af" roept mr White. Hij zwaait met zijn vuurwapen. De jongens schreeuwen en joelen. "Vuile negers" Ze schelden mr White en Aaron uit, het is een racistische scheldcannonade. "Weg, ga weg". Mr White doet een stap naar voren. Hij houdt de baretta omhoog. De jongens deinzen terug. Maar dan spingt de kleinste van hen, de 17-jarige Daniel Cicciaro, opeens op hem af. Daniel haalt uit naar de hand van mr White. Het vuurwapen gaat af, Daniel wordt in zijn gezicht geschoten. Hij sterft.

Mr White staat terecht voor doodslag. Zijn advocaten portreteren hem als een godvruchtige man. Hardgewerkt, zijn leven lang. Van het spaargeld heeft mr White zijn droomhuis gekocht. Hij wilde zijn zoon naar een goede school sturen. Nog nooit is mr White, 54 jaar oud, met de politie in aanraking geweest. In de bewuste zomernacht raakte hij in paniek. "Het was net een lynchmob" zo omschrijft hij de 5 scheldende jongeren. "Ik wilde mijn gezin verdedigen. Ik wilde hen van mijn erf afjagen. Ik zwaaide met mijn baretta om hen schrik aan te jagen" snikt hij. "Dat het vuurwapen afging, was niet de bedoeling. Dat was een ongeluk" Het Openbaar Ministerie laat de andere kant van de medaille zien. "De jongens waren ongewapend. Al waren ze misschien fel, Mr White had andere opties. Hij hoefde zijn vuurwapen niet uit de garage te gaan halen. Hij had 911 kunnen bellen. In plaats daarvan is hij naar buiten gegaan en heeft hij met het vuurwapen geschoten. Het is geen noodweer of noodweer-exces, maar gewoon doodslag."

In de media worden beide kanten van het verhaal belicht. In de krant zie ik een grote foto van de moeder van Daniel. Ze zit geknield voor de grafsteen van haar zoon. Tranen stromen over haar gezicht. "Deze kerst is mijn lieve Daniel er niet meer bij" In een andere krant staat een foto van mr White en zijn zoon Aaron. Beiden keurig in het pak, ze komen net uit de kerk. Mr White zingt in het kerkkoor.

In de rechtszaal zitten beide kampen. Links zitten overwegend zwarte mensen. Ze geloven in de onschuld van mr White. "Hij verdedigde zijn gezin en zijn huis tegen een racistische groep gevaarlijke skinheads. Het was noodweer, toen het vuurwapen afging." Rechts in de zaal zitten overwegend blanke mensen. Ze steunen de familie van Daniel, het slachtoffer. "Waarom moest mr White met een vuurwapen op de jongeren afstormen? De jongens waren ongewapend. Ze wilden alleen met Aaron een ruzie over een meisje uitvechten.Mr White heeft doelbewust op Daniel geschoten en hem zijn leven afgenomen. Dat moet bestraft worden."

De jury bestaat uit 12 mensen en heeft wekenlang naar verklaringen in de rechtszaal geluisterd. Uiteindelijk komen ze naar buiten. Rechter Barbara Kahn vraagt naar hun oordeel. De voorzitter: "Wij, de jury van Suffolk County, achten mr White schuldig aan doodslag." Gejuich in de rechtszaal. Ongeloof in de rechtszaal. Buiten op de trap van het gerechtsgebouw flitsten de fotolampen. De familieleden van het slachtoffer en de dader worden geinterviewd. Binnen roept rechter Kahn om orde. Ze maakt bekend dat ze in februari 2008 de straf zal bepalen die bij de schuldigverklaring hoort. Tot die tijd blijft mr White op vrije voeten. Daarvoor heeft hij een borg van $100.000,- moeten betalen. "We gaan in hoger beroep" verklaren de advocaten van mr White. "Dit is een racistische uitspraak. Als White blank was geweest en Daniel Cicciaro zwart, dan was het geheid een vrijspraak geworden."

De uitspraak van de jury doet stof opwaaien. Van de twaalf juryleden, was er een zwart en een van Mexicaanse afkomst, de rest was blank. Wat wil je? Nogal logisch dat er een veroordeling uitkomt, is de reactie van veel mensen. Dan gebeurt er iets ongewoons. Een van de juryleden wordt gekweld door schuldgevoel. Hij geeft een interview aan de New York Times en verklapt het geheim van de raadkamer. Op de erbijgeplaatste foto staat Francois Larche tegen de voordeur van zijn huis geleund, een kerstkrans op de achtergrond. Zorgelijk kijkt Larche de krantenlezer aan. "Ik was onder druk gezet om mr White schuldig te verklaren".

Hij beschrijft de gang van zaken binnen de jury. Na een proces van een maand trokken de juryleden zich op woensdag terug voor beraad. Na 3 dagen was er nog steeds geen unanimiteit. Buiten stond een meute journalisten te wachten, gespannen familieleden van mr White en Daniel Cicciaro, en aanhangers van beide kampen. Het ongeduld was tot in de raadkamer voelbaar. Rechter Kahn riep de jury bij zich. " Jullie moeten net zolang beraadslagen totdat jullie er uit komen. Hou er maar rekening mee dat jullie hier met Kerst ook nog zitten. Geef je telefoonnummers door, dan bellen wij de familie." Volgens Larche ontstond er een enorme druk op hem en een vrouwelijk jurylid om van standpunt te veranderen. Tot dan toe waren zij de enige twee geweest die de verklaring van mr White aannemelijk vonden. Zij waren voor vrijspraak. 6 juryleden waren streng-christelijk. Tijdens de beraadslagingen gingen ze hardop bidden. "Laat God in het bewijsmateriaal toe" zeiden ze. Ze waren allen voor een veroordeling en verweten Larche dat hij ongelovig was. Andere juryleden voerden de druk op. Ze sloegen de deur van de toilet hard achter zich dicht. Een van de juryleden was een alleenstaande moeder. "Ik wil mijn kinderen zien". Een ander jurylid : "Mijn zoon zit in het leger en gaat binnenkort naar Irak. Ik wil naar huis". Weer andere juryleden klaagden dat ze er financieel op achter uit gingen door zo lang van hun werk weg te zijn. "Ik ben een zelfstandig ondernemer. Ik kan dit niet langer trekken.Niemand compenseert mijn verlies aan inkomsten." De juryleden ergerden zich over en weer aan elkaar. "Twee vrouwen uit de jury waren de hele tijd aan het breien tijdens het overleg. Ik kon de breinaalden tegen elkaar horen tikken. Ze wilden er niet mee ophouden. Ik werd er gek van. Hoe kun je je concentreren op het bewijs, als je aan het breien bent?"  De rest van de jury keerden zich tegen hem en het andere jurylid. " Of je verklaart mr White schuldig, of we hebben een onbesliste jury en geven de zaak terug." Larche vertelt hoe je je voelt als jurylid in zo'n situatie. "We waren gaar van vier weken luisteren naar de behandeling van de zaak en van de discussies in raadkamer. Je slaapt niet, je hebt geen honger meer, je mond is droog van alle vijandigheid om je heen." Toen het zaterdagavond was, brak er iets in Francois Larche. "Ik kon niet meer. Ik zei tegen het andere jurylid : Ik geef het op. Ik ben er klaar mee. Ik ga voor schuldig." Binnen enkele minuten liep de voltallige jury de rechtszaal in om het vonnis bekend te maken.

De zwarte dominee Al Sharpton heeft zich inmiddels met al zijn gewicht op de zaak geworpen. Hij kondigt een protestmars aan voor begin januari 2008.

En jurylid Francois Larche verklaart in de krant: "Ik hoop dat de mensen van de staat New York mr White een nieuw proces geven in een ander deel van de staat. In Suffolk County krijgt hij toch geen eerlijke kans."

Hoe democratisch juryrechtspraak ook moge zijn - je wordt door een vertegenwoordiging van de gemeenschap berecht daar waar het misdrijf is gepleegd- toch ben ik voor het Nederlandse systeem. Berechting door drie professionele rechters biedt meer waarborgen voor een eerlijke beoordeling.

Reactie (0)


Schrijf reactie. Reacties worden eerst door de webmeester van Mr. gecontroleerd alvorens deze geplaatst worden. Anonieme reacties worden niet geplaatst.

busy