Website voor juristen

Dory Reiling

Drukte in oktober

Oktober was een prettig drukke maand, met een paar leuke bezigheden om nieuwe inspiratie op te doen voor het gewone werk, het ontwikkelen van de digitale procedure in het civiele recht.

 

Meten is – alweer – weten

Alweer sneller! Het is zondagmorgen. Ik ben net terug van mijn wekelijkse rondje rennen. Mijn gps-hartslagmeter geeft me een keurig rapportje met de route op een kaartje, de gelopen afstand, de tijd die dat gekost heeft, de gemiddelde en maximale hartslag, het hoogteverschil en het aantal verbrande calorieën. Als ik wil kan ik het delen met mijn vrienden op Facebook of mijn volgers op Twitter.

 

De zelfrijdende rechter

Stel je voor: de google-auto rijdt zonder menselijke interventie en maakt minder ongelukken dan een menselijke bestuurder. Dat spreekt enorm tot de verbeelding, want dat willen we allemaal wel. Even een reality check. Marieke Martens, hoogleraar intelligente transportsystemen aan de Universiteit Twente, legt in de Volkskrant van zaterdag 6 september 2014 uit dat er gemakkelijk wordt gedacht over de automatisch rijdende auto. Er zijn vijf niveaus van autonomie. Op niveau nul doet de bestuurder alles. Bij vijf breng de auto ons automatisch van A naar B. Het verschil tussen vier en vijf is gigantisch. Vier is: soms rijdt de auto automatisch en soms moet de mens het overnemen. Naar schatting zijn we over tien jaar bij vijf. De auto die ons automatisch van A naar B brengt is er dus nog niet. En: je kunt niet meteen naar stap vijf. Elke stap is nodig om de volgende te ontwikkelen.

 

Kaizen of Klagen

In NJB 26 staat een stuk over doorlooptijden in de rechtspraak. De conclusie van dat stuk: het bekortingspercentage van 40% [dat staat in de Agenda voor de Rechtspraak 2015-2018, D.R] berust op een ondeugdelijk fundament. Toen ik het las vroeg ik mij af of dat erg is. Een bekortingspercentage van 20% lijkt me ook al flink winst. Eerlijk gezegd vind ik het ook niet zo interessant of die conclusie klopt of niet. Daar gaat dit blog dan ook niet over.

 

Samen naar de eKantonrechter

De eKantonrechter staat sinds deze week open voor burgers die zelf een geschil willen voorleggen. Ik heb al een paar keer eerder geschreven over een eenvoudige, snelle, grotendeels digitale procedure die de rechter toegankelijker maakt voor burgers. De eKantonrechter rechtsgang is gebaseerd op artikel 96 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering: partijen kunnen een geschil samen aan de kantonrechter voorleggen. De kantonrechter bepaalt de procedure. Er is voor de eKantonrechter een apart procesreglement. De procedure verloopt helemaal digitaal, alleen de mondelinge behandeling is nog face to face. Dat betekent dat de partijen hun geschil in een webformulier omschrijven en digitaal naar de rechtbank sturen. Daar wordt de informatie direct opgeslagen in het informatiesysteem van de rechtbank en in een digitaal dossier. De partijen communiceren digitaal met de rechtbank, en vice versa. Na de zitting komt het vonnis in het digitaal dossier. Daarmee is de procedure klaar.

 

Een herinnering en een observatie

Als ik dit schrijf zijn er net weer verkiezingen geweest in Zuid-Afrika. Het is precies twintig jaar geleden dat er in Zuid-Afrika voor het eerst democratische verkiezingen waren. De Verenigde Naties hadden een waarnemersmissie georganiseerd. De missie heette Unomsa, United Nations Observer Mission in South Africa. In het Zulu betekent Unomsa verzoening. Mooi gevonden.

 

Keuzestress!

Het manifest van Leeuwarden heeft veel interessant onderzoek veroorzaakt. Mijn vorige blog ging over werkdruk, waar toen net een rapport over was verschenen in opdracht van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak (NVVR). Kort geleden verscheen alweer een interessant rapport, dit keer over de governance in de rechtspraak. Het is het resultaat van een onderzoek van het Nederlands Instituut voor Openbaar Bestuur, naar aanleiding van het manifest van Leeuwarden, in opdracht van de Raad voor de Rechtspraak.