Website voor juristen

Begin december was ik even terug in Tbilisi, de hoofdstad van Georgië. Ik was er elf jaar niet geweest, en er is veel veranderd. Er komt nu drinkbaar water uit de kraan. Het plaveisel is gerepareerd. Het is veilig op straat, en gezellig in de stad.

 

Gefeliciteerd, Mr. Magazine, met het tienjarig bestaan.

Zo’n mijlpaal is meestal een aanleiding om vooruit en ook terug te kijken. Eerst maar even terug. Eind 2008 ben ik zelf als blogger bij mr-online.nl begonnen. Als ik me goed herinner was dat ook het begin van mr-online, de digitale spruit van Mr. Magazine. Hoewel mijn blogs nooit veel ophef hebben veroorzaakt was er binnen mijn rechtbank wel discussie over de vraag of en hoe je als rechter in de publiciteit kon treden. De of-vraag is inmiddels volmondig positief beantwoord. Het is goed voor de rechtspraak dat er rechters in de openbaarheid actief zijn. De hoe-vraag is interessanter. Binnen de rechtspraak zijn we het er wel over eens dat optreden in de openbaarheid het aanzien van de rechtspraak niet mag schaden. Dat geeft wel wat beperkingen maar daar heb ik zelf eigenlijk nooit last van gehad.

 

CTC2015

De Court Technology Conference was dit keer in Minneapolis, Minnesota. Zoals gebruikelijk heb ik vanaf de conferentie dagelijks geblogd. De track over tools for the 21st century judge was mijn focus. Wat hebben rechters nodig als ze digitaal gaan? Rechters doen maar een paar dingen, zei iemand: beslissingen nemen en schrijven, dossiers raadplegen en onderzoek doen. Meer hoeven ze dus ook niet te kunnen. Dus: tekstverwerken, een dossierviewer en toegang tot kennissystemen zijn voldoende. Maar dat dan wel aanbieden op één webpagina. Ergens hadden ze voor de rechters ook een mooi staafdiagram met de eigen statistiek gemaakt. Vertrouwelijk, alleen voor jezelf: hoeveel zaken moet je nog, wat is je doorlooptijd, dat soort dingen. Ik vind dat heel mooi, maar er zijn ook rechters die dat liever niet zien.

 

De laatste week van augustus kwam de Europese Studiegroep naar Openbaar Bestuur (EGPA) bij elkaar in Toulouse. Achttien studiegroepen wisselen jaarlijks hun nieuwste onderzoek uit. De groep waar ik zelf mocht presenteren onderzoekt Justice and Court Administration, rechtspleging en rechtspraak. Drie dagen lang trakteerden meer dan vijftien sprekers ons op divers onderzoek. Wat kun je wel niet allemaal onderzoeken? Hier een paar highlights.

 

Van allerlei kanten werd ik de laatste tijd geattendeerd op een blog van prof. Dr. Eddy Bauw. Hij spoort Griekenland aan de civiele rechtspraak te hervormen, want dat helpt om de economie te laten groeien. En Nederland is bij uitstek geschikt om daarbij te helpen omdat Nederland wereldwijd een topscorer is en bovendien bezig om de civiele rechtspraak ingrijpend te hervormen en te digitaliseren. Dit laatste moet in 2018 zijn beslag gekregen hebben. Nou zijn we met dit laatste wel bezig, maar of die mooie plannen allemaal gaan lukken, weten we natuurlijk nog niet. Er is in de rechtspraak ook bepaald geen consensus over of die doorlooptijdverkorting met 40% gaat lukken. Zie mijn eerdere blog daarover.

 

Leuk: een nieuwe theorie over verschillen tussen rechtssystemen – maar wat heb je daar nou aan? Zo begon ik aan het boek van Nuno Garoupa en Tom Ginsburg over Judicial Reputation. Het boek is nog niet uit, maar omdat ik in een forum zat met Garoupa kreeg ik een drukproef om te weten waar het over moest gaan. Over het forum straks meer.

 

De KEI-software voor de digitale procedure in de civiele rechtspraak is zo ver klaar dat we kunnen gaan testen. Eind maart zijn de eerste testgebruikers naar Utrecht gekomen om te proberen hun werk te doen met onze nieuwe software. Sindsdien hebben we elke zes weken een paar groepen gebruikers op bezoek gehad: rechters, juridisch medewerkers, administratief medewerkers, functioneel beheerders, advocaten en hun ondersteuners.