Website voor juristen

De mutsen van de rechtbank

Kort geleden brachten we met een delegatie van de rechtbank een bezoek aan een bajes. In het busje op weg naar de bajes: negen vrouwen en de chauffeur. Nou, ze zullen wel denken: daar komen de mutsen van de rechtbank, zei een van de secretarissen.

Sinds mijn rechterlijke carriere begon is er heel wat veranderd in de verhouding tussen de seksen. Hoewel, je kon het al zien aankomen. Toen ik in juni 1979 solliciteerde vertelde iemand van de Raio-selectiecommissie dat de commissie relatief meer vrouwen dan mannen aannam. Van de 72 mannen die het jaar ervoor hadden gesolliciteerd waren er 12 aangenomen, en van de 24 vrouwen ook 12. Niet uit positieve discriminatie, maar "gewoon omdat ze beter waren". Mijn hoogleraar burgerlijk procesrecht, Verpaalen, zei op college al dat vrouwen betere rechters waren dan mannen. Ze zijn meer bindend, kunnen beter relaties onderhouden.

In die tijd waren de mannen nog wel de baas van de gerechten. In de rechtbank waar ik kwam te werken waren vrouwen in broek ongewenst, tenminste als het raio's waren. Ik droeg mijn haar toen al net als nu, maar dat lange haar vonden ze maar niks. Volgens mij vonden sommigen het hele idee van vrouwen als rechter niks, en kon je het dus qua kleding ook nooit goed doen.

Er kwamen steeds meer vrouwen die als rechter-plaatsvervanger part time recht spraken. Handig als je kinderen thuis had. Voor de carrière was het minder, want ze bouwden geen anciënniteit op en moesten elke vijf jaar herbenoemd worden. Een collega wilde solliciteren als vicepresident, maar dat werd afgeraden omdat haar man toch een goed salaris had, en ze de kostwinners onder de rechters niet in de wielen moest rijden. Pas toen was vastgesteld dat die rechtspositie discrimineerde en bovendien - met die periodieke herbenoeming - de rechterlijke onafhankelijkheid bedreigde, werd het mogelijk om part time rechter te worden met een volledige rechtspositie.

Nu ik na een lange afwezigheid weer terug ben ziet het er heel anders uit. Bij ons in het gebouw zie je koffiehoeken met gezellig ogende koektrommeltjes. Een meervoudige kamer bestaande uit drie vrouwen is heel normaal. Er wordt veel meer samengewerkt. Of er een verband is weet ik niet. We verdelen de zaken, en alle leden behandelen zelf zaken. Heel wat anders dan de heroiek van de voorzitter die de hele zitting lang alles zelf deed en zich er zelfs op liet voorstaan dat hij geen plaspauze nodig had.

Binnen de rechtspraak hoor ik rond het vrouwelijk gehalte van de rechtspraak zorgen over twee dingen: aanzien en geschiktheid. Is het functieprofiel te vrouwelijk? Zijn vrouwen gewoon beter?

Aanzien was al heel lang een punt van bezorgdheid. In de jaren '80 zat ik tijdens het diner bij de NVvR-jaarvergadering eens naast mevrouw Minkenhof, toen nog de enige vrouw in de Hoge Raad. Zij deelde het toen nog wel heersende idee dat het toenemen van het aantal vrouwen het aanzien van de rechtspraak in gevaar zou brengen. Dat idee had een soort wetenschappelijke onderbouwing gevonden in het werk van Evelyne Sullerot, een Franse sociologe die had aangetoond dat vrouwen overwegend werkzaam waren in beroepen met minder aanzien en lagere betaling. Ik heb dat altijd van een grote treurigheid gevonden. Net als die van zwarte mensen die witte mensen als schoonheidsideaal aanwijzen.

Die zorg om het aanzien is trouwens nog niet weg. Laatst opperde Carla Eradus, president van de Amsterdamse rechtbank, dat het functieprofiel van de rechters misschien wel te vrouwelijk was. Dat klinkt heel zakelijk en concreet, als iets dat je kunt onderzoeken. Dus heb ik het functieprofiel van de rechter maar eens opgezocht op rechtspraak.nl. Dat profiel is een tekst van zeven pagina's. Dat kan ik hier dus niet samenvatten. Klik hier voor het hele stuk. Dit is het lijstje van de vaardigheden: integriteit, zelfvertrouwen, stevigheid (het staat er echt, zoek maar op), luisteren, mondelinge uitdrukkingsvaardigheid, schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid, probleemanalyse, oordeelsvorming, prioritering, besluitvaardigheid, samenwerken, omgevingsbewustzijn, leervermogen, zelfreflectie, kwaliteitsgerichtheid, delegeren, sociabiliteit. Misschien schiet mijn voorstellingsvermogen tekort, maar ik kan hier geen overdosis vrouwelijkheid in ontdekken. Kan iemand uitleggen welke vaardigheden van Mars, en welke van Venus komen? Trouwens, wat moet je je daar bij voorstellen? Bij nader inzien hangt dat er maar net van af wat je onder ‘vrouwelijk' wilt verstaan, en daarmee wordt de discussie meteen al een stuk minder zakelijk en concreet. Moeten we terug naar de man als jager, of is dat meer iets voor het OM?

Er zit denk ik niks anders op dan met Verpaalen en de raio-selectiecommissie vast te stellen dat de vrouwen inderdaad beter zijn: geselecteerd op het profiel, en vervolgens jarenlang beoordeeld op onze prestaties. Dat zijn objectieve, zakelijke maatstaven die noodzakelijk zijn in een kennismaatschappij. Communicatietalent en goed kunnen omgaan met emoties komen goed van pas in de Nederlandse rechtscultuur die het vooral van onderhandelen moet hebben. En de mutsen van de rechtbank? Die zijn daar op uitgezocht.

Reactie (0)


Schrijf reactie

busy