Website voor juristen

The Fermata

Goedemiddag Literatuurvrienden!

Een broertje dood heb ik er aan: dicteren. Vraag me niet waarom, maar ik krijg geen fatsoenlijke zin gezegd in de digitale 'Bighand', waardoor het vroegere dicteerapparaat met cassette (ook wel 'tape' of – nog erger - liefkozend 'tapeje' genoemd) inmiddels is in zowat ieder doorsnee advocatenkantoor is vervangen. Het ge-cross door kantoor met tapejes, richting secretaresse, gevolgd door een afgemeten uitgesproken, 'kun je dit tikken?', of nog korter: 'tikken!', lijkt hiermee nagenoeg bijgezet te kunnen worden bij andere relikwieën van het klassieke advocatenkantoor, zoals steno, carbonpapier, doorslagpapier (voorzien van de heilige drie-eenheid van origineel, copie cliënt, copie dossier), stencil, de revolutionaire IBM met letterbolletje en de nimmer werkende matrixprinter. De 'Bighand' - de fetisj van de efficiënte dicteerder – bewaakt echter de orale traditie in het advocatenvak - en daar kunnen mijn dicterende zusters en broeders nog decennia mee vooruit, zelfs zonder vanaf de werkplek te komen, want het digitale bestand, kan de secretaresse, zonder vanaf de werkplek te komen, wel 'ophalen'. Even voor de goede orde: de orale traditie juich ik toe, maar dan vooral in de rechtszaal bij pleidooien (waar papier dan eigenlijk weer zou moeten, maar in Nederland kennelijk niet mág, ontbreken).

Nee, mij kan het niet bekoren, dat dicteren, hoe diep ik ook buig voor mensen (ik ken er overigens slechts één) die zelfs een boek kunnen dicteren, want een boek dat schrijf je met potlood, pen of toetsenbord. Woorden en zinnen, die aan het papier toevertrouwd moeten worden, moet je zien, meen ik, en wel wanneer je ze vormt. Laat u toch niet foppen door de wel geopperde gedachte der dicteerders dat dicteren sneller is dan typen! De oorsprong van die gedachte is in veel gevallen het niet of enkel uiterst traag met één of twee vingers kunnen typen. Vanzelfsprekend waait daarnaast de wind tegen het zelf typen ook nog uit andere hoek: de advocaat die uit principe nimmer (blind) heeft leren typen, omdat hij/zij niet voor niets niet op Schoevers heeft gezeten!

Toch moet ik wellicht terugkomen op mijn schreden na herlezing van Nicholson Baker's 'The fermata', dat ik voor het eerst las bij de verschijning in 1994 ("The funniest book about sex ever written", quote het boek op de cover Kate Saunders in Literary Review) en dat nog steeds leest als een trein, alhoewel je wel tegen een stootje moet kunnen, want het is vol goede, hilarische ‘funny sex’ van vóór tot achter. Puriteinen kunnen het echter beter links laten liggen. Hoofdpersoon, Arno Strine, nota bene een 'temporary typist' (jawel dames en heren hij bestaat), heeft een bijzondere gave: hij kan met een vingerknip – à la Tita Tovenaar – de tijd (de loop der dingen) stil zetten. Dan doet Strine naast het typen waar hij goed in is: hij ontkleedt dames. Strine ‘doopt’ de rust die intreedt na de vingerknip en alles om hem heen doet verstillen als de fermate. Dan slaat Strine zijn slag, tikt en dicteert ondertussen zijn fantasieën voor na de rust en knipt dan de tijd weer aan, hetgeen ongekend grappige ontboezemingen en méér oplevert. The Fermata fungeert als Strine’s ‘Fold’ autobiografie: ‘I am going to call my autobiography The Fermata, even though “fermata” is only one of the many names I have for the Fold. “Fold”, is obviously, another. Every so often, usually in the fall (perhaps mundanely because my hormone-flows are at their highest then), I discover that I have the power to drop into the Fold. A Fold-drop is a period of time of variable length during which I am alive and ambulatory and thinking and looking, while the rest of the world is stopped, or paused. Over the years, I have had to come up with various techniques to trigger the pause, some of which have made use of rocker-switches, rubber bands, sewing needles, fingernail clippers, and other hardware, some of which have not. The power seems ultimately to come from within me, grandiose as that sounds, but as I invoke it I have to believe that it is external for it to work properly. I don’t inquire into origins very often, fearing that too close a scrutiny will damage whatever interior states have given rise to it, since it is the most important ongoing adventure of my life.

Vanzelfsprekend – maar dat raadde u al - ontbreekt in deze type- en dicteeromgeving de advocatuur niet, ook al brengt Arnold (35) haar voor het eerst te berde, gezeten op de zesde etage van de Massbank in ‘downtown Boston’, waar hij aankijkt tegen Joyce, voor wie hij dictaten uittikt op een Casio CW-16: ‘I’m looking up at a woman named Joyce, whose clothes I have rearranged somewhat, although I have not actually removed any of them. I’m looking directly at her, but she doesn’t know this. (…) Before I snapped my fingers to stop the flow of time in the universe, Joyce was walking across the carpeting in a gray-blue knit dress, and I was sitting behind a desk twenty or thirty feet away, transcribing a tape. I could see her hipbones under her dress, and I immediately knew it was time to Snap in.’ Gek is Arnold van Joyce, vooral van het door haar gedicteerde proza: ‘One of her more recent dictations ended with something like “Kyle Roller indicated that he had been dealing with the subject since 1989. Volume since that time has been $80,000. He emphatically stated that their service was substandard. He indicated that he has put further business with them on hold because they had ‘lied like hell’ to him. He indicated he did not want his name mentioned back to the Pauley brothers. This information was returned to Joyce Collier on-“and then she said the date. As prose it is not Penelope Fitzgerald, perhaps, but you crave any tremor of life in these reports, and I will admit that I felt an arrow go through me when I heard her say “lied like hell”. Zo belandt Arnold dan op de erotiek van het dicteren en uittypen, meer in het bijzonder in de advocatuur: ‘In my own case, I often get thoroughly hypnotized by the tapes of women dictators. Women litigators, especially, when they say things like "Although there are not hornbook rules," my breathing elevates.’ Een hornbook, by the way, is niet een boek waar de –y achter de horn is weggevallen, maar een soort van ‘tekst en commentaar’ bij rechtsgebieden, waarbij het commentaar de tekst is en de tekst het commentaar.

Daar komen dus al die tevreden dictaat-gezichten vandaan!, ook al ontgaat dat wellicht de dicteerders zelf, maar wellicht werpt de visie van Arnold een nieuw licht op het geheel, hetgeen mogelijkheden biedt om het ongekende wellicht alsnog te exploreren. Vanzelfsprekend richt ik mij niet tot de dicteerders voor wie het inzicht van Arnold slechts een oude vertrouwde dimensie vormt. Hen kan ik wellicht toch nog gelukkig maken met de ongekende mogelijkheden van de ‘Fold’, die dichterbij is dan u wellicht vermoedt, meer in het bijzonder voor advocaten die zich bezighouden met sale-and-leaseback, zoals onderstaande passage bewijst:

One other woman, a paralegal at a small firm in a building with a statue of Edward Coke in front, gave me a long and interesting answer to my question one evening, when we were working late assembling the documents in a huge real estate sale-and-leaseback agreement. Her name was Arlette. We walked around and around a conference table, piling one copy of some ancillary agreement on top of another in a soothing rhythm, and eventually I asked her for her toughts on what she would do with a PAUSE button that stopped life rather than videotapes. Let me try to record what she said exactly – I took a few notes at the time. "Well," she said, "I think first I would just sit and think for a while and try to comprehend the fact that I was the only person around who was able to move. Then I'd plan out the little revengeful thing I could do. I'd bring it to work, definitely. I could put some of those Dennison colored dots on Stephen Milrose's evil face, one by one. While he is sitting there at Tuesday Conference, making his nasty little comments, shooting everyone down, ridiculing people for no reason, I'd pick a word, some harmless word that he says a lot, like for instance 'backside'. Every time he said that some deal or some client was going to 'turn around and bite us in the backside’, I'd hit the PAUSE button and stick a yellow dot on his face. I would love to do that! They would add up, too! That would give me enormous satisfaction, to see his face file up with a rash of dots. Nobody would say anything, but he'd be covered. He loves to say, 'Time out, time out.' I'd be merciless – every time he said, 'Time out,' making that T with his hands, I'd time-out for real and stick a little green dot on his face. It would be such a screech to see his evil little face get totally covered with yellow and green dots. So that kind of thing is number one – performing little pranks like that on the top two or three true assholes on this floor. I'd have to get that out of my system. But then I would have to think, I'd have to think ...'

Dat denken duurt even, maar niet lang en zet Arlette dan op het spoor van advocaat Mark Thalmeiser (‘Mark is sex on wheels, in a way’), maar ook op dat van diens vrouw Kari Thalmeiser (‘His wife is sex on wheels, too.’), waarna een enscenering volgt die bitter weinig met dicteren van doen heeft, maar alles met bloemen, het merk Hitachi, Zen en Paradise Postponed van John Mortimer, om maar wat te noemen. Verderop, beste dicteerders, ontmoet u ook nog Arno Van Dilden, TorqueMaja Desnuda en de Royal Welsh Fusilier, maar die gaan het bestek en omvang van de eerste, de beste dicteersta(a)f verre te buiten. Voor u zich niet meer kan bedwingen, naar de boekhandel te rennen: het boek schijnt in herdruk te zijn.

Snap your fingers!
BANNING N.V.

Gino van Roeyen

Reactie (0)


Schrijf reactie. Reacties worden eerst door de webmeester van Mr. gecontroleerd alvorens deze geplaatst worden. Anonieme reacties worden niet geplaatst.

busy