Website voor juristen

Den Haag is een gevaarlijke stad

Alhoewel veel niet-hagenezen denken dat Den Haag saai is, is niets minder waar. Den Haag bruist als je wilt en biedt rust als je het zoekt. Nou ja, dat laatste meestal dan.

Anton, een jong mens van 19 jaar, bezocht in de Haagse binnenstad medio september 2008 een leuke uitgaansgelegenheid. Het was weekend en ja er werd wat gedronken.

Vlak voordat Anton wilde vertrekken deed er zich op straat vlak bij de discotheek een opstootje voor, hetgeen uitliep in een matpartij. Er raakte mensen gewond. Ondanks dat Anton bij hoog en bij laag beweert binnen te hebben verbleven toen er werd gevochten wezen een drietal personen hem aan als een van de vier vechtjassen. Twee van hen wisten hem te herkennen aan zijn zwarte bovenkleding.

Kort nadat ik bij de zaak betrokken raakte stonden Anton en ik bij de raadkamer van de Haagse rechtbank. Zij zou beslissen of Anton in voorarrest moest afwachten op de zitting. Mijn betoog dat het herkennen aan zwarte kleding niet bepaald sterk was werd in dit stadium van de strafzaak van de hand gewezen. Een poging tot humor door te verwijzen naar het feit dat wel meer mensen in zwart gekleed gaan, zoals de officier van justitie in de raadkamer en de voorzitter, deden me beseffen dat ik mijn grapjas voortaan beter thuis kan laten.

Een tweetal schriftelijke verklaringen die mijn cliënt een alibi boden overtuigden kennelijk niet. Ook niet toen ik aandacht vroeg voor het feit dat de politie wel erg snel was met het opnemen van belastende verklaringen, terwijl ik op zijn minst weken zou moeten wachten om ontlastende verklaringen via een getuigenverhoor bij de rechter commissaris aan het dossier toe te laten voegen.

Kortom: de raadkamer vond dat er voldoende verdenking (lees: ernstige bezwaren) was (waren).

De volgende vraag was of er een grond was om mijn cliënt langer vast te houden. "Nee", zei ik. "Ja", zei het OM. Zij vond dat er herhalingsgevaar was. Ik keek, maar zag het niet. "Welnu", zei de officier: "Anton heeft een strafblad. En het gaat om soortgelijke delicten. Bovendien zou er gevochten zijn zonder aanleiding en aanwijsbare reden".

Ik kon erop wijzen dat het niet geheel om dezelfde delicten ging. Een snelle lezer zag dat een eerdere veroordeling openlijk geweld betrof, maar hier stond bij dat het ging om een feit gepleegd tegen goederen tijdens oud en nieuw. "Een vreugdevuurtje", wist Anton. Accoord. Dat mag niet, maar ik vond het wat anders dan vechten. Er was ook nog een mishandeling. De pleegdatum was ergens in oktober 2001 en de zaak was afgedaan middels een transactie waarbij Anton 24 uur onbetaald werk had verricht. Ik trachtte enerzijds de ernst te nuanceren en anderzijds betoogde ik dat het een gedateerde kwestie betrof. Anton bleek alweer een groot aantal jaren schoon te zijn.

Dat er was gevochten zonder aanleiding en aanwijsbare reden vond ik al evenmin sterk. Het OM brengt dat zo n beetje standaard in als het om geweld gaat. Ik vind het een nietszeggend argument. Het suggereert immers dat er ook een situatie is waarbij geweld wel een goede reden kent, zodat er legitimatie voor bestaat. Volgens mij kan dit slechts in uitzonderingsgevallen aan de orde zijn, te weten wanneer er sprake is van zelfverdediging. Er is met andere woorden niet snel een goede reden voor geweld.

Verheugd was ik ondanks alles over de genuanceerde houding van het OM ten opzichte van het uiterst subsidiaire schorsingsverzoek. Dit kwam erop neer Anton wegens persoonlijke omstandigheden onder voorwaarden  in vrijheid te stellen. Anton had een baan, deed een opleiding en was mantelzorger voor een ziek familielid. Ondanks deze te waarderen houding van de officier bleef ik me principieel op het standpunt stellen dat er geen herhalingsgevaar was.

Ik had geen gelijk, althans niet in de ogen van de raadkamer. Er waren ernstige bezwaren, er was herhalingsgevaar, dus een grond voor voorlopige hechtenis, maar de voorlopige hechtenis zou wel onder voorwaarden worden geschorst. Er was reden om tevreden te zijn. Anton was tevreden en tsja, de klant is koning.

Toch verzuchtte ik op kantoor dat het een gevaarlijke situatie was. "O, worden de rechten van verdachten weer verder ingeperkt?", vroeg een kantoorgenoot die interesse veinsde. "Nee", repliceerde ik: "Mensen die bijvoorbeeld zeven jaar geleden hebben gevochten, recenter fikkie hebben gestoken en verdacht worden zonder goede reden te zijn gaan vechten vertonen herhalingsgevaar. Aan een dergelijk norm voldoen wel heel wat meer mensen vermoed ik. Den Haag is dus gevaarlijk". Wees eerlijk: zo heel gek is deze gedachtegang toch niet als je de door de raadkamer ingezette lijn doortrekt? En ja, wie ben ik om de rechter tegen te spreken. Mijn hart zegt dat de drempel om mensen op te sluiten zo wel erg laag wordt, maar mijn verstand zegt dat de rechter t laatste woord heeft. Zelfs als ik hierbij mopper.

Reactie (0)


Schrijf reactie. Reacties worden eerst door de webmeester van Mr. gecontroleerd alvorens deze geplaatst worden. Anonieme reacties worden niet geplaatst.

busy