Mr.
MR. 5 2020 / 33 slachtofferadvocatuur “BIJ SLACHTOFFERS BESTAAT NOG VEEL ONWETENDHEID OVER HET DOEN VAN AANGIFTE” ook. Bij andere zaken moet je beter on- derbouwen dat het slachtoffer blijvend letsel heeft.” Hoewel dat niet altijd lukt en soms het slachtoffer in de kou staat, vindt Geraads toch dat Nederland een goede regeling heeft voor slachtoffers – los van de vergoeding. “De betaling voor sociaal advocaten is in alle rechtsgebie- den mager. We verdienen een boterham, ook door betaalde zaken die we doen, maar die heeft geen dik beleg.” SCHADE Dat het aantal toevoegingen voor de be- nadeelde partij (O013) in de afgelopen vijf jaar is gehalveerd, komt volgens Inge Raterman (Cleerdin & Hamer, Amster- dam) doordat de specialisatie toen is ingevoerd. Daarvóór kon elke advocaat met de strafrechtspecialisatie slachtoffers bijstaan, sinds vijf jaar alleen advocaten die een aparte cursus hebben gevolgd. Zo’n cursus duurt drie dagen, is kostbaar én jaarlijks moet je als specialist mini- maal zes vorderingen benadeelde partij doen. Slachtoffers die schade hebben geleden, moeten dat eerst via Slachtofferhulp zien te verhalen – die ondersteuning is gratis. Maar is de vordering (te) complex, dan kan een advocaat worden ingeschakeld. Slachtoffers van zeden- en geweldsmis- drijven hebben vaak complexere schades – die worden dan van Slachtofferhulp overgeheveld naar de slachtofferadvoca- tuur. Voor Raterman heeft zowel het bijstaan van een verdachte als het bijstaan van slachtoffers aantrekkelijke aspecten. “Als je zowel slachtoffers als verdachten bij- staat, leidt dat tot meer begrip voor bei- de kanten. Dat is erg leerzaam, juist ook omdat je als advocaat van de verdachte steeds vaker te maken krijgt met een vordering benadeelde partij.” Zelf is zij sinds 2014 strafrechtadvocaat en staat sinds twee jaar ook slachtoffers bij. “Dat heeft er toe geleid dat ik ook meer be- grip heb gekregen voor de positie van het slachtoffer in het strafproces.” Nu slachtoffers advocaten beter weten te vinden, stelt Raterman steeds vaker een vordering in voor de benadeelde partij. “Het gaat dan in de regel alleen om com- plexe schades. Er moet sprake zijn van zwaar lichamelijk letsel, een zedenfeit of iemand moet nabestaande zijn van een slachtoffer dat overleden is. Als hier geen sprake van is, dan kan de Z110- toevoeging worden aangevraagd wan- neer Slachtofferhulp geen hulp kan ver- lenen en er sprake is van een juridisch of feitelijk complex vast te stellen schade. Daarbij kun je denken aan een voeging in een omvangrijke fraudezaak.” Sinds kort is het ook mogelijk om affectiescha- de te vorderen voor nabestaanden van slachtoffers. De situatie lijkt daarmee voor slachtof- fers beter te zijn, maar Raterman ziet ook nog veel onwetendheid. “Iemand die stelt slachtoffer te zijn geworden van een misdrijf moet bij de politie aangifte doen. Dat doen veel mensen niet direct, ik moet echt dagelijks mensen daarop wijzen. Zonder aangifte wordt een zaak niet opgepakt. Maar zelfs wanneer aan- gifte is gedaan merken slachtoffers soms dat de politie de zaak niet rond krijgt of dat een zaak lang stil blijft liggen. Ook is er natuurlijk altijd nog de mogelijk- heid dat een verdachte wordt vrijgespro- ken, omdat er onvoldoende bewijs is. Dat toont dat ons rechtssysteem goed werkt, maar het leidt soms ook tot onbe- grip en onzekerheid bij slachtoffers. Ook daar is voor de slachtofferadvocaat een rol weggelegd, omdat die de situatie kan uitleggen en er hopelijk voor kan zorgen dat het slachtoffer de zaak beter begrijpt.” • PILOT RECHTSHULPPAKKET VOOR SLACHTOFFERS Slachtoffers staan ook weer op de politieke agenda. Zo riep Kamerlid Madeleine van Toorenburg in een motie de regering op bij het inrichten van rechtshulppakketten met voorrang aandacht te besteden aan slachtoffers. Ook wil zij dat deze pakketten – con - form bestaande afspraken – kosteloos beschikbaar worden gesteld aan slachtoffers van ernstige gewelds- en zedendelicten. Aanleiding voor deze motie was het WODC- onderzoek naar de positie van de slachtofferadvocatuur. Want die kent aantal serieuze knelpunten, zoals de doorverwijzing, de onderlinge taakverdeling, de opleiding en de deskundigheid, en natuurlijk de vergoeding. Mede om die reden wordt gestart met een pilot ‘rechtshulppakket voor slachtoffers’. Bij de inrichting daarvan wordt de taakverdeling tussen de ondersteuning door Slachtoffer - hulp Nederland aan de ene kant en de slachtofferadvocaat aan de andere kant verder verduidelijkt. Daarnaast wordt geëxperimenteerd met het invoeren van een piket - dienst voor slachtofferadvocaten. De pilot moet bijdragen aan het ontwikkelen van een rechtshulppakket voor slachtoffers van ernstige gewelds- en zedenmisdrijven. Op dit moment wordt met betrokken partijen (Slachtofferhulp Nederland, slachtof - feradvocatuur, politie en de Raad voor Rechtsbijstand) gesproken over de nadere in - vulling van de pilot. De start van de ‘realisatiefase’ van de pilot werd vanwege de coronacrisis uitgesteld naar 1 september 2020. Naar verwachting eindigt de pilot in juni 2021. Inge Raterman (Cleerdin & Hamer): “Het is heel leerzaam om zowel slachtoffers als verdachten bij te staan.”
RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=