Ondernemingsrecht

Modernisering Personenvennootschappen: over benutte en gemiste kansen

Foto: Depositphotos

Al bijna een halve eeuw tracht men in Nederland te komen tot een nieuwe wettelijke regeling voor de personenvennootschap. De maatschap, vennootschap onder firma (vof) en de commanditaire vennootschap (CV) zijn nu verspreid geregeld in Boek 7A BW en het Wetboek van Koophandel. De regeling stamt goeddeels nog uit de Franse tijd. Zij is bijgevolg archaïsch geformuleerd, niet toegesneden op de huidige behoeften en slechts te doorgronden met gedegen kennis van de rechtspraak van de Hoge Raad. Het onlangs gepubliceerde voorontwerp van de Wet Modernisering Personenvennootschappen moet daar een einde aan maken.

Wat meteen opvalt, is het heldere en beknopte taalgebruik in het voorstel. Dit is een compliment aan de Commissie-Van Olffen die het voorwerk verrichtte. Inhoudelijk brengt het voorstel een aantal wijzigingen ten opzichte van het huidige recht. Ik noem de belangrijkste tien punten:

  1. De wettelijke aanduiding van elke personenvennootschap is vennootschap.
  2. Het onderscheid tussen beroep (maatschap) of bedrijf (vof) vervalt.
  3. Elke vennootschap heeft rechtspersoonlijkheid zonder notariële akte.
  4. Boek 2 BW is niet van toepassing, behalve de artikelen 2:4 lid 2 en art. 2:5 BW.
  5. Een vennoot onthoudt zich van de ‘verdachte’ handelingen genoemd in art. 3:46, lid 1 onder 3e t/m 6e BW, alsmede van corporate opportunities en concurrerende activiteiten.
  6. Alle vennoten zijn naast de vennootschap verbonden voor haar verplichtingen tegenover derden, tenzij de uitvoering van de opdracht uitdrukkelijk aan een van hen is toevertrouwd.
  7. De schuldeiser die een vennoot aanspreekt, moet eerst aantonen dat de vennootschap geen verhaal biedt.
  8. Een vennoot is slechts verbonden voor verbintenissen van de vennootschap ontstaan na zijn toetreding en vóór zijn uittreding.
  9. Bij ontbinding gaat het vermogen van de vennootschap van rechtswege en onder algemene titel over op de enig overblijvende, voortzettende vennoot.
  10. De commanditaire vennoot kan de vennootschap vertegenwoordigen krachtens volmacht. Indien zijn handelen een belangrijke oorzaak is van het faillissement is hij (intern) hoofdelijk aansprakelijk voor het boedeltekort.

Bij dit voorstel zijn weliswaar kritische kanttekeningen te plaatsen, het totaalbeeld is zeker positief. Alleen vraag ik mij af of het geen aanbeveling verdient om de personenvennootschap onder het bereik van het enquêterecht te brengen. Tenslotte hebben we het hier wel over ondernemingsrecht. Een gemiste kans, mij dunkt.

Wilt u geen belangrijk juridisch nieuws meer missen?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over de auteur

Steef Bartman

Steef Bartman

Steef Bartman is advocaat bij Bartman Company Law en hoogleraar Corporate Group Liability Universiteit Maastricht.

Recente vacatures

Recente vacatures

Winkelmand