De advocaten die 35 aangevers in de zaak-Wilders bijstaan liggen overhoop met de Raad voor Rechtsbijstand. De advocaten zijn boos omdat ze geen geld krijgen voor hun rechtsbijstand. Volgens de Raad voor Rechtsbijstand hebben de aangevers strikt genomen geen advocaat nodig, omdat het om een relatief licht vergrijp gaat.
Het gaat om het hoger beroep in de ‘minder Marokkanen’-zaak die eind oktober moet beginnen. “Ik heb al vele uren in deze zaak gestoken,” zegt advocaat Göran Sluiter (Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers) in het AD, “maar ik heb nog geen cent gezien.” Hij heeft het Hof Den Haag verzocht om uitstel totdat duidelijkheid bestaat over de vergoeding.
Volgens de Raad voor Rechtsbijstand zijn de vorderingen van de slachtoffers relatief eenvoudig: “Daarom vinden we rechtsbijstand geen noodzaak.” Sluiter bestrijdt dat: “De mensen in kwestie hebben absoluut een advocaat nodig omdat het om een ingewikkelde juridische zaak gaat. Maar zonder gefinancierde rechtsbijstand kunnen ze geen advocaat betalen, en ik kan zonder vergoeding niet werken.”
