Eind januari stelden coalitiepartners D66, CDA en VVD al voor om vijf miljoen euro vrij te maken voor een eenmalige compensatie. Het leek er toen al op dat het voorstel op een Kamermeerderheid kon rekenen. Die meerderheid is er nu dus definitief: op 24 maart werd het amendement dat de compensatie regelt en het budget vrijmaakt aangenomen in de Tweede Kamer.
Blijk van erkenning
Die Kamermeerderheid betekent niet dat er geen kritiek was op het plan. Die was er wel degelijk, en had met name betrekking op het feit dat de vijf miljoen euro volgens diverse partijen bij lange na niet genoeg is om het daadwerkelijk misgelopen salaris te compenseren. Saillant detail is dat die zienswijze onder meer door regeringspartij VVD zelf, bij monde van Kamerlid Ulysse Ellian, werd gebezigd.
In het amendement wordt onder meer om die reden expliciet aangegeven dat de compensatie mede moet worden gezien als een blijk van erkenning. De indieners erkennen dat de daadwerkelijke financiële benadeling er niet mee wordt ongedaan gemaakt, maar hopen dat vrouwelijke rechters en officieren die het betreft er ook de “immateriële waarde” van inzien.
Vormgeven
Hoe de compensatie nu in de praktijk moet worden uitgevoerd en vormgegeven, is onderdeel van vervolggesprekken. In een persbericht laat de NVvR weten een leidende rol te nemen in die gesprekken. Die gaan op korte termijn van start met een verkennend overleg op 26 maart. “De NVvR zal de Minister tijdens dit overleg opnieuw wijzen op het belang van erkenning van de ongelijke behandeling en vragen naar diens uitwerking van de regeling ter compensatie.”
