Ten onrechte denken rechters dat burgers willen dat de rechter dichter bij hen op schoot komt zitten. Maar burgers pleiten juist voor een zekere afstand tussen de rechters en de samenleving. Dat zegt Albert Klijn, wetenschappelijk adviseur bij SSR, in een bericht op de website van het opleidingsinstituut voor rechters. “In de relatie tussen de Rechtspraak en de samenleving is er weliswaar sprake is van een klein verschil van mening over de invulling van het begrip ‘afstandelijkheid’ maar van een serieuze spanning is geen sprake.”
Klijn zegt dit naar aanleiding van een in december vorig jaar in opdracht van SSR verricht onderzoek naar de opvattingen van rechters en burgers over de positionering van de rechter. Volgens hem bleek uit eerdere onderzoeken ook al dat het beeld dat rechters hebben van hun eigen positionering, de opvattingen daarover bij de burgers en hetgeen rechters veronderstellen over de denkbeelden bij de burgers niet synchroon liepen. Met andere woorden: er bestond een kloof in perceptie en verwachtingspatronen tussen beide groepen. “Ook uit dit recente onderzoek kwam naar voren dat rechters en burgers van elkaar niet weten dat ze ieder dezelfde gedachten hebben en dichten de ander dus andere verwachtingen toe. Dat verkeerd percipiëren veroorzaakt schadelijke kortsluitingen en miscommunicatie. De rechter zelf krijgt hierdoor bovendien het gevoel in een spagaat te zitten tussen zijn eigen onafhankelijkheid en hetgeen de samenleving zou willen. Rechters gaan doen wat ze denken dat de burger wil, terwijl de burger zélf iets heel anders wenst.”
Doel van het onderzoek was het inzichtelijk krijgen van eventuele ‘kloven’ tussen burger en rechter. Die kloof bestaat inderdaad volgens de onderzoeksresultaten, maar is klein en veroorzaakt weinig problemen. Klijn: ‘In de relatie tussen de Rechtspraak en de samenleving is er weliswaar sprake is van een klein verschil van mening over de invulling van het begrip ‘afstandelijkheid’ maar van een serieuze spanning is geen sprake. Rechters denken van zichzelf dat zij zich responsief gedragen. Dat zij begrip en inzicht hebben in wat er in de samenleving speelt en laten zien dat zij daarmee rekening houden in hun uitspraken. De burger vindt die responsiviteit minder groot dan de rechters van zichzelf denken, maar vindt dat niet zo erg, omdat, volgens de burger, een rechter een zekere afstand moet bewaren in zijn werk. Er is dus wel een kleine kloof tussen beide groepen, maar die veroorzaakt geen problemen omdat zowel de rechters als de burgers elkaar op dit punt goed blijken te kennen.”
Lees het gehele bericht hier.
