Spijkerboer: ‘Vernietig business model van mensensmokkelaars’

Delen:

Thomas SpijkerboerNu de zoveelste vluchtelingencrisis een feit is, is het tijd andere vragen te stellen, vindt hoogleraar migratierecht Thomas Spijkerboer. “De vraag hoe we mensen op hun plek houden, is vruchteloos. We houden ze gewoon niet tegen. Mensen komen.” Hij pleit in een interview dat aanstaande vrijdag in Mr. verschijnt voor een aanpak op drie niveaus: mondiaal, regionaal en lokaal.

Het laatste nieuws over de vluchtelingen uit Syrië en Eritrea is voor Thomas Spijkerboer niets meer dan een herhaling van wat eerder gebeurde met de Tamils uit Sri Lanka in de jaren tachtig en de vluchtelingen uit voormalig Joegoslavië uit de jaren negentig. Spijkerboer houdt zich al dertig jaar bezig met het migratierecht, eerst als asieladvocaat, later als universitair docent en sinds 2000 als hoogleraar aan de Vrije Universiteit.

Dat er nu opeens zoveel aandacht voor de vluchtelingen is, komt vooral door het ‘spektakel’, zoals Spijkerboer het noemt. Met name de Italiaanse overheid is volgens hem een meester in het regisseren van dat spektakel. “Waarom werd de ramp van 3 oktober 2013 − toen een boot vol vluchtelingen bij het Italiaanse eiland Lampedusa verging − zo bekend? Niet omdat er voor het eerst een boot vol migranten zonk, want dat gebeurde daarvoor ook al. Nee, deze ramp kreeg zoveel aandacht, omdat duikers toen voor het eerst 366 lijken uit zee haalden. En verdomd, ze haalden er nog twee extra uit van een eerdere ramp. Voor het eerst werden de lichamen uit zee gehaald in plaats dat ze er naamloos in bleven. Dat was een meesterlijke zet, omdat de Italiaanse overheid daarmee een gevoel van crisis creëerde. Dat zie je op dit moment nog sterker gebeuren. Er wordt een sfeer van crisis geschapen, maar de echte crisis is de oorlog in Syrië en die is al drie jaar gaande. We konden uitrekenen dat het uit de hand zou lopen. Wat speelt is dit: het spaargeld van de Syriërs raakt op, ze zien dat na drie jaar het conflict in hun land van geen meter opschiet en ze wegen hun kansen. Ze investeren hun laatste geld in een toekomst in Europa. Alles of niks.”

Politieke wil

Nu de zoveelste vluchtelingencrisis zich aandient, is het tijd andere vragen te stellen, denkt Spijkerboer. “De vraag hoe we mensen op hun plek houden, is vruchteloos. We houden ze gewoon niet tegen. Mensen komen. Dus niet weer pleiten voor terugsturen naar de regio, maar ervoor zorgen dat mensen die eenmaal op pad gaan niet en masse verdrinken of op een treinstation in Boedapest klem komen te zitten tussen de deuren.”

Hij pleit voor een aanpak op drie niveaus: mondiaal, regionaal en lokaal. “We kijken nu naar Syrië, maar er is meer. Ook in Zuidoost-Azië spelen zich drama’s af, het is een mondiaal probleem dat we mondiaal moeten aanpakken. Laten we om te beginnen de visumverplichting afschaffen voor mensen die overduidelijk uit conflictgebieden komen. In Europa zijn dat momenteel Syriërs en Eritreërs. Zonder visumplicht kunnen zij voor een paar honderd euro zelf een ticket kopen in plaats van overgeleverd te zijn aan mensensmokkelaars. Laten we het business model van smokkelaars vernietigen. Dat kan Europa niet alleen, daarvoor mogen we wereldwijd kijken: Noord-Amerika, Australië, Nieuw Zeeland, de Bric-landen die zo graag voor vol willen worden aangezien en er zijn ook nog een paar schatrijke Arabische staten. De veertig, vijftig rijkste landen zouden met elkaar afspraken moeten maken over een verdeling van de vluchtelingen. En als je dat niet doet, wil ik ook geen huilende politici op tv zien.”

Op regionaal niveau zouden soortgelijke afspraken gemaakt moeten worden, vindt Spijkerboer. “Het verdeelsysteem dat bij het Verdrag van Dublin is vastgelegd heeft nooit gewerkt en het Europese model is niet geharmoniseerd”, stelt hij. “Daarom gaan er mensen dood aan de Oostenrijks-Hongaarse grens, omdat ze per se geen Hongaars stempel willen en daar hebben ze op zich gelijk in, want het is een zootje daar.” Beter is het de al sinds 2001 bestaande tijdelijke beschermingsrichtlijn nieuw leven in te blazen. Op basis van die richtlijn kan in Europa een bepaalde groep worden aangewezen die voor een zekere tijd asiel krijgt. Vervolgens kunnen landen afspraken maken over het aantal mensen dat ze willen opnemen. “Daarvoor ontbreekt de politieke wil, maar dat moet wel gebeuren”, vindt Spijkerboer. “Niet mensen rondpompen, maar tijdelijke bescherming bieden op basis van een bepaalde verdeelsleutel tussen landen.”

Spanningen

Op nationaal niveau spelen sociaal-economische factoren een grote rol, zegt Spijkerboer. “Sinds begin jaren negentig, nadat de Muur was gevallen en een neoliberale economische koers werd ingezet, is de ongelijkheid enorm toegenomen”, formuleert hij zorgvuldig. “En nu kunnen we wel mopperen op Wilders en Fortuyn, maar ze hebben wel een punt. Er zijn groepen in deze samenleving die de verliezers zijn van de globalisering, die komen gewoon niet mee. Het zijn precies die groepen die met name geconfronteerd worden met de migranten die ook het gevolg zijn van de toegenomen globalisering. Als we willen dat al deze groepen naast en met elkaar samenleven – en dat zal moeten − dan moeten we geen beleid meer voeren waardoor de ongelijkheid groter wordt. De komst van zoveel migranten vergt heel veel van een samenleving. Dan kun je het wel hebben over mensenrechten, maar het moet ook wel allemaal kunnen. Ook ik vind dat we aan de slag moeten met de opvang van migranten, natuurlijk. Maar we moeten ons tegelijk realiseren dat er een groep mensen is die het daardoor zwaarder krijgt.”

Lees het gehele interview met Thomas Spijkerboer in het nieuwe nummer van Mr. dat vrijdag 2 oktober verschijnt.

Wilt u vanaf nu elke week een samenvatting van al het nieuws van Mr. in uw mailbox? Klik hier

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Scroll naar boven