Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft een notaris voor witwassen en valsheid in geschrifte een zwaardere straf opgelegd dan de rechtbank Gelderland. Zowel het OM als de notaris was in hoger beroep gegaan.
Werkstraf
De officier van justitie had een gevangenisstraf van achttien maanden en ontzetting uit het ambt van de Arnhemse notaris geëist. De rechtbank was, rekening houdend met een schending van de redelijke termijn, tot een werkstraf van 180 uur gekomen. In hoger beroep eiste de advocaat-generaal een voorwaardelijke gevangenisstraf van tien maanden met een proeftijd van drie jaar, een verbod om de komende zes jaar als notaris te werken en een boete van 25.000 euro.
Nalatenschap
Het hof heeft een gevangenisstraf opgelegd van twaalf maanden waarvan drie voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Het hof is van oordeel dat de notaris bij de afwikkeling van een nalatenschap opzettelijk een onjuiste en onvolledige aangifte heeft gedaan aan de Belastingdienst. Het ging hierbij om de waarde van een woning die in korte tijd verschillende malen is verkocht tegen een steeds hogere waarde. De verdachte heeft als notaris alle verkoopakten opgemaakt.
Nota van afrekening
Ook is bewezen dat de nota van afrekening onder leiding van de notaris vals is opgemaakt en dat hij wist dat een geldbedrag afkomstig was uit het plegen van belastingfraude en het plegen van valsheid in geschrifte. Een gedeelte van dat bedrag was op een rekening van de partner van zijn zuster gestort.
Bijeenkomst
Toen de fiscus aan de betrokkenen om informatie vroeg, heeft de notaris een bijeenkomst georganiseerd waar besproken is op welke – onjuiste – wijze de fiscus zou worden geïnformeerd. Het hof vindt onaanvaardbaar.
Volgens het hof is niet bewezen dat verdachte heeft deelgenomen aan een organisatie die zich bezighield met het plegen van valsheid in geschrifte, fraude en witwassen. Hij wordt hiervan vrijgesproken.
