Een vrouw die met ernstige psychiatrische problemen te kampen heeft – waarvoor ze ook meerdere malen is opgenomen – staat sinds 2019 onder curatele. Haar twee zoons zijn curator. Sinds de zomer van 2023 mijdt ze zorg; ze stopt haar contact met de psychiater en psychiatrisch verpleegkundige. In september 2023 schakelt ze een advocaat in: ze wil van de curatele af, en in ieder geval van haar zoons als curator. De verzoeken hiertoe worden in februari 2024 door de kantonrechter afgewezen; het door de advocaat in deze zaak ingestelde hoger beroep loopt nog.
Aangifte
De advocaat is intussen volop bezig voor de vrouw. Hij begint verschillende andere procedures: eentje bij de kantonrechter over vijfentwintig verschillende onderwerpen – hij krijgt hier nul op het rekest: niet-procesbevoegd dan wel niet-ontvankelijk – en een kort geding over onder andere afgifte van een sleutel door de curatoren. Verder doet hij namens zijn cliënt twee keer aangifte bij de politie tegen haar zoons, wil hij met haar mee naar gesprekken met de psychiater (die dat afhoudt) en adviseert hij de vrouw haar videodeurbel af te plakken. Die hebben haar zoons na een poging tot inbraak op advies van de politie geïnstalleerd, maar wordt door haar als een inbreuk op haar privacy ervaren.
Ongunstig voor gezondheid
In november 2024 dagvaarden de zoons de advocaat. Volgens hen heeft zijn bijstand een ongunstige uitwerking op de gezondheidstoestand van hun moeder. Ze eisen een contactverbod, maar de voorzieningenrechter wijst dat af. In hoger beroep krijgen ze van het hof Arnhem-Leeuwarden wél gelijk. Het hof is van oordeel dat de advocaat het door de wet en de jurisprudentie gegeven mandaat om de belangen van zijn cliënt te behartigen op vele punten heeft overschreden. “Hierdoor heeft hij, terwijl hij beter wist of had moeten weten, zijn cliënte nodeloos met een groot aantal procedures belast.”
Humanitair oorlogsrecht
Zelf vindt de advocaat dat hij met zijn handelingen binnen de geldende regels blijft. Hij haalt het humanitair oorlogsrecht erbij en stelt dat de zoons door hun pijlen om hem te richten hun moeder in het hart van haar bescherming raken. “En dat zou niet mogen, ook al is het kennelijk oorlog tussen hen.” Ook voert hij aan dat de zoons hem buitenspel proberen te zetten door hem monddood te maken en door hem te ontmoedigen nog langer voor hun moeder op te treden. “Dat nu is precies wat gebeurt in landen waar wij ons niet mee willen vereenzelvigen. Landen als de Verenigde Staten. Waar advocaten worden gemuilkorfd. (…) Terwijl zij gewoon hun werk doen.”
Eerder geschaad dan gebaat
Het hof maakt er korte metten mee. De raadsheren oordelen dat de advocaat met zijn optreden ruim buiten door de wet en de jurisprudentie geschetste kaders treedt. “Niet valt uit te sluiten dat door de vele, veelal weinig effectieve verzoeken en procedures die de advocaat doet en voert, de belangen van de vrouw eerder geschaad dan gebaat worden.”
Het lukt de advocaat volgens het hof niet “zijn ego ondergeschikt te maken aan de belangen van zijn cliënte” en hij lijkt weinig inzicht te hebben in de effecten van zijn handelen op zijn cliënt. Hij vergroot met zijn gedrag het conflict tussen moeder en zoons, wat duidelijk niet goed is voor de moeder.
Contactverbod
Het hof vindt dat de werkwijze, uitlatingen en gedragingen van de raadsman een dusdanig ongunstige uitwerking op de geestelijke en lichamelijke gezondheidstoestand van zijn cliënt hebben dat verder vrij verkeer onverantwoord is. Daarom legt het hof hem een contactverbod van een jaar op. De advocaat mag op geen enkele wijze direct of indirect contact hebben met de vrouw. Doet hij dat toch, dan verbeurt hij een dwangsom van 5.000 euro voor iedere dag dat hij in gebreke is, met een maximum van 100.000 euro.
