Het verhaal begint begin 2025, als de zelfbenoemd juridisch adviseur een opdracht tot batchbetaling geeft aan ING van in totaal 3,9 miljoen euro. Dit bedrag moet, zo luidt de opdracht, worden overgemaakt vanuit een bankrekening waarvan het nummer begint met de cijfers 17. De begunstigden zijn een aantal ING-klanten, waaronder hijzelf: anderhalf van de bijna vier miljoen euro is voor hemzelf bestemd.
ING kan de opdracht echter niet uitvoeren, om een aantal redenen. De belangrijkste: het door de man genoemde bankrekeningnummer bestaat niet. Sterker nog, er bestaan helemáál geen rekeningen die beginnen met 17. Maar de juridisch adviseur is niet voor één gat te vangen en houdt voet bij stuk.
Derdengeldenrekening
Per e-mail neemt de man contact op met ING om te vragen waarom de betalingen niet zijn uitgevoerd en met het verzoek ze alsnog uit te voeren. ING vindt de gang van zaken maar vreemd en start een onderzoek naar mogelijke oplichting, misleiding en valsheid in geschrifte. Niet veel later is er telefonisch contact tussen de juridisch adviseur en een bankmedewerker.
Uit dat gesprek blijkt dat de man er een tamelijk absurde overtuiging op nahoudt: hij heeft zijn Burgerservicenummer door een IBAN-calculator gehaald en het resultaat daarvan opgevoerd als rekeningnummer waarvandaan de gevraagde betalingen zouden moeten worden uitgevoerd. Het zou, zo betoogt de man, gaan om een geheime derdengeldenrekening die elke Nederlander bezit, maar waarvan het bestaan geheim wordt gehouden door banken. Door je BSN om te rekenen naar een IBAN, zou je het strikt geheime rekeningnummer echter kunnen achterhalen, zo vertelt de man telefonisch aan de ING-medewerker.
Te laag
Nadat de medewerker de juridisch adviseur ten laatsten male probeert uit te leggen dat het rekeningnummer niet bestaat, krijgt hij van de man te horen dat hij “te laag in de organisatie” staat om van het bestaan van de geheime derdengeldenrekeningen op de hoogte te zijn. De man wenst met een hogere medewerker te spreken.
Dat feest gaat helaas niet door: ING blokkeert de reguliere rekening van de man waar hij de anderhalf miljoen op had willen ontvangen, zegt de klantrelatie op en stuurt hem formulieren toe waarmee hij zijn restsaldo – een kleine tweeduizend euro – naar een willekeurige andere rekening kan laten overboeken. Dat wil de man echter allemaal niet, en in plaats van afscheid te nemen, daagt hij ING voor de rechter.
Risico
De zaak diende recentelijk bij de rechtbank Amsterdam, waar de rechter snel klaar was met de tamelijk bizarre eisen van de juridisch adviseur. Die bleef ter zitting volharden in zijn overtuigingen: “ING Bank heeft de derdengeldenrekening geheim gehouden totdat de rechtmatige eigenaar deze opeiste. Mijn SEPA-batches met opgegeven rekeningnummer betreft een derdengeldenrekening die uitsluitend aan mij toebehoort in verband met mijn BSN.”
De man eiste tienduizenden euro’s aan schadevergoedingen en dwangsommen, maar in niets van dat alles ging de rechter mee. Die gaf ING gelijk: de bank stond in haar recht om fraude, misleiding en valsheid in geschrifte te vermoeden en de rekening van de man om die reden op te zeggen. ING deed bovendien meerdere pogingen om het restsaldo van de man aan hem terug te geven. “Dat [eiser] hier geen gehoor aan heeft gegeven omdat hij hem daarvoor toegezonden formulier als een principiële onjuiste werkwijze ziet, komt voor zijn rekening en risico.”
Coulant
Over het vreemde derdengeldenrekening-verhaal van de man zegt de rechter tot slot dat het wat hem betreft gaat om een “overtuiging die iedere grond ontbeert: de door [eiser] geuite overtuiging van het bij alle banken bestaan van geheime aan BSN gekoppelde bankrekeningnummers (“derdengeldenrekeningen”) waarvan het saldo aan de desbetreffende burgers toekomt.”
De man krijgt niets, kan fluiten naar zijn restsaldo en moet bovendien de door ING gevorderde proceskosten van ruim zevenduizend euro vergoeden. Met die tegeneis was de bank overigens vrij coulant, want de werkelijke proceskosten bedroegen ongeveer het dubbele, zo liet de gemachtigde van ING ter zitting weten.
