De alarmerende cijfers staan in een nieuw rapport van het Financieel Expertise Centrum (FEC), dat op 8 oktober aan de Tweede Kamer is aangeboden. Het FEC deed de afgelopen periode onderzoek naar de aard en omvang van hypotheekfraude. De cijfers zijn schattingen, geen vastgestelde aantallen fraudegevallen. Volgens de onderzoekers gaat het desondanks om een omvangrijk probleem dat bovendien veel verder reikt dan financiële fraude alleen.
Ondermijning
Criminelen gebruiken onder meer vervalste loonstroken, werkgeversverklaringen en financiële gegevens om hypotheken te verkrijgen waarvoor zij op basis van hun werkelijke inkomen niet in aanmerking zouden komen. De woningen kunnen vervolgens worden ingezet voor witwassen, illegale verhuur, drugscriminaliteit en arbeidsuitbuiting. Ook raken woningen hierdoor buiten bereik van reguliere kopers.
Het FEC baseert zijn landelijke schatting onder meer op deskundigenoordelen uit drie politieregio’s. In registraties van politie en FIOD werden over de onderzochte periode 364 unieke fraudegevallen aangetroffen. Volgens de onderzoekers geven die registraties geen volledig beeld van de werkelijke omvang, onder meer doordat fraude niet altijd wordt ontdekt of afzonderlijk geregistreerd.
Poortwachters
Notarissen hebben een belangrijke taak bij het signaleren van verdachte vastgoedtransacties, maar kunnen niet alle gegevens waarop een transactie is gebaseerd zelfstandig controleren, schetst de KNB in reactie op het rapport. Bovendien mogen betrokken organisaties relevante informatie niet altijd onderling uitwisselen.
Daardoor beschikken banken, notarissen, makelaars, gemeenten en opsporingsinstanties ieder over een deel van de informatie, zonder dat verdachte signalen altijd bij elkaar komen. De KNB waarschuwt dat criminelen juist van die versnippering profiteren. De beroepsorganisatie vraagt daarom niet alleen om meer aandacht voor de poortwachtersrol, maar vooral om de middelen en bevoegdheden waarmee die rol daadwerkelijk kan worden vervuld.
Maatregelen
De KNB pleit samen met onder meer de Nederlandse Vereniging van Banken, Stichting Fraudebestrijding Hypotheken, politie, NVM, Vastgoed Nederland, NHG, KVK en de gemeente Zaanstad voor drie maatregelen. Allereerst moet het eenvoudiger worden om relevante gegevens tussen publieke en private partijen uit te wisselen. Daarnaast moeten hypotheekverstrekkers opgegeven inkomens rechtstreeks bij de Belastingdienst kunnen verifiëren. Ten slotte moeten de verschillende poortwachters beter worden toegerust om verdachte transacties te herkennen en aan te pakken.
Vooral de controle bij de Belastingdienst kan volgens het FEC veel verschil maken. Daarvoor is wel een wettelijke grondslag nodig, mede vanwege de fiscale geheimhoudingsplicht en privacybescherming. De betrokken partijen vinden dat het kabinet niet opnieuw moet volstaan met onderzoek, maar concrete stappen moet zetten.
Kritiek
De discussie rondom de positie van het notariaat bij de bestrijding van vastgoedcriminaliteit is niet nieuw. Eerder dit jaar bekritiseerde de KNB nog het beeld dat notarissen regelmatig als “facilitators van criminaliteit” optreden. Volgens de beroepsorganisatie ontbrak daarvoor in een onderzoek naar de poortwachtersrol voldoende concrete onderbouwing.
Met de nieuwe oproep legt de KNB het accent op een andere kant van die verantwoordelijkheid: notarissen worden geacht fraude te signaleren en tegen te houden, maar zijn daarbij afhankelijk van informatie die zij niet altijd kunnen verkrijgen. De vraag is volgens de betrokken organisaties dan ook niet alleen wat van poortwachters mag worden verwacht, maar ook wat zij nodig hebben om hun taak goed uit te voeren.
Debat
Op 13 oktober komen de betrokken organisaties bijeen in Nieuwspoort om hun oproep kracht bij te zetten. Twee dagen later staat in de Tweede Kamer een commissiedebat over ondermijning gepland. De KNB en de andere partijen willen dat het kabinet uiterlijk bij dat debat duidelijk maakt hoe het de aanbevelingen uit het FEC-rapport gaat uitvoeren.
