De eerste pensioenregelingen zijn inmiddels overgegaan naar en aangepast aan het nieuwe pensioensysteem. Pensioenfondsen zijn ingevaren en (vrije) werkgevers kiezen voor het overgangsregime voor stijgende beschikbare premie-staffels of stappen over naar een flatrate-premie voor alle werknemers. Maar sommige fondsen varen ook niet in en premievrije pensioenrechten (de oude middelloonregelingen) bij verzekeraars blijven normaliter ‘gewoon’ staan.
Individuele werknemer
Dit heeft uiteraard gevolgen voor de individuele werknemer bij einde dienstbetrekking, start nieuwe dienstbetrekking en al dan niet waardeoverdracht. Wat had ik, wat krijg ik? En hoe zit het met eventuele compensatie? En is waardeoverdracht dan wel verstandig? Immers dan gaan alle opgebouwde rechten naar het nieuwe systeem.
Hoofdregel
Maar ook voor de totale pensioenregeling bij een fusie of overname (overgang van − een zelfstandig onderdeel − een onderneming) speelt pensioen nu nog meer een rol.
De hoofdregel is eigenlijk eenvoudig bij een fusie of overname: artikel 7:662 en 7:663 BW stellen dat alle arbeidsvoorwaarden bij de overgang van onderneming meegaan, behalve pensioen. Maar stelt artikel 7:664 BW, als de verkrijger ‘niets doet’, dan houden werknemers wel degelijk ook hun bestaande pensioenregeling. Waarbij overigens een verplicht bedrijfstakpensioenfonds altijd vóór gaat. Als gevolg van de overgang kan dus zowel een bestaand Bpf als juist voor de verkrijger alsdan een verplicht Bpf gelden!
Overgangsregimes
Met alle overgangsregimes van de Wet toekomst pensioenen wordt het aanzienlijk ingewikkelder, wat vragen oproept. Mag na de overgang gebruikgemaakt blijven worden van het overgangsregime voor ‘zittende’ werknemers? En hoe zit het met nieuwe werknemers tot 2028, als sowieso alle nieuwe werknemers daarna een flatrate-premie moeten krijgen? Laat staan de verschillen sec in de regeling qua staffel, (toekomstige) flatrate, eigen bijdrage et cetera? En wat zijn nog andere afwijkende afspraken met individuele werknemers en met ‘nog oudere premievrije regelingen’? En wat gebeurt er met de indexatie van premievrije (middelloon)pensioenrechten?
Voorkomen is beter dan genezen!
Het ‘eenvoudige’ advies is dus om voor de overgang van onderneming alle pensioenregelingen consciëntieus te beoordelen. Eerst vanuit sec de pensioeninhoudelijkheid, en daarna de gevolgen van de fusie en/of overgang.
Dan kan pas beslist worden hoe pensioen goed te behandelen!
