Uitspraak: Leer van schaarse rechten geldt ook voor begrotingssubsidies
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft een belangrijke uitspraak gedaan over de toepassing van de leer van schaarse rechten op begrotingssubsidies. De uitspraak op 23 juli 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:3399) heeft gevolgen voor de wijze waarop bestuursorganen subsidiemiddelen toekennen op basis van een begroting.
Sectoren: Overheid
Expertises: Bestuursrecht
Mensen: Jan Stoop, Ghazal Sarandib
Schaarste ook bij begrotingssubsidies
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat ook begrotingssubsidies onder de regels van verdeling van schaarse publieke middelen vallen. Wanneer meer (potentiële) gegadigden zijn voor dezelfde subsidiemiddelen, moet mededingingsruimte worden geboden. Dit betekent dat overheden niet zomaar een subsidie kunnen toekennen zonder anderen de kans te geven om mee te dingen.
Criteria voor uitzondering
Slechts in uitzonderingsgevallen mag een begrotingssubsidie zonder mededinging worden toegekend. Dat geldt wanneer objectief vaststaat dat er maar een serieuze gegadigde is. Dit moet de subsidieverstrekker minimaal acht weken vooraf bekendmaken met een transparante toelichting. Dit biedt andere potentiële belangstellenden de mogelijkheid om de toegekende subsidie te betwisten en te betogen dat ook zij aan de gestelde criteria voldoen.
Dit is in lijn met eerdere uitspraken zoals de Geobox-uitspraak en Vlaardingen-uitspraak (ECLI:NL:RVS:2018:2310 en ECLI:NL:RVS:2016:2927), en de Afdeling integreert daarbij ook de kernnormen uit de Didam I- en Didam II-arresten van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2021:1778 en ECLI:NL:HR:2024:1661). Daarmee ontstaat een helder kader voor schaarse subsidiemiddelen, ook wanneer deze in begrotingsvorm zijn opgenomen.
Gevolgen voor subsidieverstrekkers
Deze uitspraak heeft directe gevolgen voor de praktijk van subsidieverlening en dwingt overheidsinstanties tot herzien van bestaande subsidiestelsels. Overheden die structurele subsidies opnemen in hun begroting, veelal gericht op het ondersteunen van maatschappelijke instellingen, kunnen niet langer subsidiemiddelen rechtstreeks toekennen. Zij zullen voortaan moeten toetsen of sprake is van schaarste en, zo ja, een passende procedure moeten inrichten om aan de mededingingsvereisten te voldoen. Ook het motiveren van een uitzonderingssituatie vraagt om zorgvuldigheid en juridische precisie.
Bent u bestuursorgaan of beleidsadviseur en wilt u meer weten over de gevolgen van deze uitspraak op uw subsidiepraktijk? Of wilt u uw bestaande subsidieverlening toetsen aan deze nieuwe rechtsontwikkeling? Neem dan contact met onze specialisten van sectorteam Overheid.
