Partnerbijdrage van

Het Mitsui Principe

Hoe slechter een juridische tekst is geschreven, des te meer is een rechter geneigd in het nadeel van de schrijvers te oordelen. Woorden zijn als soldaten, maar wat zijn ze waard in een écht gevecht? Over het “Mitsui Principe” gaat het in de nieuwste Branch Out Legal English Blog

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Eind augustus verzuchtte de kantonrechter van de rechtbank Noord-Holland in een procedure over een niet verlengde arbeidsovereenkomst over de leesbaarheid en kwaliteit van de gedingstukken: “De goedwillende lezer geraakt hier in een ‘film noir’ waaruit ontsnapping slechts mogelijk is door diep te zuchten en het stuk enige tijd weg te leggen” om daaraan toe te voegen: “Wie mocht menen dat het voorgaande overdreven is en/of quasi-grappig bedoeld: geen van beide is het geval.”

Dit soort verzuchtingen worden natuurlijk niet alleen door Noord-Hollandse rechters geslaakt. Engelstalige rechters doen dit zelfs zó vaak dat hier een woord voor is: The Mitsui principle, ofwel het principe dat hoe slechter de kwaliteit grammatica, woordkeus, zinsbouw, interpunctie, opbouw, begrijpelijkheid (etc.) van een contract (de gedingstukken, het pleidooi etc.) is, des te vrijer de rechtbank zich voelt om een beslissing te nemen. The Mitsui principle is vernoemd naar de zaak Mitsui Construction v Hong Kong waarin de rechter oordeelde: the poorer the quality of the drafting, the less willing any court should be to be driven by semantic niceties to attribute to the parties an improbable and unbusinesslike intention.

In het Anglo-Amerikaanse (common law-)rechtssysteem namelijk, zal een rechter zich in de allereerste plaats houden aan datgene wat partijen in een geschreven contract (om het daar maar even bij te houden) met elkaar hebben afgesproken. De common law heeft namelijk geen, in een burgerlijk wetboek vastgelegde, regels die voor partijen als uitgangspunt dienen bij het contracteren. Dit staat bekend als de parole evidence rule. (Lees hier meer over).

Pas als onenigheid tussen partijen ontstaat, kán de rechtbank bewijzen gaan zoeken buiten het contract om (= extrinsic evidence, lees hier meer over). Maar de rechtbank kan óók beslissen om de ambiguïteit, de verkeerde zinsbouw, de warrigheid, de verkeerde spelling, de over-ingewikkelde zinsbouw (etc). te gebruiken in het nadeel van de opstellers van het contract. Of, in het geval van de Noord-Hollandse kantonrechter, in het nadeel van de indieners van de gedingstukken.

Gezien het feit dat in landen met een common law-rechtssysteem geen in een burgerlijk wetboek vastgelegde regels bestaan bij het contracteren, zal het u niet verbazen dat er vaak rechtszaken worden gevoerd over woorden: wat betekent het nou precies? En hoe kijkt een rechter daar tegenaan? Lange tijd was het gebruikelijk om woorden waar eenmaal een rechter over had beslist, als “veilig” te beschouwen. Eén van de pijlers onder een common law-systeem is immers case law, waarbij rechterlijke uitspraken uit het verleden juist wél garantie op de toekomst zouden moeten bieden.

Dat standpunt is inmiddels aan een behoorlijke verandering onderhevig. Waarom? Omdat het besef indaalt dat woorden en zinnen waar het vaakst in een rechtbank om is gestreden, eigenlijk per definitie onzeker zijn, hetgeen een goede reden is om die juist te vermijden als de pest. Omdat die woorden (opnieuw) per definitie flexibel en ambigue zijn, bijv. bij reasonable efforts of in good faith: wat is reasonable? wat is good? En omdat een rechterlijke uitspraak zwaar afhangt van de omstandigheden waarin woorden zijn gebruikt; betekenis is namelijk voor een groot deel afhankelijk van de context waarin die woorden worden gebruikt. Ofwel, om David Mellinkoff nog maar eens te citeren uit zijn The Language of the Law: “Words or phrases are like soldiers who have been ‘in the army’, but not ‘in combat’”.  

In zijn bijzonder lezenswaardige artikel “Tried and Tested: The Myth Behind the Cliché” geeft Mark Adler een lange lijst voorbeelden van bepalingen in huurcontracten. Allemaal huurcontracten die gebruik maakten van tried and tested contractbepalingen uit het verleden waar de moderne rechtspraak (ultra)korte metten mee maakte. Hij sluit af met een voorbeeld hoe hij denkt dat een huurcontract er, zonder verdere rechtspraak, óók uit had kunnen zien. Ik zal hier later nog wel eens op terugkomen.

Hoewel u nauwelijks tot geen risico zal lopen om met uw Engelstalige juridische teksten voor een Anglo-Amerikaanse rechtbank te moeten verschijnen, kunt u,  om allerlei onaangenaamheden te vermijden, dus maar beter even opletten met wat u in het Engels produceert. Hoe dat te doen? U zou kunnen beginnen met een Branch Out-training Legal English Writing Skills, maar dat is verder maar een suggestie…

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Branch Out verzorgt trainingen op het gebied van vaardigheden in het Engels voor juridische professionals. Branch Out werkt met het uitgangspunt dat ‘taal’ niet…

Meer berichten van partner

Andere interessante artikelen uit dit thema:

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top