Hoogleraar Henny Sackers: “Wetgever grijpt te snel naar bestuurlijke sancties”

Delen:

Henny SackersEr moet zorgvuldig worden omgegaan met bestuurlijke sancties, vindt Henny Sackers, hoogleraar bestuurlijk sanctierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Nu grijpt de overheid daar te makkelijk naar, terwijl het regelmatig voorkomt dat zulke sancties verkapte strafrechtelijke interventies zijn, stelt hij in een interview met Mr. dat vandaag (dinsdag 10 mei) verschijnt. Denk aan het onlangs afgeschafte alcoholslot. “Dat slot is een reactie op een strafbaar feit. Daarover moet de rechter oordelen. Niet een bestuursorgaan.”

“Van oudsher zat er altijd een aantal spraakmakende juristen in het parlement en die zijn er nu veel minder. Misschien dat het de reden is dat de kwaliteit van de wetgeving tegenwoordig echt te wensen overlaat”, aldus Sackers. “Er wordt vanuit het parlement te weinig tegenwicht geboden als het gaat om fundamentele juridische beginselen. Een staatsrechtelijk geweten als Gert Jan Schutte moeten we al heel lang missen.”

Sackers ergert zich aan de matige kwaliteit van de wetgeving en de slordige manier waarop nieuwe vormen van straffen via het bestuursrecht in het systeem worden geïntegreerd. Nadat de wetgever in de jaren negentig in de zogeheten Wet Mulder de eerste bestuurlijke sancties introduceerde − de verkeersboete die het Centraal Justitieel Incasso Bureau kan opleggen zonder tussenkomst van de rechter − kwam er een hausse aan bestuurlijke mogelijkheden om op te treden tegen onwenselijk gedrag. Inmiddels kunnen allerlei autoriteiten bestuurlijke boetes uitdelen, en voor heel hoge bedragen. “Denk aan de Autoriteit Financiële Markten (AFM), de Autoriteit Consument & Markt”, legt Sackers uit. “Die instanties kunnen boetes opleggen waar de strafrechter niet eens aan mag denken.” Sommige van die bestuurlijke sancties grijpen diep in het persoonlijke leven van bestraften in − het woord ‘verdachte’ reserveert de wetgever wijselijk voor het strafrecht. Precies om die reden moet er zorgvuldig mee worden omgegaan, zegt Sackers
Het is zijn taak als hoogleraar om te kijken of dit soort bestuurlijke ingrepen eigenlijk geen verkapte strafrechtelijke interventies zijn. Als dat zo is, dan is het strafrecht de geëigende manier om een en ander te regelen. Niet het vaak veel minder transparante bestuursrecht. De Hoge Raad gaf hem daarin onlangs gelijk. Die bepaalde namelijk eind 2015 dat het zogeheten alcoholslot een straf was en geen herstelmaatregel zoals de wetgever aanvankelijk betoogde. Naast zo’n straf, opgelegd door het Centrale Bureau Rijvaardigheidsbewijzen, mocht niet ook nog eens een strafrechtelijke sanctie worden opgelegd, zei de Hoge Raad. De minister van Veiligheid en Justitie telde zijn knopen en schafte het alcoholslot af.

“Ik ben een groot voorstander van het alcoholslot als dat ook maar één verkeersdode per jaar scheelt”, zet Sackers zijn principiële bezwaren uiteen. “Maar dat moet dan wel zorgvuldig zijn geregeld. De bestuursrechtspraak heeft heel lang volgehouden dat het hier om een herstelmaatregel ging, maar het was gewoon hartstikke punitief voor de mensen die ermee te maken kregen. Nog steeds zitten er zo’n vierduizend mensen met een alcoholslot terwijl de twee hoogste rechters, de strafkamer van de Hoge Raad en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, hebben gezegd dat het niet deugde. Maar ja, hun uitspraak heeft geen terugwerkende kracht. Dus het is pech voor degene die met dat alcoholslot zitten.”

Quasi openbare voorziening

Het alcoholslot mag dan inmiddels zijn afgeschaft, dat geldt niet voor talloze andere bestuurlijke sancties die in evenzovele wetten staan. Gebiedsverboden in de Gemeentewet, terrasverboden in de Drank- en horecawet, maatregelen die de Inspectie Leefomgeving en Transport kan nemen op grond van de nieuwe Wet pleziervaartuigen, bestuurlijke boetes in de Wet natuurbescherming, en zo kan Sackers nog wel even doorgaan. “En dan heb ik het nog niet eens over de strafbeschikking. Sinds 2008 mag een officier van justitie zelfstandig zaken afdoen. Inmiddels bestaat ook de bestuurlijke strafbeschikking op basis waarvan het bestuur in voorkomende gevallen zelf daden van vervolging mag instellen. We kennen de fiscale strafbeschikking, de politionele strafbeschikking, het houdt niet op.”

Nog steeds wordt de suggestie gewekt dat de bestuurlijke boete er is voor de tik op de neus en dat het strafrecht moet worden gereserveerd voor de echt grote criminaliteit. Zulke redeneringen ergeren Sackers. “Als de AFM een boete van twee miljoen euro oplegt, lijkt me dat sprake is van hele grote criminaliteit. Je krijgt zo’n boete niet voor een kruimeldiefstal. Geert Corstens zei tijdens zijn afscheid als president van de Hoge Raad dat dit soort torenhoge boetes in de openbaarheid moeten en dat we moeten weten welke misstanden er aan ten grondslag liggen. Dat ben ik met hem eens. Het strafrecht is openbaar. De wereld van de bestuurlijke boete is dat niet. Bij de strafbeschikking is wel een soort quasi openbare voorziening getroffen, maar voor zover ik daar professioneel mee te maken krijg, komt daar heel weinig van terecht.”

Persoonlijke omstandigheden

Sackers acht het zijn plicht om de verschillende punitieve mogelijkheden van de overheid kritisch te blijven volgen. “Het gaat me om de manier waarop je het regelt. In dat opzicht laat de wetgever steken liggen, vind ik. In veel wetten wordt veel te makkelijk voorbij gegaan aan de omstandigheden van een geval. Er zijn boetes die uitgaan van het principe three strikes, you’re out. Maar de eerste overtreding kan over totaal iets anders gaan dan een tweede. De strafrechter wil dat soort dingen weten. Hij besteedt aandacht aan de persoonlijke omstandigheden. Hoeveel iemand verdient bijvoorbeeld. Is het reëel iemand een bepaalde boete te geven? Dat is relevant. De bestuursrechter kijkt ook naar persoonlijke omstandigheden, maar alleen bij punitieve sancties. Bij zogeheten herstelsancties mag het niet. Dat zou allemaal eens tegen het licht moeten worden gehouden.”

Lees het gehele interview met Henny Sackers in het nieuwe nummer van Mr. dat dinsdag 10 mei verschijnt.

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Meest gelezen berichten

Van onze kennispartners

Juridische vacatures

Ministerie van Justitie en Veiligheid zoekt een

Scroll naar boven