Ook jonge advocaat in Curaçao doet Zuidas-werk, en dat altijd in de zon

Jonge advocaten die transacties doen die normaal gesproken alleen door senior partners worden uitgevoerd? Op Curaçao kan dat. Advocaten van VANEPS, Spigt en BZSE vertellen over hun werk op dit zonovergoten eiland, waar hard wordt gewerkt aan inhoudelijk vergelijkbaar werk als op de Zuidas – maar dan in een Caribische setting. En ze kunnen nog collega’s gebruiken. Die moeten wel ondernemend en avontuurlijk zijn.

Delen:

Ook jonge advocaat in Curaçao doet Zuidas-werk, en dat altijd in de zon - Mr. Online
De pontjesbrug in Willemstad, Curaçao (foto: Depositphotos)

Het is aangenaam koel in een vergaderzaal van advocatenkantoor VANEPS, een kwartiertje lopen vanaf de pastelachtige panden aan de Sint Annabaai. Deze sieren zo’n beetje elke ansichtkaart van de Curaçaose hoofdstad Willemstad. Ook het pand van VANEPS, tussen het binnenwater ‘Waaigat’ en de Caribische zee, met uitzicht op Venezuela (bij helder weer), is geschilderd in zacht blauw. Van de hoge buitentemperaturen merk je binnen niets.
VANEPS behoort tot de grote kantoren in het Caribisch gebied met vestigingen op Curaçao, Bonaire en Sint Maarten. “De markt is daar goed, vooral door de olie. Dat trekt veel business aan”, zegt Tjarda Tazelaar, een van de zeven partners van het kantoor dat sinds 1937 op Curaçao zit. Sinds dit jaar heeft VANEPS ook een kantoor aan de Amsterdamse Zuidas, met zeven advocaten die zich richten op corporate & commercial litigation.

Enkeltje Willemstad

Tjarda Tazelaar en Jessottiz Baart (foto: VANEPS)

Tazelaar heeft een kleine tien jaar op de Zuidas als M&A-advocaat gewerkt, bij Van Doorne, dat toen nog een affiliatie had met VANEPS. “Toen ik vertelde dat ik voor een aantal maanden naar Curaçao ging, was de reactie: ga je daar overnames van duikscholen en cocktailbars begeleiden? Dat is het beeld dat de gemiddelde Zuidas-advocaat van de praktijk op de eilanden lijkt te hebben. Zelf wist ik ook niet goed wat ik kon verwachten toen ik begon aan een uitzending van zes maanden. Tot ik zag dat er behoorlijk grote en interessante transacties voorbijkwamen, vergelijkbaar of soms zelfs groter dan de projecten die ik deed op de Zuidas.” Na dat half jaar werkte hij nog een jaar aan de Zuidas en boekte toen een enkeltje Willemstad. Nu zit hij hier acht jaar. “Qua inwoneraantal is Curaçao te vergelijken met een stad als Amersfoort. Maar het eiland heeft wel een eigen vliegveld, een grote haven, een enorm grote toeristische sector en tientallen banken en verzekeraars. Dat trekt buitenlandse investeerders en multinationals aan. In die zin is dit eiland dus niet te vergelijken met een gemiddelde middelgrote Nederlandse gemeente.”

Dynamische praktijk

Zijn collega Jessottiz Baart heeft haar wortels in Curaçao, maar studeerde in Maastricht. Na een stage op het eiland ging zij na haar afstuderen sneller terug dan verwacht. Nu zit ze er bijna vijf jaar. Baart werkt op de corporate & banking-afdeling, waar ze lokale en internationale cliënten adviseert. “Een dynamische praktijk, je leert ontzettend veel. Je werkt al snel aan meerdere dossiers en bent daarin nauw betrokken. Hier krijg je als jonge advocaat snel zelfstandigheid en verdieping, zeker wanneer het gaat om internationale projecten. Teams zijn hier wat compacter dan bij de grote kantoren in Nederland en dan draag je al snel meer verantwoordelijkheid.” Voor dit werk heb je wel een ‘avontuurlijk en ondernemend karakter’ nodig, vindt zij. Ook is de manier van werken op Curaçao anders, mensen nemen meer tijd voor elkaar. “In Nederland zijn mensen vaak directer en gehaaster.”

Warme deken

Bij VANEPS zien ze het liefst dat juristen zich voor langere termijn aan kantoor verbinden, maar op de eilanden zijn kortverbanders ook welkom. Een half jaar is wel het minimum. Baart: “Het is belangrijk dit niet te vergelijken met een vakantie. Dat is echt anders dan de dagelijkse werkpraktijk.” En wie na een jaar toch teruggaat, neemt de nodige bagage mee. Tazelaar: “Zit je hier, dan laat je het Nederlandse los en draai je helemaal mee in de lokale praktijk. Het Burgerlijk Wetboek bijvoorbeeld, zoals de eilanden dat kennen, is in veel opzichten vergelijkbaar met of zelfs identiek aan de corresponderende Nederlandse regels. Dat maakt het voor een Nederlandse advocaat relatief makkelijk om je snel thuis te voelen in de Caribische praktijk.”

Orde van advocaten

Martijn Welten (Spigt; foto: Michel Knapen/Mr.)

Op loopafstand van VANEPS zit advocatenkantoor Spigt (tien advocaten, waarvan drie partners). Partner Martijn Welten (sinds 2001 op Curaçao) vertelt in zijn werkkamer over de lokale advocatuur. Het eiland kent een klein aantal relatief ‘grote’ kantoren en behoorlijk veel kleine kantoren en eenpitters. Er is een Orde van Advocaten, maar anders dan in Nederland is dat op dit moment nog een gewone vereniging waar advocaten op basis van vrijwilligheid lid van kunnen worden, maar dat niet van rechtswege zijn.

Verder geldt voor Spigt wat ook geldt voor VANEPS het gaat niet alleen om puur lokaal werk, maar ook om grotere, internationale zaken, zowel litigation als transacties. En die zaken zijn er volop, vertelt Welten. Curaçao en de rest van het Caribisch deel van het Koninkrijk kennen veel buitenlandse investeringen en zijn volop in ontwikkeling. De praktijk is breed. Neem de verkoop van ABN Amro in het Caribisch gebied, de privatisering van de droogdokmaatschappij, uitgebreide procedures rond de afwikkeling van een offshore bank en de financiering van vliegvelden, ziekenhuizen, hotels en de talloze vastgoedontwikkelingen.

Dat werk kan het best worden gedaan door juristen die hier wonen of zich voor langere tijd willen binden, vindt Welten. “Je maakt hier in een paar jaar meer mee dan in tien jaar Nederland. Je moet doorlopend omgaan met nieuwe omstandigheden en met mensen uit andere landen of culturen dan waar je zelf vandaan komt. Dat is hier meer onderdeel van je dagelijkse werk dan bij een groot kantoor in Nederland.”

Internationaal

Dat is bij BZSE niet anders, een advocaten- en belastingadvieskantoor dat zijn hoofdzetel heeft op Sint Maarten (negen advocaten en twee fiscalisten) en op Curaçao een kleine vestiging met twee ­advocaten. Ook hier is ‘internationaal’ het kernwoord. Met name Sint Maarten telt veel Amerikaanse investeerders. “Dat levert ons veel advieswerk op. Amerikanen lopen voor elke investering naar een advocaat om de contracten te laten controleren”, zegt Gert Bergman. Het gaat om scheepvaart, hotels, toeleveranciers, noem maar op.” Dat alles geschiedt op basis van Sint Maartens recht, dat veel op Nederlands recht lijkt.

Zuidas zaken

Gert Bergman en Jaap Maris (foto: Indra Lont/BZSE)

Jaap Maris runt, samen met Karel Frielink, het kantoor van BZSE op Curaçao. Daar kwam hij in 2014 aan, met echtgenote en twee jonge kinderen. “Wat jonge juristen hier doen, is werk dat in Nederland alleen de senior partners uitvoeren. Hier sta je eerder vooraan met mooie opdrachten.” Denk daarbij aan ‘Zuidas-zaken’, zegt hij. “Daar ben je als jonge advocaat of jonge fiscalist eerder bij betrokken. Het is hier kleinschalig, maar de zaken hebben voldoende omvang.” Laatstejaars rechtenstudenten kunnen bij BSZE een stage van drie maanden lopen.

Steile leercurve

Bergman en Maris geven toe: niet voor iedereen is een leven op de eilanden even prettig. Je moet toch kunnen omgaan met ergernissen – de loodgieter die niet komt opdagen, de aansluiting op wifi die veel langer duurt. Maar: “Iedereen die bij ons werkt kwam ooit als jonkie én is gebleven.” Op Sint Maarten kan BZSE nieuwe mensen gebruiken. Op Curaçao is de vestiging minder gericht op groei. “Maar goede mensen kunnen altijd komen praten.”
Ook bij BZSE benadrukken ze de bijzondere ervaring die juristen op de eilanden kunnen opdoen. “Door de kleinschaligheid ben je hier sneller zelfstandig bezig. Je gaat ook eerder alleen naar de rechtbank en je doet meer cliëntcontacten op. Die ervaring neem je mee als je weer teruggaat naar Nederland. De leercurve is hier erg steil. We zoeken dan ook mensen die dit aan kunnen, die ‘ondernemer’ zijn. En ondanks sommige ongemakken is het op de eilanden ‘avontuurlijker’, zeggen Maris en Bergman. “Op kantoor is het: schouders eronder. Maar aan het eind van de dag zit je in de vakantiesfeer. Je hebt hier altijd mooi weer.”

Dit is een verkorte versie van een artikel dat in het nieuwe nummer van Mr. staat. Het is hier alvast te bekijken (alleen voor betalende abonnees).

Wilt u vanaf nu elke week een samenvatting van al het nieuws van Mr. in uw mailbox? Klik hier

Meer weten over deze organisatie(s)?

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Scroll naar boven