Te veel haast met nieuw Wetboek Strafvordering

Delen:

Beeld bij Bijgewoond StrafvorderingHet ministerie van Veiligheid en Justitie heeft  te veel haast bij het invoeren van de herziene Wetboek van Strafvordering. De politie, de rechters en de advocatuur vinden allemaal dat het tempo omlaag moet, zo bleek tijdens het plenaire debat van het Tweede Congres Modernisering Wetboek van Strafvordering, op donderdag 15 oktober in de Rijtuigenloods in Amersfoort. Alleen voorzitter Herman Bolhaar van het College van Procureurs-Generaal van Openbaar Ministerie wil de vaart erin houden.

Door de herziene wet moet het strafproces sneller, efficiënter en meer digitaal worden, zodat de strafrechtspleging beter aansluit bij de samenleving. Dat betekent in de praktijk: meer accent op het voorbereidend onderzoek door de rechter-commissaris en minder rompslomp bij de bijzondere opsporingsmiddelen zoals de telefoontap, infiltratie en observatie. De nieuwe wet moet in 2018 van kracht zijn, waarna de regels in fases worden ingevoerd.

De nieuwe wet houdt ingrijpende veranderingen in voor alle organisaties in de strafrechtketen, of het nu gaat om politie, Openbaar Ministerie, rechterlijke macht of advocatuur. “Daarom,” vindt vicevoorzitter Kees Sterk van de Raad voor de Rechtspraak, moeten alle schakels in de justitieketen voldoende tijd krijgen om hun organisatie aan te passen aan de nieuwe regels. “Het risico van een gefragmenteerde aanpak is dat de samenhang uit beeld verdwijnt.”

Ook plaatsvervangend korpschef Ruud Bik van de Nationale Politie vindt dat het ministerie een beetje gas moet terugnemen. Hij zei het niet met zoveel woorden, maar de politie wil er naast de haperende reorganisatie niet nog een hoofdpijndossier bij hebben.

Bert Fibbe, Portefeuillehouder strafrecht van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA), was nog stelliger.  Hij noemde het tempo van invoering angstwekkend hoog. “Er komt een grote vloed van wetgeving op ons af. Het kost de advocatuur veel tijd om mee te denken. Dat is een grote last.” Fibbe heeft er een zeer hard hoofd in of alle nieuwe regels op tijd kunnen worden ingevoerd zonder afbreuk te doen aan de kwaliteit van de rechtspleging.

Nadat de advocatuur in de preconsultatie niet was geraadpleegd, vroeg het ministerie later alsnog de mening van de balie. “De consultatie is gelukkig verbeterd,” zei Fibbe. “Maar dat neemt niet weg dat een aantal punten beter kan.” Hij stelde dat de politie, het OM en de rechtspraak de huidige wet uit 1926 niet altijd correct toepassen. Hij wees op de grote organisatorische problemen van de strafrechtsketen, en vroeg zich af: “Wat heeft het voor zin om de landkaart aan te passen als het landschap zelf niet functioneert?”

Van de vier panelleden was OM-baas Herman Bolhaar de enige die de vaart er graag in wil houden. “Snelheid is prima, zolang de belangen van de verdediging gerespecteerd worden.” De praktijk, vindt Bolhaar, schreeuwt om nieuwe regels. “We zitten in een jas die niet meer past.” Als voorbeeld noemde hij de nodeloos knellende regelgeving voor de toepassing van DNA-technieken. “Daar ligt de drempel aan de hoge kant.”

Of het departement op de rem gaat trappen is nog onduidelijk. Op  de vraag van gespreksleider Astrid Joosten wanneer de wet klaar is, hield minister Van der Steur zich op de vlakte.

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Meest gelezen berichten

Van onze kennispartners

Juridische vacatures

Ministerie van Justitie en Veiligheid zoekt een

Scroll naar boven