Gepubliceerde vonnissen: ‘Geen reëel beeld van wat rechters doen’

De vijf procent van de vonnissen die nu gemiddeld gepubliceerd worden geven geen reëel beeld van de uitspraken die rechters doen. Dat maakt het voor de advocatuur onnodig complex om efficiënt te procederen.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Foto Depositphotos

Dat stelt senior vreemdelingenrechter Steffie van Lokven (rechtbank Oost-Brabant) in een discussie op LinkedIn, waaraan vooral juristen maar ook niet-juristen deelnemen.

Privacyredenen

De discussie ontstond na het recente interview met Raad voor de rechtspraak-voorzitter Henk Naves in NRC. Naves zei daarin dat de Raad voor de rechtspraak wil dat het overgrote deel van de ongeveer anderhalf miljoen jaarlijkse uitspraken online wordt gezet. De nauwelijks vijf procent die nu wordt gepubliceerd is te weinig, stelt hij.

Volgens Naves zijn niet alle uitspraken belangrijk genoeg voor publicatie en kan een deel om privacyredenen niet openbaar worden gemaakt. Maar het streven is dat ongeveer 75 procent online beschikbaar zal zijn, aldus de RvdR-voorzitter.

Het doel van het online publiceren is het vergroten van de transparantie van de rechtspraak.

Standaardmatig

De uitbreiding zal een grote opgave zijn voor de Rechtspraak, omdat uitspraken voorafgaand aan publicatie geanonimiseerd moeten worden. Volgens Naves wordt onderzocht of speciale ‘anonimiseringssoftware’ de werklast kan verlichten. Volgens hem is het daarnaast belangrijk dat rechters hun uitspraken anders opschrijven, zegt hij in het interview. “Naarmate vonnissen meer standaardmatig worden geschreven en minder privédetails bevatten, wordt het gemakkelijker ze te anonimiseren.”

Stap terug

Dit laatste leidde op social media al snel tot vragen, zoals bij Mascha Furth (Furth Taaltrainingen), die trainingen begrijpelijk schrijven geeft aan juristen. “Dit is een stap terug!”, reageert zij. “Standaard vonnissen zijn minder transparant omdat ze minder op de betrokkenen zijn afgestemd.” Furth vreest dat te veel volgens een format werken ten koste zal gaan van de motivering.

Standaardisering moet niet zover gaan dat de menselijke maat ondergesneeuwd raakt, schrijft advocaat Cas van Heugten uit Sittard, die vaststelt “dat we genoeg onrechtvaardige jurisprudentie hebben gezien waarbij de rechter strikt en legistisch redeneerde.”

Daarop legt Van Lokven uit dat het anonimiseren alleen betekent dat er gegevens uit een al geschreven en goed gemotiveerde uitspraak worden gehaald om de bescherming van persoonsgegevens van rechtzoekenden te waarborgen.

Uitstekende ontwikkeling

Volgens onder meer arbeids- en migratierechtadvocaat Julien Luscuere (Maes Law) is de uitbreiding juist “een uitstekende ontwikkeling”. “Neem bijvoorbeeld de Immigratie- en Naturalisatiedienst die álle uitspraken in het vreemdelingenrecht op een plankje heeft liggen en hier al naar gelang eentje tussen uittrekt om bij de rechter zijn standpunt te onderbouwen, liefst als “verrassing” vlak voor de zitting. Wij advocaten moeten het nu doen met maximaal 5% van de uitspraken.”

“Goed initiatief”, vindt ook een senior jurist bij ARAG. “Transparant en interessant. Dat komt de toegankelijkheid van het recht ten goede.”

Dat vindt ook Van Lokven. Als het aan haar ligt worden alle vreemdelingrechtelijke uitspraken online gepubliceerd, “zodat beide partijen er kennis van kunnen nemen en de advocatuur niet onwetend wordt gehouden van wat wij zoal beslissen”. Ook de achterstand die advocaten in bewaringszaken volgens haar vaak hebben doordat sommige procesvertegenwoordigers en rechters aanzienlijk meer zaken doen, kan zo enigszins worden gecompenseerd, verwacht zij.

Verschillende afspraken

Het gemakkelijk toegang hebben tot rechtspraak zou volgens Van Lokven niet afhankelijk moeten zijn van programma’s die advocaten al dan niet ter beschikking hebben. “’Wij’ zijn verantwoordelijk voor de openbaarheid van de rechtspraak en denken kennelijk te gemakkelijk dat door publiceren alles ook te vinden is.”

Momenteel hanteren de rechtbanken verschillende interne afspraken over hoeveel en welke uitspraken worden gepubliceerd, stelt Van Lokven, die ook een kijkje in eigen keuken geeft. “Ik publiceer nu alleen zaken waar wat mee is of waarin ik afwijk van vaste jurisprudentie.” Dit zijn vooral gegronde beroepen. “Voor de buitenwereld is dan niet zichtbaar dat per gepubliceerde uitspraak met een gegrond beroep er zeker tien beroepen ongegrond uitgaan.”

De volledige discussie over dit onderwerp op LinkedIn lees je hier.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top