Ingezonden brief Wim Anker

Delen:

Ik las op uw website een artikel van de hand van Job Knoester over het arrest van het Hof Den Bosch van 23 juni 2009. Een belangrijk punt komt in deze overweging niet aan de orde en ook in de diverse mediapublicaties niet. Hof Den Bosch slaat de plank mis.

Ik las op uw website een artikel van de hand van Job Knoester over het arrest van het Hof Den Bosch van 23 juni 2009. Een belangrijk punt komt in deze overweging niet aan de orde en ook in de diverse mediapublicaties niet. Hof Den Bosch slaat de plank mis. In deze zaak heeft het Hof een verdachte, wegens het in bezit hebben van kinderporno, veroordeeld tot een gevangenisstraf van twaalf maanden waarvan tien maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Opvallend in het arrest is het feit dat het gerechtshof zich daadwerkelijk bemoeit met de executie van de sanctie. Het hof stelt dat het heeft kennisgenomen van de maatschappelijke discussie die is ontstaan nadat bekend geworden is dat een aantal tot een korte gevangenisstraf veroordeelden, de opgelegde gevangenisstraf niet behoefde te ondergaan. Deze veroordeelden zouden in plaats daarvan, volgens het hof, onder elektronisch toezicht zijn gesteld. Het hof noemt een zodanige wijziging in de executie in dit geval zeer ongewenst. Het hof stelt in de beslissing expliciet dat de straf, netto twee maanden, in een penitentiaire inrichting moet worden ten uitvoer gelegd. Vervolgens heeft dit arrest ook weer tot veel publiciteit geleid. De kernoverwegingen van het hof waren naar mijn mening echter in het geheel niet noodzakelijk. Het gaat hier om het verschijnsel “elektronische detentie” (ED).

Al enige jaren kunnen veroordeelden tot een maximum straf van 90 dagen (drie maanden) via een enkelband deze korte gevangenisstraf thuis ondergaan. Deze wijze van executeren heeft een aantal voordelen. Naast besparing van celcapaciteit is het ook van belang dat de veroordeelde in het gezin blijft, sociale contacten kan onderhouden en (mogelijk) ook zijn werk kan behouden. Van belang is echter dat in de regeling staat dat het gaat om gevangenisstraffen tot 90 dagen. Wat er netto moet worden ondergaan is derhalve niet relevant. Een gevangenisstraf van twaalf maanden waarvan tien maanden voorwaardelijk levert een netto gevangenisstraf op van twee maanden. De regeling rond elektronische detentie sluit een dergelijk geval echter uit. De straf is immers bruto te hoog. Ondergetekende heeft in het verleden meermalen gepoogd om een cliënt met een straf van tien maanden waarvan zeven voorwaardelijk of zes maanden waarvan drie voorwaardelijk onder elektronische detentie te brengen. Dit is steeds niet gelukt. Er heeft ook een gesprek op het Departement van Justitie in Den Haag plaatsgevonden. Het antwoord was: regels zijn regels.

Het hof had dus gewoon twaalf maanden waarvan tien maanden voorwaardelijk kunnen opleggen en vervolgens had de betrokkene deze straf gewoon moeten uitzitten. Het is opvallend dat in de vele commentaren op dit arrest aan bovengenoemde geen aandacht is besteed.

Met vriendelijke groet,

W. Anker (Anker & Anker Advocaten)

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Scroll naar boven