Het UWV overschrijdt structureel zijn eigen wettelijke termijnen; minister Hans Vijlbrief (Sociale Zaken en Werkgelegenheid, D66) wil daarom de dwangsommen voor de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) tijdelijk buiten werking stellen.
In een wetgevingsadvies laat de Raad voor de rechtspraak weten dat geen goed idee te vinden.
Stok achter de deur
Volgens de Raad vervalt door het wetsvoorstel een laagdrempelig rechtsmiddel en een belangrijke stok achter de deur voor burgers. “Een opgelegde dwangsom is een stevig signaal aan de overheid om de eigen regels te respecteren. Zolang er geen andere laagdrempelige vorm van (rechts)bescherming bestaat wordt de burger aan zijn lot overgelaten.”
Capaciteitsproblemen
De Raad schrijft te begrijpen dat het UWV door capaciteitsproblemen niet in staat is om alle WIA-beslissingen tijdig te nemen, maar dat probleem zou moeten worden opgelost door te investeren in uitvoeringsorganisaties. Als zij mensen beter en sneller kunnen helpen is het afdwingen van besluitvorming via een dwangsom is niet nodig. Maar zolang dat niet het geval is, vermindert het afschaffen van de bestuurlijke dwangsom de rechtsbescherming van mensen die wachten op een beslissing van het UWV.
Tijdelijkheid
Bovendien vindt de Raad dat het onduidelijk is wanneer de bestuurlijke dwangsom weer wordt ingevoerd. De omschrijving in het wetsvoorstel dat dit gebeurt “zodra het UWV weer in staat is om tijdig WIA-beslissingen te nemen” is naar het oordeel van de Raad te ruim. Geadviseerd wordt duidelijk vast te leggen wanneer dit kantelpunt is bereikt.
Werklast Rechtspraak
In het advies wordt opgemerkt dat de Rechtspraak al sinds 2022 haar zorgen uitspreekt over de problemen die worden veroorzaakt doordat meerdere uitvoeringsorganisaties er niet in slagen om binnen geldende termijnen besluiten te nemen. Deze problemen worden steeds groter; de instroom van beroepen niet tijdig beslissen bij de gerechten – en daarmee de werklast – blijft hierdoor ook voortdurend stijgen.
Samenhang
De Raad voor de rechtspraak wijst er verder op dat de problematiek rond het overschrijden van beslistermijnen door uitvoeringsorganisaties op meerdere terreinen in het bestuursrecht speelt. Zo is in het vreemdelingenrecht de bestuurlijke dwangsom al afgeschaft en ligt er bij de Eerste Kamer een wetsvoorstel om ook de rechterlijke dwangsom af te schaffen. In zaken over de Toeslagenaffaire zijn onlangs uitspraken gedaan over rechterlijke dwangsommen. Het is volgens de Raad goed om al deze al deze ontwikkelingen in samenhang te bezien.
