“Ik werk zelf ook met Chat GPT,” zegt advocaat Ruurd van Eck van Van Eck Legal in Enschede. “Soms valt mijn mond open als ik zie hoe goed het werkt. Maar met ECLI-nummers en jurisprudentie gaat AI heel vaak de mist in. Er wordt onjuist verwezen naar een rechtbank en vervolgens naar een ECLI-nummer dat daarmee niet correspondeert. Je zoekt iets over een bouwvergunning en je komt iets tegen over een inbraak.”

Van Eck, gespecialiseerd in het omgevingsrecht, had een cliënt die een beroepschrift opstuurde met een flink aantal pagina’s. “In de directe nabijheid van zijn woning werd een appartementengebouw gebouwd en daar had hij bezwaren tegen. Het beroepschrift leek er goed uit te zien, maar toen ik een tweede keer keek, kwam ik dingen tegen die pertinent onjuist waren. Zo werden nieuwe beroepsgronden aangevoerd met een hele uitleg dat dit op grond van recente jurisprudentie mogelijk was. In het bestuursrecht is enige tijd geleden de grondenfuik verlaten, zodat je in hoger beroep gronden kunt aanvoeren die je in beroep nog niet hebt aangevoerd. Maar die regel geldt juist niet voor het omgevingsrecht, zoals bouwvergunningen.”
Vrijwel kansloos
Volgens het beroepschrift had de cliënt een sterke zaak. “Ik moest hem echter vertellen dat zijn zaak vrijwel kansloos was. Het grappige is: tijdens een jurisprudentiebespreking met collega-advocaten vertelde ik dit verhaal waarop een andere advocaat vroeg: is dat die-en-die? Nou die is ook bij mij geweest’.” Hij was voor Van Eck al bij twee andere advocaten geweest. Van Eck heeft de man ook weer doorverwezen. En hoewel andere advocaten de cliënt bevestigden dat zijn zaak vrijwel kansloos was, bleef hij optimistisch door de stelligheid van AI.
Van Eck heeft de indruk dat particulieren meer dan bedrijven aan de AI-oplossingen vasthouden. “Ondernemers gooien de zaak vaak over de schutting bij de advocaat.”
De cliënt die met een AI-oplossing komt, is meestal duurder uit is, zegt Van Eck. “Je weet per definitie dat dingen niet kloppen of op een andere manier naar voren moeten worden gebracht. Je kunt beter een helemaal nieuw processtuk opstellen dan dat je een bestaand stuk moet herschrijven. AI levert de advocaat meer werk op dan dat het bespaart.”
Mark van Weeren, advocaat bij Blenheim in Amsterdam, ziet dat cliënten vooral in civiele zaken met complete AI-oplossingen komen. “Dat komt doordat bestuursrecht heel complex is met naast een landelijke regeling (de Omgevingswet) ook regels op provinciaal en gemeentelijk niveau. Er komt dan te veel onzin uit de AI-tools.”
Van Weeren, onder meer gespecialiseerd in vastgoed en erfpacht, ziet snel dat Chat GPT is gebruikt. “Vaak heel veel tekst, als je de vraagstelling niet goed afbakent. In een erfpachtzaak had de tool van de cliënt ergens een uitspraak vandaan gehaald en er een onjuist ECLI-nummer aan vast geplakt. Je kunt er niks mee.” In deze erfpachtzaak ging de geciteerde jurisprudentie over kindermishandeling. Toch was de cliënt helemaal overtuigd van het gelijk van AI.
120 pagina’s
In een andere erfpachtzaak, die met een andere advocaat in eerste aanleg was verloren, kwam een cliënt met een analyse van maar liefst 120 pagina’s door Chat GPT. “Het was een complexe zaak,” licht Van Weeren toe. “De cliënt moest zijn eigen pand afbreken en vond dat hij was bedrogen.” Toen Van Weeren de vraagstelling aan Chat GPT las, begreep hij waarom de cliënt overtuigd was van zijn eigen gelijk. “Hij had helemaal naar zijn visie toe geredeneerd. Dan krijg je de antwoorden die je wilt. Bedrog is moeilijk aan te tonen, maar mijn cliënt bleef er maar op doorgaan. Je mag maar 25 pagina’s indienen bij het gerechtshof. We hebben Copilot een samenvatting van tien pagina’s laten maken, maar dan nog krijg je een samenvatting van een slecht verhaal.”

Uiteindelijk ging Van Weeren om de tafel met de cliënt en verwerkte die informatie met de juridische tool Libra (Kluwer). “Daarmee krijg je input voor de juridische onderbouwing. Op basis daarvan hebben een memorie van grieven van 25 pagina’s opgesteld, op onze voorwaarden natuurlijk.”
Cliënten laten zich niet altijd makkelijk overtuigen. “Meestal vraag ik aan de cliënt of hij Chat GPT heeft gebruikt,” vertelt Van Weeren. “Als hij wil dat ik dat allemaal bekijk, ben ik daar anderhalf uur of meer mee bezig. Het kost extra tijd. Als hij mij een korte mail stuurt, dan komen we sneller to the point. Dat is dus goedkoper dan een AI-document bespreken. Maar als de cliënt dat toch wil, beoordelen we de uitkomst van AI.”
‘Overtuigen is ons werk’
Dee cliënt die de 120 pagina’s had toegestuurd zag zelf ook wel dat zijn aanpak niet werkte. “En ja, overtuigen is ons werk,” licht Van Weeren toe. “Wij hebben de leiding van de zaak. Als mensen mij vertellen wat ik moet doen, waar hebben ze dan een advocaat voor nodig?” En als het overtuigen niet lukt? “Dan is de vraag of je verder moet met elkaar.”
Marloes Kuipers, strategisch adviseur voor advocatenkantoren, ziet dat AI de verhouding tussen advocaat en cliënt verandert. “Cliënten komen niet meer alleen met een juridisch probleem. Ze hebben AI soms al gevraagd om een analyse, argumenten en een oplossing. Vervolgens verwachten ze dat de advocaat daar nog even naar kijkt en bevestigt dat het klopt.”
Dat kan juist méér werk opleveren. “Het gevaar is niet dat alles fout is. Een document kan heel overtuigend klinken, terwijl er op een paar cruciale punten juridisch iets niet klopt of belangrijke context ontbreekt. Om daar als advocaat je naam aan te verbinden, moet je het alsnog volledig beoordelen. Opnieuw beginnen kan dan efficiënter en goedkoper zijn.”
Eerste analyse verzamelen
Maar volgens Kuipers is dat niet de belangrijkste impact van AI. “AI verkleint de informatievoorsprong die advocaten altijd hebben gehad. Cliënten kunnen zelf in minuten informatie en een eerste analyse verzamelen. Daarmee verandert ook waarvoor ze straks nog bereid zijn een premium tarief te betalen.”

De toegevoegde waarde van de advocaat verschuift daardoor. “Kennis en het produceren van juridische tekst worden minder onderscheidend. De waarde zit steeds meer in oordeel, strategie, risicoweging en verantwoordelijkheid. Advocatenkantoren die hun verdienmodel nog vooral baseren op uren maken met werk dat AI steeds sneller kan, zullen daar last van krijgen.”
Advocaten hoeven bovendien niet mee te gaan in de werkwijze van de cliënt, meent Kuipers. “Ik adviseer advocaten om vooraf duidelijke afspraken te maken over de inzet van AI. Houd als advocaat de regie over het juridische werk. Wil een cliënt het eindproduct daarna zelf door AI halen, prima. Maar voorkom dat je dienstverlening verandert in het corrigeren van AI-output van de cliënt.”
Nieuwe uitdaging
De discussie over het onderwerp werd op LinkedIn aangezwengeld door advocaat Aniek Braamhaar (BAASZ Advocaten). Zij schreef: “Ik heb er sinds kort een nieuwe uitdaging bij: klanten uitleggen waarom ChatGPT ongelijk heeft. Laatst kreeg ik een AI-analyse van een klant doorgestuurd waarin de toch al heel lang afgeschafte kantonrechtersformule werd gepresenteerd als ‘de ultieme praatplaat voor loyale 50-plussers’. Als ik daar als arbeidsrechtadvocaat bij een wederpartij mee aan zou komen, was ik direct af. AI verandert mijn werk niet alleen in positieve zin. Zo besteed ik soms minder tijd aan het uitleggen van het recht, maar meer aan het managen van AI-gecreëerde verwachtingen.”
Dat AI er soms naast zit blijkt ook uit een grappig voorval in de praktijk van Ruurd van Eck. Diens cliënt meende op basis van AI beter te weten wat Van Ecks uurtarief was dan Van Eck zelf.
