Taal en recht

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Onze onvolprezen Raad voor de Rechtspraak organiseerde op 13 mei een themadag onder de titel “de taal meester”. Tenminste honderdtwintig rechters en officieren van justitie bleken geïnteresseerd. De meesten afkomstig uit de eerste lijn.

Nauwelijks verrassend was dat verreweg de meeste aanwezigen vonden dat de juridische taal begrijpelijker kon en moest. Wie dat niet vindt zal toch wel minder snel de moeite nemen om naar den Haag te komen. Sprekers strooiden uiteraard kwistig met krasse staaltjes van onbegrijpelijk taalgebruik. Er was een taaldeskundige die een onderzoek aanhaalde waaruit bleek dat op een schaal van 0 tot 100 taalgebruik in juridische uitspraken 21 scoorde. Dat is inderdaad weinig geruststellend.

En er werd een filmpje getoond waarin aan mensen op straat gevraagd werd een uitspraak in een civiele zaak van een kantonrechter in den Bosch hardop voor te lezen. Het juridisch jargon dat al in de aanvang van die beslissing ten beste werd gegeven was zo ingewikkeld dat alle tien “publiekvoorlezers” al heel snel afhaakten. Termen als “appellant”, “geïntimeerde”, “conventie” en “reconventie” duwen de lezer al heel snel over de rand van het onbegrip. Een kantonrechter (een andere dan de uitspraak had gedaan) was zelf de enige die de uitspraak zonder haperen voor kon lezen. Maar dat vond hij heel normaal want “ hij had er nu eenmaal verstand van.”

De taalkundige Wessel Visser bracht een door de Raad van Europa vervaardigde meetlat ter tafel: A1 is het eenvoudigste taalniveau. Dan volgt A2, B1, B2, C1 en C2 als moeilijkste (ik had hier bijna geschreven: “hoogste”) taalniveau. (Met www.texamen.nl kun je trouwens je eigen teksten meten). Zijn stelling is dat bijna iedereen taalniveau B1 begrijpt en ook hoger opgeleiden aan dat niveau de voorkeur geven. Want die teksten op B1 niveau lezen snel en makkelijk. In de praktijk hebben de meeste juridische teksten taalniveau C1. Meer dan de helft van de (volwassen) bevolking begrijpt deze teksten niet. En vervolgens betoogde Visser dat B1-niveau voor juridische teksten best kan: “je kunt iedere C1-tekst op taalniveau B1 schrijven. Het wordt alleen niet gedaan.”

Zelf mocht ik – als voorstander – nog in debat met een tegenstander van taalherziening. Voor dat standpunt hoefde ik nieteens te overdrijven:  ik vind het van veel belang dat uitspraken begrepen worden door de meest betrokkenen zelf (in de strafzaak: de verdachte en het slachtoffer), door hun omgeving en door het publiek. Tenminste de bewezenverklaring en de straftoemeting moeten begrijpelijk zijn. Enkele – op de wet afgestemde formules – zijn misschien niet altijd te vermijden maar de hoofdmoot moet voor een gemiddeld opgeleide, dus zeg maar op B1-niveau duidelijk zijn.

En ik vínd dat van belang omdat de legitimerende functie van het recht, het herstel van de rechtsvrede, belemmerd wordt wanneer uitspraken of brieven niet of slecht begrepen worden. Dat onbegrip dreigt de kloof burger-rechter te vergroten.

Politici hebben daar nog veel sterker mee te maken. Een politicus die zijn beleid niet in begrijpelijke taal kan uitleggen zal het uiteindelijk afleggen. De burger beoordeelt hem of haar direct (althans eens in de vier jaar) bij de verkiezingen.

Rechters zijn niet verplicht zich voortdurend te legitimeren. Zij zijn voor het leven benoemd. Verreweg de meesten zijn niet gewend professioneel “toegankelijk” te schrijven. Zij worden “afgerekend” door een hogere rechterlijke instantie en die zal het C1-niveau wel begrijpen, sterker nog zich daar beter in herkennen.

Er is dus nog een wereld te winnen. En gelukkig worden daar ook pogingen toe gedaan: de rechtbank Arnhem heeft in – in 2007 – een project “begrijpelijke brieven” alle standaardbrieven bewerkt. En in de zogenaamde “Promis” strafvonnissen en –arresten (ook ingevoerd in 2007) worden rechters geacht beschuldiging, feitenvaststelling, beoordeling door de rechter en de straftoemeting in duidelijke taal onder elkaar te zetten.

De eerste stappen zijn gezet.

Nu de praktijk nog.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Meest gelezen berichten

Van onze kennispartners

Juridische vacatures

Wageningen University & Research zoekt een

Ook interessant:

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top