Juridisch nieuws

Advocaten gematigd positief over nieuwe gedragsregels

Ze zijn ruim een maand van kracht, de nieuwe gedragsregels voor de advocatuur. Zijn advocaten er tevreden over? Zijn ze werkbaar?

Ze waren in ieder geval wel nódig – vooral door de gewijzigde opvattingen binnen en buiten de beroepsgroep (zoals over vertrouwelijke collegiale communicatie), de herziening van de Advocatenwet, ontwikkelingen in de tuchtrechtspraak (met name met betrekking tot de advocatenprestatie), internationale oriëntatie (regels van de CCBE, de Europese advocatenbond) en technologische trends, bijvoorbeeld op het terrein van (communicatie via) internet.

Inge Schouwink (Foto: Barbara Fuchs)

Eigenlijk hebben de nieuwe gedragsregels niet geleid tot grote veranderingen, zegt tuchtrechtadvocaat Inge Schouwink. Ze spreekt van een ‘herformulering, een betere indeling en enkele vernieuwende elementen’. “We zullen waarschijnlijk zien dat – als de jurisprudentie eenmaal komt – de nieuwe gedragsregels geen grote veranderingen in het tuchtrecht heeft teweeggebracht. In deze regels – in de redactie en in de toelichting – is de bestaande jurisprudentie verwerkt. Het is aangepast aan de stand van het recht. En voor buitenstaanders leesbaarder.”

Noa de Leon (Foto: Advocatenkantoor De Leon)

Ook strafrechtadvocaat Noa de Leon vindt de nieuwe indeling van de gedragsregels ‘duidelijker’. Dat er nu 29 regels gelden en niet meer 39 vindt ze ‘goed’ en verder toont ze zich ‘gematigd positief’. “We moeten wel afwachten hoe het in de praktijk gaat lopen.” Wel is zij kritisch over de manier van invoeren van de nieuwe regels. “Sommigen spraken al van een overval, maar dat zie ik niet zo. De Orde heeft het nodige gedaan zodat advocaten konden meedenken. Het concept was al eerder gepubliceerd. Maar als was afgesproken dat de gedragsregels zouden ingaan één week na publicatie dan had dat meer goodwill kunnen opleveren.”

Ook Schouwink heeft wat moeite met de direct ingangsdatum. “De Commissie Loorbach zei: publiceren is direct ingaan. Ten opzichte van de conceptregels is wat dat betreft een wijziging doorgevoerd met betrekking tot de nieuwe regels over de confraternele correspondentie. Daarvoor stelt de commissie voor vertrouwelijk te laten wat vertrouwelijk was. Ik ben benieuwd of de tuchtrechter deze norm zal bekrachtigen. Die gaat immers over toepassing van de normen voordat de nieuwe regels kenbaar werden gemaakt.”

Confraternele correspondentie

Schouwink stipt het al aan: een van de vernieuwende elementen is de confraternele correspondentie. Schouwink: “Het regime dat we kenden was anders dan elders in Europa. Een schrijven tussen een advocaat en zijn cliënt was vertrouwelijk en kon dus niet aan de rechtbank worden overhandigd. Nu mag dat wel, tenzij je afspreekt dat het níet mag.” Schouwink noemt dat niet wereldschokkend, wel een verbetering. “Wel moet het nog een plaats binnen de praktijk krijgen.” Dat vindt ook De Leon, tevens secretaris van Disciplina, de Nederlandse Vereniging van Tuchtrechtadvocaten. “Het is even wennen. Het is zeker werkbaar maar moet wel nog in de praktijk blijken. Je moet dat ‘tenzij’ niet vergeten af te spreken.”

Melis van der Wulp (Foto: Sacha Grootjans)

Melis van der Wulp van Libertas Advocaten voorziet weinig problemen: “In de strafrecht- en bestuursstrafrechtpraktijk van ons kantoor kan het voorkomen dat confraterneel wordt gecorrespondeerd, met name omdat de wens kan bestaan om een bepaald vraagstuk eens met een collega te bespreken. De wens om vervolgens op die confraternele correspondentie in rechte een beroep te doen, is in onze (bestuurs)strafrechtpraktijk moeilijk denkbaar. Dat confraternele correspondentie niet automatisch confraterneel is, is in onze praktijk dus niet problematisch.”

Doelmatig

Schouwink heeft iets gezien dat mogelijk wél problematisch kan zijn: de kopjes boven de regels. “Die maken de tekst duidelijker maar het risico is dat dingen worden gesimplificeerd. Neem regel 6 met kopje ‘doelmatigheid’. Een advocaat moet doelmatig werken, tegenover zijn cliënt en tegenover de wederpartij. Dat kan op gespannen voet met elkaar staan. Een wederpartij kan zich op kosten gejaagd voelen omdat de advocaat jegens hem niet doelmatig genoeg was. De tuchtrechter moet dan een afweging maken en juist door het gebruik van dit kopje kan doelmatigheid zwaarder wegen dan andere belangen.”

De Leon is vooral tevreden dat de kernwaarden duidelijker en concreter zijn verwoord. “De betamelijkheidsnormen uit de Advocatenwet zijn ingekleurd met gedragsregels, zoals de kwaliteit van het werk in gedragsregel 13. De toelichting anticipeert op de nieuwe regeling rond verplichte feedback. Prima zo.”

Onverenigbaarheid

Erik Witjes (Foto: Sacha Grootjans)

Erik Witjens van Libertas Advocaten is het met Schouwink eens dat de nieuwe gedragsregels niet tot grote veranderingen leiden. Op sommige punten zal de tuchtrechtspraak verdere verduidelijking (moeten) bieden, zoals bij de gedragsregel over de onverenigbaarheid van bepaalde openbare functies met het beroep van advocaat. “De reikwijdte van deze nieuwe regel is niet erg duidelijk. In de toelichting wordt opgemerkt dat het een advocaat vrij staat zijn kunde en ervaring naast zijn praktijk op andere wijzen in te zetten. De grens zal daarbij moeten worden gevonden in het respecteren van de kernwaarden en het waarborgen van het publieke vertrouwen in de advocatuur.”

De grondregel over de nevenfuncties was er al, nu is expliciet gemaakt, zegt De Leon. “Er worden echter geen voorbeelden gegeven. Dat moet de praktijk nog uitwijzen.” Witjens geeft een voorschot: “Een Tweede Kamerlidmaatschap zal niet snel problemen opleveren, het stelling nemen over maatschappelijke problemen is immers voor veel advocaten tweede natuur en zal het publieke vertrouwen in de advocatuur niet schaden. Dat wordt al lastiger bij een lidmaatschap van bijvoorbeeld de tuchtcommissie Banken voor een advocaat met een financial litigation praktijk. In de publieke opinie zal de onafhankelijkheid en geloofwaardigheid van deze advocaat indien deze namens banken blijft optreden hoogstwaarschijnlijk op de tocht staan.’

Witjens vraagt zich af in hoeverre de explicitering van deze regel werkelijk een toegevoegde waarde vormt. “Ik denk dat advocaten zelf het beste in staat zijn de inschatting te maken waar de grenzen liggen en hun eigen verantwoordelijkheid daarvoor – ook vroeger al – namen. Deze regel wijzigt daar in zoverre niets aan.”

Open deur

Inge Schouwink wijst nog op artikel 1 van de gedragsregels, over de positie advocaat in de maatschappij. Dat noemt ze een ‘open deur’ maar aan de andere kant: wederpartij, cliënt en de hele samenleving weten nu wel beter aan welke normen een advocaat moet voldoen. “Maar het zijn soms ook normen die tegengesteld kunnen werken, zoals die doelmatigheid. Dat geldt ook voor gerechtvaardigde verwachtingen zijn geschonden tegenover partijdigheid. Ik mis de optelsom van die belangen.” Desondanks noemt Schouwink de gedragsregels ‘zeker werkbaar’. “Als normen zijn ze open en abstract. Ze moeten nog worden ingevuld met concrete voorbeelden.”

Overnemen van cliënten

Noah de Leon vindt dat de herijkte gedragsregel 28 – over het overnemen van cliënten – niet volledig is. “De inhoud ervan is in lijn met de vaste jurisprudentie van het Hof van Discipline, die nu is gecodificeerd. Ik had mij kunnen voorstellen dat, juist gelet op de welwillendheid tussen advocaten onderling, niet alleen aan de overnemende advocaat een verplichting wordt opgelegd op welke wijze een lopende zaak dient te worden overgenomen, maar ook aan de advocaat van wie de zaak wordt overgenomen de verplichting om zo spoedig mogelijk onderling overleg te voeren en bij de cliënt te verifiëren of er inderdaad een wens is tot overname. Ik vind dat ook van de advocaat van wie wordt overgenomen mag worden verwacht, juist met het oog op die zorgvuldige en niet onbetamelijke wijze van overnemen, dat niet wordt getalmd. Dit nu mis ik in de (toelichting op de) gedragsregels.”

Eigen geweten

Tot slot: zijn er zaken niet geregeld die wel geregeld hadden moeten worden? Van der Wulp beantwoordt die vraag met een wedervraag. “Zijn er in de nieuwe gedragsregels niet ook zaken geregeld die, met name gezien de kernwaarden van de advocaat (onafhankelijkheid, partijdigheid, deskundigheid, integriteit en geheimhouding), eigenlijk niet geregeld zouden moeten hoeven worden? Ik moet in dit verband denken aan wat mijn patroon ooit zei over de regels waaraan je je als advocaat hebt te houden. Als advocaat moet je je houden aan de wet, de gedragsregels en je eigen geweten. Als het goed is, dan is dat laatste de meest strenge toets.”

Lees ook het opiniestuk van Libertas Advocaten over de nieuwe gedragsregels.

Wilt u geen belangrijk juridisch nieuws meer missen?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over de auteur

Michel Knapen

Michel Knapen

Recente vacatures

Recente vacatures