Advocatenordes verontwaardigd over toezichtsplannen Teeven

Delen:

Internationale verontwaardiging en verbazing. Dat was de oogst van de kabinetsplannen om in Nederland het toezicht op de advocatuur te verscherpen. Ze werden besproken tijdens het vierdaagse congres van de International Bar Association (IBA) en de Nederlandse Orde van Advocaten. Ruim 120 vertegenwoordigers van advocatenorganisaties uit 56 landen waren in het Haagse Bel Air Hotel bijeengekomen om ervaringen uit te wisselen. Afgelopen donderdag vormde politiek ingrijpen in ordes van advocaten onderwerp van gesprek. De sussende woorden die staatssecretaris Teeven een dag tevoren bij de opening had uitgesproken leken hun werking totaal te hebben gemist.

Wég voorbeeldfunctie

Het nieuwe toezichtorgaan dat er moet komen zal door de overheid worden benoemd én gefinancierd, wat de aanwezigen verdacht veel op staatsbemoeienis vonden lijken. Dat terwijl spreker Ed Murphy, de voorzitter van de Law Society of Ireland, het voorstel nog “mild” noemde, aangezien er in Ierland een ingrijpender idee op tafel ligt. Daar komt geen toezichtstelsel náást het bestaande systeem van zelfregulering, zoals bij ons, maar wordt zelfregulering helemaal door het nieuwe, door de staat gereguleerde toezicht vervangen. Murphy vindt dat Ierland hier internationaal gezien op gevaarlijke wijze een deur openzet. Als een rechtstaat als Ierland zo iets doet, wat let andere landen dan nog?

Mede dankzij de uitstekende discussieleider Willem Calkoen (NautaDutilh) werd de microfoon ook door het publiek veel gebruikt. De voorzitter van de Oekraïense advocatenorde, Andriy Kostin, wond zich enorm op. “Wanneer wij in Oekraïne lobbyen voor een onafhankelijke advocatuur wijzen we altijd naar de West-Europese landen als goede voorbeelden, maar met deze plannen van Nederland en Ierland…” Hij maakte zijn zin niet af en stak veelbetekenend zijn handen in de lucht. Hij kreeg bijval van collega’s uit onder meer Polen, Japan en Kenia.

OPTA niet vergelijkbaar met toezicht op advocaten

Annetje Ottow is behalve hoogleraar economisch publiekrecht in Utrecht ook bestuurslid van de OPTA, het orgaan dat toezicht houdt op de telecommunicatiemarkt. Zij wees er op dat de OPTA in de praktijk geheel onafhankelijk van het ministerie opereert, hoewel deze instantie daar officieel onder valt. Dat riep meteen protesten op uit de zaal. Even later verwoordde de Amsterdamse hoogleraar advocatuur Britta Böhler de bezwaren tegen de vergelijking nog eens helder. De OPTA controleert vanuit het publieke belang private partijen die verder weinig met de overheid van doen hebben. Maar advocaten hebben alles met de overheid van doen – zij is hun wederpartij in meer dan de helft van de zaken. Bovendien, voegde Böhler toe, gaat het eigenlijk niet eens om de daadwerkelijke invloed. Er mag al geen schijn van belangenvermenging ontstaan.

Ook algemeen deken Jan Loorbach reageerde in de discussie. Hij vertelde de zaal over het alternatief waar de Nederlandse Orde mee is gekomen: een stelsel van gelaagd toezicht. De staat houdt dan toezicht op de toezichthouders van de advocatuur en hoeft dan dus zelf geen individuele dossiers meer in te zien. Er is tot dusver nog niet op het alternatieve voorstel gereageerd.

Na alle commotie over het toezicht was het de hoogste tijd voor een pauze. Daarna zou gediscussieerd worden over de rol van advocaten bij het Internationaal Strafhof, maar de aanwezigen waren tijdens de koffie nog niet met het volgende onderwerp bezig. Om hun ongerustheid te bedwingen zal onze staatssecretaris – net als zijn Ierse collega – met een beter verhaal moeten komen.

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Scroll naar boven