Guldemond beschermt burger tegen nukken van overheid

Delen:

Guldemond beschermt burgerMag de burgerlijke rechter oordelen over bestuurshandelingen van een bestuursorgaan? Bijna honderd jaar geleden beantwoordde de Hoge Raad die vraag met ja in het baanbrekende arrest Noordwijkerhout/Guldemond. Dat was voor uitgever Wolters Kluwer reden om nu een boek te wijden aan deze klassieker uit jurisprudentiebundels. Het boek ‘De burgerlijke rechter in het publiekrecht’ werd op donderdag 17 december ten doop gehouden in de zittingszaal van De Hoge Raad in Den Haag.

Stokoud arrest

Over dit ‘stokoude arrest’, dat werd gewezen op oudejaarsdag 1915, valt heel wat te vertellen, zo bleek tijdens het bijbehorende symposium. De Hoge Raad greep de zaak van tuinder Guldemond tegen de gemeente Noordwijkerhout aan om het principe van obiectum litis op de kaart te zetten: de bevoegdheid van de rechter is afhankelijk van het object van geschil. Tuinder Guldemond kreeg daarom genoegdoening.

Moedige woorden

Emeritus hoogleraar privaatrecht Gerrit van Maanen vindt dat we de Hoge Raad dankbaar mogen zijn voor de ‘moedige woorden’ in Guldemond, omdat de rechter bescherming bood tegen de aantasting van het recht van de burger. De Hoge Raad pakte zo terrein terug op de Staat die, uit angst voor onvoorspelbare claims, rechtszaken tegen de overheid liever in de handen van de minder onafhankelijke bestuursrechter legde.

Conservatieve bal

Van Maanen schaarde het arrest in de categorie ‘Lindenbaum-Cohen’ (1919), waarin de Hoge Raad het ook opnam voor de burger. Van Maanen had ook een verklaring voor de koerswijziging naar een nieuwe tijd: de conservatieve president Aernout Philip Theodoor Eijssell was opgevolgd door de modernere Witius Hendrik De Savornin Lohman. Van Maanen deinsde er, in een bij tijd en wijle cabareteske voordracht, niet voor terug om raadsheer Eijssell een conservatieve bal te noemen die het oude aansprakelijkheidsartikel 1402 B.W. liefst dood verklaarde. Eyssell, zei Van Maanen, was een enge man, die bang was dat kantonrechters in de provincie naar hartenlust de overheid het vel over de oren zouden trekken. En onder die kantonrechters zouden zich, volgens Eijssell, idealisten kunnen bevinden, zoals geheelonthouders, vegetariërs en tegenstanders van de doodstraf. Een waar schrikbeeld dus.

Urgenda

Aan eind van zijn redevoering gaf Van Maanen president Maarten Feteris van de Hoge Raad nog een ongevraagd advies mee. “Wat doet u als over drie jaar de Urgenda-zaak bij de Hoge Raad terecht komt, en de premier belt een dag van te voren met de mededeling dat dit een zaak van de politiek is, en niet voor de rechter?” Van Maanen gaf het antwoord zelf: “Dan denkt u net als De Savornin Lohman: het is de taak van de rechter om de macht van de administratie in te perken.”

Amtshaftung

Ook voormalig hoogleraar Willem Konijnenbelt bleek een begenadigd spreker. Na een fictief verslag van de zitting uit 1915 (‘Mijn juridische vrinden en ik verlieten de zaal opgetogen’) onderzocht hij of wij op het gebied van de ‘Guldemond-vraag’ iets kunnen opsteken van de rechtspraktijk in de landen om ons heen. De conclusie was kort: niets eigenlijk. Engeland worstelt zichtbaar met het vraagstuk, en in Duitsland heeft de zogeheten Amtshaftung alleen betrekking op particuliere personen, zodat de benadeelde burger alleen via de fictieve hink-stap-sprong bij het overheidsorgaan kan uitkomen. En in Frankrijk staan bestuursrechter en civiele rechter soms nog met de rug naar elkaar. Konijnenbelt memoreerde onder andere dat ze bij de nieuwjaarsreceptie van de president van de republiek in 1953 zelfs weigerden naast elkaar te zitten. Tel daar bij op dat de Franse burger, (onder meer doordat de provinciale parlementen diep in de 18e eeuw rechtsprekende taken hadden – hoezo onafhankelijkheid) nog immer wantrouwen koestert tegen zijn rechters, en we zien dat ook Frankrijk nog een lange weg te gaan heeft.

Een fiets van hout

Hoogleraar bestuursrecht Ben Schueler (Universiteit Utrecht) liet zich er niet door uit het veld slaan. “Zodra iemand zegt dat een fiets van hout is, mag de timmerman fietsen repareren,” citeerde hij de eminente rechtsgeleerde Jan Leijten. Waarbij de fiets symbool staat voor de rechtsvraag en de timmerman voor de burgerlijke rechter. Die timmerman is overigens niet te benijden want de rol van de burgerlijke rechter in het publiekrecht is een wespennest zonder weerga. Schueler toonde dat niet alleen aan met een onnavolgbaar pijlendiagram (‘Dit is het gevolg van een vereenvoudiging’), maar ook met het axioma ‘Over aansprakelijkheid van een overheidsorgaan oordeelt de burgerlijke rechter behalve als de bestuursrechter bevoegd is, en andersom’.

Dat de civiele rechter, vooral bij de handhaving van algemene rechtsregels, ook nog eens functioneert als een – dure en tijdrovende – excuus-Truus, maakt het er allemaal niet beter op.

Gelukkig brachten de boekpresentatie en de borrel, in Huis Bentinck aan het Lange Voorhout, uitkomst.

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Meest gelezen berichten

Van onze kennispartners

Juridische vacatures

Scroll naar boven