26 juristen in de nieuwe Tweede Kamer

Onder de Tweede Kamerleden die op 17 maart zijn gekozen zitten 26 juristen, zo blijkt uit een inventarisatie van Mr. Dat zijn er evenveel als in de vorige periode, maar het aantal juristen in de Tweede Kamer is al decennialang aan het dalen.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Depositphotos_12141521_s-2019-8c0e7f9c
foto: Depositphotos

De nieuwe VVD-fractie telt zes juristen, bij de PVV zijn het er vijf, bij het CDA vier, bij D66 drie, bij ChristenUnie en Forum voor Democratie twee. SP, SGP, JA21 en Volt hebben één jurist in huis. Bij GroenLinks, PvdA, PvdD, 50Plus, Denk, Bij1 en BBB neemt geen enkele jurist plaats in de Tweede Kamer.

Overigens kunnen nog veranderingen optreden nadat de voorkeursstemmen zijn geteld. Zo voerden oud-officier van justitie Chris van Dam (CDA) en hoogleraar sociologie van de mensenrechten Barbara Oomen (PvdA) actie om met voorkeursstemmen te worden gekozen. Inmiddels hebben voorkeursstemmen al één extra jurist opgeleverd: de nummer 4 van Volt, advocaat Marieke Koekkoek, liet via Twitter weten dat ze met voorkeursstemmen de Kamer ingaat. De officiële uitslag van de verkiezingen wordt op 26 maart bekendgemaakt.

Dominant

Bert van den Braak
Bert van den Braak

Tussen 2017 en 2021 hadden ook 26 juristen zitting in de Tweede Kamer. “Maar het aantal juristen in de Tweede Kamer is de afgelopen dertig, veertig jaar voortdurend afgenomen”, aldus Bert van den Braak. Hij is als parlementair historicus verbonden aan het Montesquieu Instituut en daarnaast bijzonder hoogleraar parlementaire geschiedenis en parlementair stelsel aan de Universiteit Maastricht.

Hij vertelt dat juristen eeuwenlang de politiek in Nederland domineerden. De rechtenstudie was dé bestuurlijke opleiding voor de politieke elite in de Republiek der Verenigde Nederlanden (de voorloper van het huidige Koninkrijk), en dat bleef nog lang daarna gelden. Tot halverwege de negentiende eeuw was ruim 60 procent van de leden in Eerste en Tweede Kamer jurist. Begin twintigste eeuw liep dat terug naar rond de 50 procent. In de jaren zeventig was nog tussen de 25 en 30 procent jurist, nu is dat zo’n 15 procent. Van den Braak: “Sinds 1945 zie je een steeds grotere diversiteit ontstaan in de achtergrond van Tweede Kamerleden. Tot de jaren zeventig, tachtig groeide vooral het aandeel economen, daarna het aantal sociaal wetenschappers. Tegenwoordig zie je veel bestuurskundigen en politicologen in de Tweede Kamer.”

Veel advocaten

Zeker toen het Kamerlidmaatschap nog een deeltijdbaan was, voelden veel advocaten, rechters en docenten rechtsgeleerdheid zich daartoe geroepen. Vooral advocaten gingen de politiek in. Tegenwoordig is het aandeel vakjuristen veel kleiner.

Naast de net al genoemde Marieke Koekkoek van Volt, komen drie van de andere nieuwelingen in de Tweede Kamer uit de advocatuur: Don Ceder (ChristenUnie), Ulysse Ellian (VVD; zoon van de Leidse hoogleraar Afshin Ellian) en Sidney Smeets (D66). Ook onder de al langer zittende Kamerleden bevinden zich oud-advocaten, zoals Lilian Helder (PVV), Mona Keijzer (CDA) en Michiel van Nispen (SP). PVV’er Raymond van Roon was voordat hij in 2007 in de Tweede Kamer belandde meer dan twintig jaar werkzaam bij het Openbaar Ministerie als officier van justitie en later advocaat-generaal. FvD-debutant Gideon van Meijeren werkte voor hij juridisch medewerker van de fractie werd drie jaar als wetgevingsjurist.

De meeste andere juristen in de Tweede Kamer hebben na hun studie geen specifiek juridische functie bekleed.

Nuttige opleiding

Tot ver in de twintigste eeuw maakte wetgeving het leeuwendeel van het parlementaire werk uit. Zeker in de tijd dat Kamerleden nog geen ondersteuning bij het Kamerwerk kregen en zelf direct betrokken waren bij het proces van wetgeving, was rechten een nuttige opleiding. Dat maakte het beoordelen en redigeren van wetsartikelen en het formuleren van amendementen een stuk makkelijker. Tegenwoordig steken Kamerleden minder tijd in wetgeving. Dat komt volgens Van den Braak onder meer door decentralisatie en doordat Europese regelgeving een grotere rol is gaan spelen. “Kamerleden zijn nu vooral veel bezig met actuele kwesties en beleidsvragen. Vaak vinden ze het ook niet zo heel erg aantrekkelijk om veel tijd in tamelijk onopvallende wetgevingsarbeid te steken. Ze houden zich liever bezig met onderwerpen die scoren in het debat.”

Niet veel reparatiewetgeving

Ondanks de geringere bemoeienis van Kamerleden met de wetgeving is de technische kwaliteit daarvan in het algemeen niet enorm teruggelopen, stelt Van den Braak. “We zien niet veel reparatiewetgeving. Blijkbaar worden er niet heel veel fouten gemaakt. Daarbij speelt natuurlijk mee dat alle ministeries tegenwoordig een afdeling wetgeving hebben en dat de Raad van State en de Eerste Kamer ook nog naar nieuwe wetten kijken.”

Overigens stuitten hij en collega-auteur Joop van den Berg bij het schrijven van een artikel over juristen in politiek voor het Jaarboek parlementaire geschiedenis 2020 op een fout in een amendement van Boris Dittrich. De oud-advocaat en oud-rechter zat tussen 1994 en 2006 voor D66 in de Tweede Kamer. In het amendement-Dittrich (1998) werd de bewijspositie van het Openbaar Ministerie in zaken betreffende namaakgoederen vereenvoudigd. Maar onbedoeld leidde het amendement ertoe dat er ook niet-strafwaardige gevallen onder zouden vallen, zoals goederen die uitsluitend voor eigen gebruik waren nagemaakt. “Dat bleek pas toen het wetsvoorstel al in beide Kamers was aangenomen; er is toen gekozen voor reparatie achteraf.”

Bezwaarlijk

Kamerleden mogen zich dan minder dan vroeger met wetgevende arbeid bezighouden, juridische kennis is nog steeds wel degelijk van belang in de politiek. “Om de kwaliteit van wetsvoorstellen te kunnen beoordelen, moet je weten waaraan goede wetgeving moet voldoen. Dat is van belang voor goede uitvoerbaarheid van wetten, voor het zicht op samenhang met andere wetgeving en internationaal recht en voor de consistentie”, zegt Van den Braak. “En sowieso is het belangrijk om als fractie juridische kennis in huis te hebben. Het is wel bezwaarlijk dat er nu in de nieuwe Tweede Kamer een aantal partijen is zonder jurist.”

Dit artikel is op 22 maart aangepast, nadat bekend werd dat Marieke Koekkoek van Volt met voorkeursstemmen werd gekozen.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top