De eerste visie van een nieuw stelsel voor de organisatie van advocatenkantoren werd gedeeld door twee leden van de algemene raad van de NOvA, Else Loes Pasma en Frank Kroes. Dit gebeurde op dinsdag 29 september tijdens het symposium ‘Moderne praktijkstructuren in de advocatuur’ bij het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Meer innovatie
De NOvA komt met voorstellen omdat de huidige regels voor organisatiestructuren niet altijd meer aansluiten op ontwikkelingen in de rechtspraktijk. Met het voorstel worden meer ‘samenwerking, innovatie en beperkte externe financiering’ mogelijk, terwijl de onafhankelijkheid, vertrouwelijkheid, deskundigheid, integriteit en partijdigheid van advocaten – zo stelt de NOvA – ‘aantoonbaar geborgd’ blijven.
Staak
In het nieuwe systeem wordt geen onderscheid meer gemaakt tussen verschillende vormen waarin de advocatuur wordt bedreven. Alle advocaten onderwerpen zich aan één set aan gelijkluidende voorwaarden. Afhankelijk van de gekozen vorm van samenwerking pakken de voorwaarden verschillend uit op het vlak van toelating, registratie, governance en toezicht. Ieder advocatenkantoor krijgt de verplichting te beschrijven in welke organisatorische eenheid zij werkzaam is. Alle advocaten vormen gezamenlijk een afzonderlijke organisatorische eenheid, genaamd de staak.
Zeggenschap
Alle advocaten moeten binnen dezelfde afzonderlijke identiteit zijn ondergebracht, zodat zij gezamenlijk als beroepsmatige eenheid functioneren binnen het kantoor. Advocaten vormen dus gezamenlijk een staak waaraan binnen het samenwerkingsverband doorslaggevende zeggenschap toekomt over de praktijkuitoefening, de naleving van de kernwaarden en de inrichting van de besluitvorming. Daarbij moet duidelijk worden vastgelegd hoe de zeggenschap zich verhoudt tot de eigendom en aandelenverhoudingen binnen het kantoor: ook wanneer sprake is van andere aandeelhouders of externe financiers, mag de feitelijke invloed op de beroepsuitoefening niet buiten de staak komen te liggen. De staak moet voorkomen dat commerciële, organisatorische of externe belangen de onafhankelijke beroepsuitoefening van de advocaat beïnvloeden.
Toezicht
Het toezicht richt zich niet alleen op de individuele advocaat, maar ook op het kantoor: naast advocaten worden ook kantoren normadressaat. Er wordt centraal toezicht gehouden op de inrichting van de staak, de feitelijke zeggenschap, de naleving van de governance-afspraken, de rol van externe financiers, en de borging van onafhankelijkheid en geheimhouding binnen de organisatie. Toezicht moet op deze manier beter aansluiten bij de feitelijke praktijk. Voor dit alles is de spoedige oprichting van de OTA (onafhankelijke toezichthouder advocatuur) gewenst, aldus de NOvA. Dit alles moet nieuwe organisatievormen mogelijk maken, met behoud van de eigen verantwoordelijkheid van de advocaat. Het moet ook innovatie en toegang tot het recht bevorderen, zonder dat afbreuk wordt gedaan aan kernwaarden en waarborgen.
Externe financiering
Nieuw is dus dat de NOvA externe financiering toelaat, zij het onder voorwaarden. Dit moet investeringen in digitalisering, AI-toepassingen en nieuwe vormen van dienstverlening ondersteunen en daarmee bijdragen aan een betere toegang tot het recht. Wel erkent de NOvA dat er risico’s zijn voor onafhankelijkheid, zeggenschap en geheimhouding. Eerdere tekende Mr. reacties op van advocaten die niet bepaald staan te springen op externe aandeelhouders.
Rapporten
Lees hier het rapport Commissie Kernwaarden Advocatuur en Alternatieve Organisatie Structuren, waarin overigens het begrip staak niet voorkomt. In april 2026 verscheen het rapport Moderne praktijkstructuren voor advocaten, dit kunt u hier lezen.
