Niet omdat je iets verkeerd hebt gedaan. Maar omdat je in een categorie valt die platforms liever niet bedienen.
Dit is wat er in de praktijk gebeurt als je magic truffels verkoopt in Nederland — psilocybinehoudende producten die hier volledig legaal zijn, en waarvan de juridische status geen toeval is, maar het gevolg van een bewuste keuze van de Nederlandse wetgever.
Als eigenaar van Paddoskopen.nl loop ik al jaren tegen de gevolgen van dat spanningsveld aan.
Hoe truffels legaal werden
In december 2008 plaatste minister Ab Klink paddenstoelen met een hallucinogene werking op lijst II van de Opiumwet. De aanleiding: enkele incidenten met toeristen in Amsterdam. Wat minder bekend is: het eigen adviesorgaan van de minister, het Coördinatiepunt Assessment en Monitoring nieuwe drugs (CAM), had in juni 2007 na uitgebreid onderzoek geconcludeerd dat een verbod disproportioneel was.
De risicoschatting was helder: geen lichamelijke of geestelijke afhankelijkheid en geen betrokkenheid van georganiseerde criminaliteit. De commissie schreef letterlijk dat “het verbieden van hallucinogene paddo’s een onevenredig zwaar middel lijkt in verhouding tot de overlast en schade die ontstaat door het bestaande gebruik.”
De minister legde dat advies naast zich neer. Het paddoverbod is een schoolvoorbeeld van wetgeving die niet voortkomt uit wetenschappelijke onderbouwing maar uit incidenten en beeldvorming.
Het verbod richtte zich uiteindelijk alleen op paddenstoelen. Truffels zijn botanisch gezien geen paddenstoelen maar sclerotia — ondergrondse reserveopslagorganen van dezelfde schimmel, met dezelfde werkzame stoffen psilocybine en psilocine. Omdat sclerotia niet onder de definitie “paddenstoel” vallen, bleven ze buiten het verbod en vallen verse truffels onder de Warenwet en niet onder de Opiumwet.
Dit was de wetgever bekend. Uit parlementaire stukken en Kamervragen uit 2011-2012 blijkt dat al bij de totstandkoming van het verbod werd voorzien dat gebruikers zouden overstappen van paddo’s naar truffels. Een expliciete regeling voor sclerotia bleef desondanks uit.
De consequentie van de gekozen wettelijke definitie is dus dat een product met dezelfde werkzame stoffen buiten het verbod bleef vallen. Niet omdat de wetgever niet wist dat truffels bestonden, maar omdat het verbod juridisch werd afgebakend op basis van de paddenstoel zelf en niet op basis van de werkzame stoffen of de onderliggende schimmel.
De juridische conclusie is helder: de handel in verse truffels is volledig legaal in Nederland. Dat is geen maas in de wet, maar het directe gevolg van de manier waarop het paddoverbod in 2008 is vormgegeven.
Google: afhankelijk van één bedrijf
Adverteren bij Google of Meta is voor psilocybine-gerelateerde producten niet mogelijk, ongeacht de lokale wettelijke status. Dat is geen Nederlands beleid — het is wereldwijd uniform beleid van Amerikaanse bedrijven dat geen rekening houdt met wat de Nederlandse wetgever heeft besloten.
Het gevolg is structureel: zichtbaarheid in deze branche is vrijwel volledig afhankelijk van organisch zoekverkeer. Van één bedrijf. Met een algoritme dat niet transparant is, regelmatig verandert en waarvan niemand precies weet wat het wil.
Dat leidt tot situaties die voor de meeste ondernemers ondenkbaar zouden zijn. Mijn webshop heet paddoskopen.nl — terwijl ik geen paddo’s verkoop, want die zijn verboden. Ik verkoop magic truffels en kweeksets, beide legaal. De naam is een strategische keuze: mensen die zoeken naar psilocybine-producten zoeken nu eenmaal vaker op “paddos kopen” dan op “magic truffels kopen.” Omdat adverteren niet mogelijk is, is de domeinnaam een manier om dat zoekvolume op te vangen en bezoekers naar legale producten te leiden.
Bedrijven in andere sectoren kunnen tegenvallende organische rankings compenseren met advertentiebudget. Hier is dat geen optie. De volledige acquisitie is afhankelijk van de grillen van één algoritme van één bedrijf, zonder transparantie over de spelregels, zonder alternatief, en zonder juridisch pad als het misgaat.
Knab: al dan niet strafbaar of gedoogd
In januari 2024 ontving ik een standaardbrief van Knab. Mijn zakelijke rekening voldeed niet meer aan hun acceptatievoorwaarden. De reden: mijn bedrijfsactiviteiten vielen onder de categorie smartshops en aanverwante activiteiten. De brief voegde daar expliciet aan toe: “al dan niet strafbaar of gedoogd.”
Die toevoeging is juridisch opmerkelijk. De bank sluit bewust ook volledig legale activiteiten uit. Knabs motivering was begrijpelijk vanuit bedrijfsperspectief: als kleine bank moeten ze keuzes maken over welke sectoren ze bedienen, mede vanwege de verplichtingen uit de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Maar de redenering wringt. In mijn bezwaarschrift aan Knab wees ik erop dat alle betalingen van mijn klanten online verlopen via een betaalprovider, volledig gedocumenteerd en traceerbaar — het tegenovergestelde van een risico op witwassen. Ik vroeg Knab concreet te maken waarom mijn webshop tijdrovender zou zijn qua klantonderzoek dan een webshop in koffiebonen of smartphonehoesjes.
Een antwoord op die vraag heb ik nooit gekregen. Wat ik na maanden wachten wél kreeg: tegenstrijdige informatie over wanneer de acceptatievoorwaarden precies waren gewijzigd, en uiteindelijk een brief dat het besluit onveranderd bleef.
Ik wees in mijn bezwaarschrift ook op een uitspraak van de rechter uit mei 2023, gepubliceerd in NRC Handelsblad, waarbij Knab een vergelijkbare opzegging van een smartshophouder niet mocht doorzetten omdat de bank niet concreet had gemaakt waarom die ondernemer een verhoogd risico vormde. De rechter oordeelde dat een algemeen verhaal niet voldoende is om het belang van de ondernemer bij een betaalrekening opzij te schuiven. Knab moest concreet maken waarom de klant in kwestie een probleem vormt.
Die uitspraak veranderde niets aan mijn afwijzing.
Wat de redenering verder ondermijnt: het Wwft-argument dat Knab aanvoert is gebaseerd op een verondersteld criminaliteitsrisico in deze sector. Maar het eigen wetenschappelijke adviesorgaan van de overheid, het CAM, concludeerde in zijn risicoschatting uit 2007 expliciet dat er “geen aanwijzingen zijn voor betrokkenheid van georganiseerde criminaliteit” bij de handel in psilocybine-producten. De risicoscore op criminele betrokkenheid is gering. Het CAM-informatierapport over sclerotia uit 2014 bevestigt hetzelfde beeld. De overheid int btw over deze producten, haar eigen adviesorgaan kwalificeert het criminaliteitsrisico als gering, en de bank weigert een rekening wegens datzelfde risico. Dat is precies de inconsistentie die de rechter in de vergelijkbare Knab-zaak uit 2023 ook zag: categoriale bezwaren zijn onvoldoende als er geen concreet onderbouwd risico bij de specifieke ondernemer wordt aangetoond.
Banken hebben op grond van hun maatschappelijke positie een zorgplicht en mogen niet zonder zwaarwegende grond klanten opzeggen. Maar “zwaarwegend” blijkt in de praktijk een rekkelijk begrip als de Wwft-ruimte als schild wordt aangevoerd — ook als de ondernemer in kwestie een volledig transparante, online traceerbare betalingsinfrastructuur heeft en geen enkele wettelijke overtreding heeft begaan.
Trustpilot: sole and absolute discretion
Trustpilot benaderde mij ongeveer zeven jaar geleden zelf om een account aan te maken. Ik deed dat, bouwde een profiel op en verzamelde beoordelingen. Reviews zijn in deze branche onmisbaar — klanten die een product met psilocybine overwegen willen bewijs dat anderen positieve ervaringen hebben gehad. Het effect van de verwijdering op het conversiepercentage was direct merkbaar in de omzetcijfers. Dat Trustpilot destijds zelf het initiatief nam, maakt het des te opmerkelijker.
Op 13 april 2026 ontving ik een brief. Trustpilot had “sole and absolute discretion” om te bepalen of een bedrijf in aanmerking komt voor hun platform, en had besloten dat mijn domein binnen drie werkdagen zou worden verwijderd. Geen concrete toelichting, geen bezwaarprocedure.
Wat volgde was een correspondentie van bijna twee maanden waarin ik steeds dezelfde vragen stelde en steeds andere non-antwoorden ontving. Ik vroeg welke specifieke beleidsregel van toepassing was. Geen antwoord. Ik vroeg naar de grenzen van hun eigen smartshop-categorie — Trustpilot heeft er een, dus kennelijk zijn sommige smartshops wél toegestaan. Geen antwoord. Een medewerker stelde dat ik “magic mushrooms” verkoop — feitelijk onjuist, want ik verkoop kweeksets en magic truffels, beide legaal in Nederland.
De meest uitgebreide reactie die ik uiteindelijk ontving was ook de meest verhullende. Drie alinea’s om uit te leggen dat de verwijdering niet op een specifieke overtreding was gebaseerd maar op een categoriebepaling, dat de aanwezigheid van vergelijkbare bedrijven op het platform geen bewijs is dat die zijn goedgekeurd, en dat vergelijkingen met alcohol of vaping “niet noodzakelijkerwijs tot identieke uitkomsten leiden.” Wat er feitelijk stond: wij doen wat we willen, we leggen het niet uit, en we hebben ‘sole and absolute discretion’ om dat te blijven doen.
Ik wees er meerdere keren op dat Trustpilot wél alcoholmerken, gokplatforms en tabaksbedrijven bedient. Hun argument is dat zij “highest ethical standards” hanteren en dat verschillende categorieën “different regulatory and reputational risks” met zich meebrengen. Dat argument is moeilijk vol te houden als je de beschikbare onderzoeken erbij neemt.
Het eigen wetenschappelijke adviesorgaan van de Nederlandse overheid, het CAM, registreerde in twee jaar tijd 2.100 ambulanceritten gerelateerd aan alcoholgebruik in Amsterdam, tegenover een fractie daarvan gerelateerd aan paddo’s en truffels. Lichamelijke of geestelijke afhankelijkheid: geen. Betrokkenheid georganiseerde criminaliteit: gering. Het CAM-informatierapport over sclerotia uit 2014 voegt daaraan toe dat “in géén van de in de media gemelde gevallen het bewijs werd geleverd voor een causaal verband tussen het gebruik van sclerotia en het incident.” In de vergelijkende schadestudie van Bonnet et al. (2020, Frontiers in Psychiatry) eindigden paddo’s en truffels op de veertiende plek van vijftien onderzochte stoffen — na alcohol, heroïne en crack. Jellinek bevestigt hetzelfde beeld op basis van het meest recente Europese onderzoek.
Als “highest ethical standards” het criterium is, dan is de vraag welke ethische standaard precies leidt tot de conclusie dat psilocybine-truffels een groter risico vormen dan alcohol, gokken of tabak. Trustpilot heeft die vraag in de volledige correspondentie nooit beantwoord. In de laatste reactie erkende Trustpilot uiteindelijk zelf dat het niet louter om legaliteit of gezondheidsschade gaat, maar om “reputational and commercial risk” — een formulering die aanzienlijk eerlijker is dan “highest ethical standards”, maar die de selectiviteit van de beslissing ook blootlegt.
Een extra probleem: na de verwijdering toonde de voormalige profielpagina een melding die fraude en gebrek aan naleving van richtlijnen suggereerde. Ik vroeg meerdere keren om die pagina te vervangen door een neutrale melding, zodat niet de indruk werd gewekt dat mijn bedrijf zich schuldig had gemaakt aan nep-reviews of manipulatie. Ook dat verzoek werd afgewezen.
Juridisch is “sole and absolute discretion” contractueel in beginsel rechtsgeldig — private partijen mogen weigeren. Maar Trustpilot heeft een dominante positie in de markt voor consumentenreviews, en de vraag of die discretie onbegrensd is bij een dergelijke marktpositie verdient aandacht in het mededingingsrecht.
Alcohol mag wel — en dat is niet toevallig
Alcohol heeft op advertentieplatforms ook restricties — leeftijdsverificatie, regionale beperkingen — maar wordt uiteindelijk geaccepteerd. Bij banken, betaalproviders, bezorgdiensten en reviewplatforms ondervinden alcoholbedrijven ook nauwelijks drempels. Dat terwijl de onderzoeken die hierboven zijn aangehaald laten zien dat alcohol aanzienlijk hoger scoort op schade dan psilocybine. Het RIVM schat het aantal alcoholgerelateerde sterfgevallen in Nederland op circa 2.720 per jaar. Het aantal sterfgevallen door psilocybine is zo zeldzaam dat de Nationale Drug Monitor het niet als aparte categorie registreert.
Waarom wordt alcohol dan wel geaccepteerd? Waarschijnlijk door twee aspecten: maatschappelijke acceptatie en economische omvang. Alcohol is een te grote markt om uit te sluiten. Psilocybine niet. Platforms maken risicoafwegingen, en die zijn niet puur gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek of juridische status — ze zijn gebaseerd op wat maatschappelijk normaal voelt en wat economisch de minste weerstand geeft. Trustpilot zei het zelf: het gaat om “reputational and commercial risk.”
Wat het recht hierover zegt — en wat niet
Voor wie juridisch wil nadenken over deze situatie zijn er een paar relevante kaders. Geen van alle bieden op dit moment een afdoend antwoord.
De Digital Services Act (DSA), van kracht sinds februari 2024, regelt transparantie en contentmoderatie voor grote platforms. Maar de DSA gaat over illegale content, niet over toegang tot commerciële dienstverlening. Een platform dat weigert advertenties te plaatsen voor een legaal product, of een reviewplatform dat een account verwijdert op basis van categoriebepaling, valt buiten het directe toepassingsbereik.
Het mededingingsrecht biedt meer aanknopingspunten. Op grond van artikel 24 Mededingingswet en artikel 102 VWEU kan de ACM misbruik van een dominante positie beoordelen, waaronder het weigeren van toegang tot infrastructuur die noodzakelijk is voor marktdeelname. Het Hof van Justitie oordeelde in het eerste kwartaal van 2025 bovendien dat platformweigering ook misbruik kan opleveren als die de mededinging op basis van verdienste kan beperken — ook zonder dat aantoonbare effecten zich al hebben voorgedaan (Bureau Brandeis, Competition Flashback Q1 2025). De praktische drempel blijft echter hoog, en de ACM heeft op dit terrein tot op heden niet handhavend opgetreden.
De Digital Markets Act (DMA) biedt mogelijk de meest concrete grondslag. Alphabet (Google) is door de Europese Commissie als poortwachter aangewezen voor onder meer Google Ads. Poortwachters zijn verplicht zakelijke gebruikers eerlijke toegang te bieden. Of dat ook geldt voor legale maar gevoelig gecategoriseerde sectoren is nog niet beantwoord in jurisprudentie. Het is de meest directe route voor een klacht bij de Europese Commissie — en een route die in deze context tot op heden onbenut blijft.
Op het niveau van individuele contractbeëindiging biedt artikel 6:248 BW in theorie enige bescherming. Banken hebben een zorgplicht en mogen niet zonder zwaarwegende grond opzeggen. De rechtspraak laat zien dat een algemene risicoclassificatie niet voldoende is — de bank moet concreet maken waarom deze specifieke ondernemer een probleem vormt. Toch geeft de Wwft banken ruime discretie, en die ruimte wordt breed geïnterpreteerd.
Trustpilots “sole and absolute discretion” is contractueel in beginsel rechtsgeldig. Maar bij een dominante marktpositie roept die clausule vragen op over de grenzen van contractsvrijheid.
De vraag die overblijft
Wie bepaalt uiteindelijk wat mag: de overheid of Big Tech? Het antwoord is voorlopig duidelijk — en het is niet de overheid.
Uiteindelijk lukt het in deze branche om bij de meeste platforms terecht te kunnen. Er zijn betaalproviders die wél willen, banken die wél een rekening openen, bezorgdiensten die wél leveren. Maar het kost onevenredig veel moeite, vereist gespecialiseerde en duurdere alternatieven, en blijft precair. De echte lacune — de enige waarvoor geen alternatief bestaat — is de afhankelijkheid van één zoekmachine van één bedrijf als enig acquisitiekanaal.
Dit gaat verder dan truffels. Het gaat over een mechanisme dat elk legaal bedrijf kan treffen dat opereert in een sector die platforms onwenselijk vinden: nationale wetgeving die een product expliciet toestaat, wordt in de praktijk doorkruist door private beleidsregels van bedrijven die essentiële commerciële infrastructuur beheren — zonder democratisch mandaat, zonder transparantie, en zonder adequaat juridisch kader om daar iets tegen te doen.
De Nederlandse wetgever maakte in 2008 een bewuste keuze om truffels buiten het verbod te houden, daartoe ook geadviseerd door zijn eigen wetenschappelijke adviesorgaan. Platforms maken vervolgens hun eigen keuze — en die weegt in de praktijk zwaarder.
Dat verdient aandacht — niet alleen voor smartshops, maar voor elke ondernemer die legaal opereert in sectoren die platforms liever niet zien.
De auteur verkoopt sinds 2017 legaal magic truffels en kweeksets in Nederland en beschikt over de volledige documentatie van de beschreven weigeringen.
Bronnen
- CAM (2007). Risicoschatting van psilocine en psilocybine bevattende paddenstoelen (paddo’s). RIVM, Bilthoven
- CAM (2007). Aanvullende informatie paddoincidenten in Amsterdam. RIVM, Bilthoven, oktober 2007
- CAM (2014). Informatierapport sclerotia (hallucinogene truffels). RIVM, Bilthoven, april 2014
- Bonnet et al. (2020). Ranking the Harm of Psychoactive Drugs Including Prescription Analgesics to Users and Others. Frontiers in Psychiatry. DOI: 10.3389/fpsyt.2020.592199
- Van Amsterdam, Nutt, Phillips & Van den Brink (2015). European rating of drug harms. Journal of Psychopharmacology, 29(6), 655–660
- Van Amsterdam et al. (2010). Ranking the harm of alcohol, tobacco and illicit drugs for the individual and the population. European Addiction Research, 16, 202–207
- Trimbos-instituut / Expertisecentrum Alcohol. Alcohol en sterfte — cijfers 2023
- Jellinek.nl. Welke drug is de gevaarlijkste?
- Nationale Drug Monitor 2023 (Trimbos-instituut/WODC)
- WHO Global Status Report on Alcohol and Health (2024)
- Kamervragen (Aanhangsel) 2011-2012, nr. 1032. Officiële bekendmakingen, overheid.nl
- NRC Handelsblad, 2 mei 2023: ‘Bank mocht zakelijke rekening smartshophouder niet opzeggen’
- Verordening (EU) 2022/2065 (Digital Services Act)
- Verordening (EU) 2022/1925 (Digital Markets Act)
- Bureau Brandeis. Competition Flashback Q1 2025 — EU and Dutch competition law developments
- Europese Commissie, 6 september 2023: aanwijzing poortwachters onder de DMA
