‘Dubbelrol Jansen als NVvR- en SSR-baas onwenselijk’

Delen:

Rosa JansenIn de juridische wereld worden vraagtekens gezet bij de benoeming van Rosa Jansen tot nieuwe voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak (NVvR). Een aantal wetenschappers en oud-rechters vraagt zich af of Jansen de belangen van de rechtersvakbond goed kan dienen nu ze als baas van de rechtersopleiding SSR tegelijkertijd sterk verbonden is met de Raad voor de Rechtspraak. Die heeft een grote vinger in de pap bij benoemingen en de verdeling van middelen. Volgens de NVvR zelf is er geen sprake van onverenigbare functies.

Professor Anne Ruth Mackor zet een aantal kanttekeningen bij de benoeming van Rosa Jansen. “Dat Jansen vanuit twee hoedanigheden mede bepaalt welk onderwijs wordt gegeven is om twee redenen onwenselijk,” zegt Mackor die hoogleraar professie-ethiek van juridische professies is aan de Rijksuniversiteit Groningen. “Onderwijs is belangrijk voor de kwaliteit van de rechtspraak. Je wil dat ideeën daarover vanuit meerdere perspectieven komen, en dus niet dat dat in één hand ligt. Bovendien zie ik een rechtsstatelijk probleem, omdat over de kwaliteit van onderwijs (en dus van de rechtspraak) spanning kan bestaan tussen de Raad voor de Rechtspraak en de NVvR. Daarom moet je die twee organisaties uit elkaar houden. Maar de SSR is eigendom van de Raad voor de Rechtspraak, die de missie, de visie en de strategie van de SSR bepaalt en die functioneringsgesprekken met Rosa Jansen voert. En dus zit Rosa Jansen op een plek waar het schuurt. Daar komt nog de vraag bij: bij wie kan je als RIO terecht als  je een probleem hebt met de SSR?”

Mackor komt niet tot een eensluidende conclusie. “Ik zeg niet dat dit onbestaanbaar is. Er zijn misschien nog meer overwegingen. Het kan zijn dat Rosa Jansen er met kop en schouders bovenuit stak, en dat ze dat hebben afgewogen. Maar we hebben 2400 rechters in Nederland, was er nu niemand te vinden zonder dubbele petten?”

Oud-rechter Klaas Mollema noemt de benoeming van Jansen een lastige kwestie. “Vroeger, vóór het bestaan van de Raad voor de Rechtspraak, was de voorzitter van de NVvR altijd een president of oud-president die geen carrière meer hoefde te maken.”

Nu die Raad er wel is, moet de voorzitter van de NVvR op afstand staan en volkomen vrij zijn, vindt Mollema. “Als je nog iets met je carrière wilt, moet je niet te veel ruzie maken met de Raad. De SSR is voor subsidies afhankelijk is van de Raad voor de Rechtspraak. Daar zit absoluut een risico in.”

Voormalig rechter Peter Ingelse noemt de benoeming ‘niet voor de hand liggend’. “De voorzitter van de NVVR zit daar met twee petten op. Als een rechtbankpresident zou zijn benoemd, zou ik hetzelfde denken.” Ingelse voegt daar wel aan toe dat Rosa Jansen en de NVVR daar zelf waarschijnlijk ook aan hebben gedacht, en daar wellicht afspraken over hebben gemaakt die het bezwaar wegnemen.

Hoogleraar Elaine Mak heeft minder problemen met de dubbelfunctie. De hoogleraar empirische studies van het publiekrecht aan de EUR kan zich voorstellen dat een RIO het niet prettig vindt om een probleem binnen de SSR aan te kaarten bij de NVvR. “Maar de opleiding van rechters is het enige punt waarop ik spanning zie. Die spanning kun je wegnemen door op dat punt transparant te zijn, en een duidelijke procedure in te richten.” Onder die voorwaarden kan Jansen uitstekend voorzitter zijn van de NVvR, meent Mak. “Over de andere aspecten van rechtspleging gaat de SSR niet, daarover kan Rosa Jansen dus vrijuit spreken.”

Daar komt bij, meent Mak, dat de SSR niet klakkeloos hoeft uit te voeren wat de Raad voor de Rechtspraak zegt. “Via de Raad van Opdrachtgevers en de Gebruikersraad hebben de gerechten zelf invloed. Er is wel degelijk ruimte voor dialoog.” Mak stelt dat Rosa Jansen is gekozen met instemming van de ledenraad en dat 70 procent van de rechters en officieren van justitie is aangesloten bij de NVvR. Daaruit concludeert ze dat een grote groep vertrouwen in Rosa Jansen heeft.

Maar dat laatste staat niet vast, zegt Anne Ruth Mackor. “De ledenraad bestaat uit afgevaardigden, en hoeft dus niet per se de mening van alle leden te vertegenwoordigen.” Mackor heeft nog een suggestie voor magistraten die de benoeming van Jansen willen aanvechten: de statuten bieden de mogelijkheid om een referendum te houden onder alle stemgerechtigde leden als 250 of meer van hen dat willen. Die moeten dan wel opschieten: ze moeten in actie komen binnen een maand na een publicatie van het besluit van de ledenraad.

Volgens de NVvR is er geen sprake van onverenigbare functies. Woordvoerster Ilse van der Poel legt uit dat in de statuten slechts is vastgelegd dat het ‘niet wenselijk is om een functionele autoriteit als voorzitter van de NVvR te hebben’. Van der Poel zegt dat Rosa Jansen geen functionele autoriteit is voor leden van de NVvR en wijst erop dat de leden (in de vorm van de ledenraad) hierover uiteindelijk besluiten.

De woordvoerster vervolgt: “De besluitvorming daarover binnen de ledenraad en vereniging was zeer breed gedragen, onder meer vanwege haar enorme netwerk en bestuurlijke ervaring. Dat was dan ook de opdracht van de leden aan het bestuur geweest: zoek een bestuurlijk zwaargewicht en Rosa is dat binnen de rechtspraak.”

De benoemingsadviescommissie en de ledenraad van de NVvR hebben mogelijke belangenconflicten besproken. “Als zich een kans op belangenverstrengeling voordoet, wordt daar volgens de regels waar magistraten mee bekend zijn, mee omgegaan,” zegt Van der Poel. In een aanvullende mail licht Rosa Jansen toe dat er goede afspraken zijn gemaakt om de rollen te scheiden. Zij wijst er ook op de RIO is in dienst bij een rechtbank of gerechtshof. “Daar moet hij/zij ook heen indien hij/zij een probleem heeft met zijn opleiding.”

Anne Ruth Mackor vindt dat de NvVR in deze kwestie onhandig heeft geopereerd:  “Als je kunt voorzien dat een besluit controversieel is, dan kun je dat beter transparant maken voor leden en voor buitenstaanders. Als je van te voren benoemt dat Rosa Jansen daar met twee petten op zit maar dat je daar goede argumenten voor hebt, sta je veel sterker.”

Jansen verwerpt die kritiek: “Een besluit van de eigen leden uit de rechtspraak is nooit controversieel. Bovendien weet iedereen binnen de rechtspraak dat ik ook verbonden ben aan de SSR. Transparanter kan niet, zou je zeggen.”

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Scroll naar boven