Skills & Capabilities

Dunne of dikke zolen: hoe ga ik om met stress

Heb jij dikke of dunne zolen?

Schaatsster Jutta Leerdam haalde op 12 januari 2020 de gouden medaille 1000 meter op de EK lange baan. In het vrolijke interview later op de dag gaf ze aan geen enkele last van de druk van het publiek te voelen. Sterker, het bracht haar tot grotere hoogte. Ze had er plezier in!

Ooit in spanning gezeten over een praatje of bespreking? Voor velen van ons is er niet veel nodig om slecht te slapen of rode vlekken te krijgen. In de topsport heeft men het dan over dikke en dunne zolen. En dan gaat het niet over die recente Dr. Adams rage. Het komt hierop neer: voel je de spanning makkelijk, dan heb je dunne zolen. Heb je juist meer spanning nodig om in actie te komen, dan heb je dikke zolen. Jutta Leerdam is een voorbeeld van iemand met dikke zolen: zelden heeft ze te veel spanning. Ze vaart er juist goed op: strakke deadlines en meer spanning zijn zelfs nodig, anders wordt ze te laconiek. Het is goed om van jezelf te onderzoeken of je dikke of dunne zolen hebt.

Stress heeft te maken met weerbaarheid. Ben je mentaal sterk of zwak? Hoe ga je om met spanning of stress? Wat zeg je tegen jezelf als het tegenzit: ben je optimistisch of pessimistisch? Voor een deel is het talent, maar met mentale training kan je dingen verbeteren.

Stress

Anders dan iets ondefinieerbaars of iets dat je ineens overvalt, kun je best wat aan stress doen. Stress is het waargenomen verschil tussen wat je kúnt (capaciteit) en wat er op dat moment van je geëist wordt (bijvoorbeeld een belangrijke bespreking of een zitting). Stress is trouwens niet per se slecht. Voorafgaand aan een kort geding heeft een advocaat een bepaalde mate van (wedstrijd)spanning nodig. Dat noemen we de gezonde spanning. Een beetje is goed; te veel gaat tegen je werken. Nu is de vraag, hoe doseer ik dat en wat kan ik aan spanning of stress doen?

Hieronder wat tips & tricks:

  1. De bekende slogan “If you fail to prepare, you prepare to fail” geldt echt. Stress vermijden begint met een goede voorbereiding. Wees effectief. Lees de instructie drie keer door. Wat heeft een klant, manager of opleiding precies aan je gevraagd? Wanneer zullen ze tevreden zijn? Als je de inhoud op orde hebt, doe er dan vervolgens alles aan om je goed voor te bereiden. Het plannen van de route, op tijd zijn en rekening houden met tegenvallers hoort daarbij.
  2. Soms moet je in korte tijd de binnenbocht nemen. Vooral bij situaties die nooit meer zullen voorkomen – een mondeling examen van een cursus, theorie van het rijbewijs enzovoort – dan gelden soms andere regels: uittreksels, nachtje doorhalen, concentratiepillen (als die zouden helpen) kunnen baat brengen. Dit moet echter geen routine worden.
  3. Stress slaat sneller toe bij perfectionisme. Wat helpt is denken in progressie in plaats van perfectie. In dit opzicht helpt een langetermijnplan (stip aan de horizon). Denk erover: waar wil je over twee tot drie of vijf jaar zijn? Als het gaat om het voordragen van jurisprudentie tijdens de wekelijkse lunch: neem je voor over twee jaar beter te zijn in het kernachtig voordragen van een belangrijke uitspraak. Dat is beter dan: “vrijdag scoren door de jurisprudentie perfect te doen!” (met het risico dat als dat niet lukt je sterk gefaald hebt).
  4. Kleine stapjes: wees realistisch. Vaak vergelijk je jezelf met de sterren van kantoor of afdeling. Dat is niet altijd slim en pakt zelden goed uit. Vergelijk met jezelf of met vergelijkbare talenten.
  5. Doelen stellen: bijvoorbeeld beter worden dan de rest (een zogenaamd resultaatsdoel), ik wil beter worden dan vorige keer (een prestatiedoel, bijvoorbeeld een PR) of ik wil beter worden in de manier van presenteren (procesdoel). Dan is er nog een droomdoel (ik wil de jongste partner ooit worden/wereldkampioen worden en dergelijke). Als je een doel wat minder ambitieus inzet zal je minder snel onderuitgaan; dus meer prestatie- en procesdoelen.
  6. Blijf bij je routine. Verander geen dingen in het proces. Op de dag zelf moet je varen op je routine en wil je niet overvallen worden door nieuwe of onverwachte dingen. Dus zelfde laptop, schoenen, vervoer, eten en dergelijke.
  7. Bij incidenten (IT-issues, herrie, lastige vragen) kun je twee afslagen nemen: nadenken over wat een ramp het is of tegen jezelf zeggen: “Dit is een incident en het kan gebeuren.” “Ik blijf bij wat ik behoor te doen: mijn kerntaak (bijvoorbeeld voordragen of luisteren of wat dan ook).”
  8. Voorafgaand aan de prestatie wil je geen afleiding. Luister naar je favoriete podcast, doe je favoriete mediatieoefening en/of zonder je af van personen of apparaten die je afleiden.
  9. Doe wat ademhalingsoefeningen. Bij stresssituaties raadt men aan om langer uit te ademen (bijvoorbeeld in zes tellen) dan in te ademen. Het lichaam reset zichzelf: je vertelt je systeem als het ware dat het veilig Dat je goed bent voorbereid.

Robert de Wilde (@meetdewilde) is coach van professionals & mediator en voormalig advocaat. Dit is het vierde artikel (stress en weerbaarheid) van een serie van tien over Inspiratie en Prestatie.

Bronnen:

Wilt u geen belangrijk juridisch nieuws meer missen?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over de auteur

Robert de Wilde

Robert de Wilde

Robert de Wilde was in een vroeger leven advocaat/interim jurist in Amsterdam en op de Nederlandse Antillen. Hij rende ooit rond als artiestenmanager. Als coach van professionals volgt hij de laatste ontwikkelingen op het gebied van leren, persoonlijke groei en innovatie.

Recente vacatures

Recente vacatures