Geen bewijsbare zaak, dus gewoon schadevergoeding

Als het Openbaar Ministerie onvoldoende heeft aangetoond dat er sprake is van een bewijsbare zaak, heeft de verdachte gewoon recht op vergoeding van de geleden schade. Dat heeft de rechtbank Amsterdam bepaald in een beschikking in de nasleep van een strafzaak tegen een drugsverdachte.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Geen bewijsbare zaak dus gewoon schadevergoeding
Foto: Depositphotos

De verdachte werd op 30 april 2015 aangehouden en vastgezet op verdenking van medeplegen van drugshandel. Een dag later werd hij vrijgelaten. Bijna vier jaar later, op 22 februari 2019, heeft de officier van justitie de strafzaak onvoorwaardelijk geseponeerd en dat per brief van aan de verdachte meegedeeld.

Bewijsbaar

De zaak was volgens het Openbaar Ministerie (OM) bewijsbaar, maar de officier vond het niet meer opportuun om deze zaak nog te vervolgen. De verdachte is door het sepot op een redelijke wijze bejegend, aldus het OM, waardoor het niet meer billijk is om een schadevergoeding aan de verdachte te verstrekken.

De advocaat van de verdachte voerde echter aan dat de rechter-commissaris in deze zaak de vordering tot inbewaringstelling heeft afgewezen en dat er daarna niets meer aan het dossier is toegevoegd. Bovendien, vindt de raadsvrouw, ontkent de verdachte, en bevat het dossier te weinig aanknopingspunten om vast te kunnen stellen dat er sprake is van medeplegen van drugshandel. Kortom: er is volgens de verdediging geen sprake van een bewijsbare zaak. Omdat de advocatenkosten van 1358,40 euro zijn gemaakt vanwege de vervolging is vergoeding redelijk en billijk, aldus de advocaat.

Onjuiste maatstaf

De rechtbank kiest partij voor de verdachte.  De rechtbank stelt dat het Openbaar Ministerie een onjuiste maatstaf hanteert door te redeneren dat er geen schadevergoeding hoeft te worden toegekend omdat sprake is van een bewijsbare zaak. “Hoewel het dossier belastende omstandigheden bevat, is de rechtbank van oordeel dat niet geconcludeerd kan worden dat de kosten van rechtsbijstand gedurende de detentie daarom voor risico van verzoeker dienen te blijven,” schrijft de rechtbank. “Dit geldt te meer nu verzoeker de bevindingen van de politie betwist.”

De verdachte krijgt de 1358,40 euro daarom vergoed.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten.

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top