Bij het opstellen van vonnissen worden al jaren fouten met namen gemaakt, signaleerde de Algemene Rekenkamer vorig jaar mei. De Rekenkamer deed er onderzoek naar in het kader van Verantwoordingsdag en kwam tot de conclusie in minimaal 867 strafzaken de tenaamstelling van onherroepelijke vonnissen niet goed was.
Naamfouten in vonnissen kunnen ontstaan doordat politie, het Openbaar Ministerie of een rechter de naam van een verdachte verkeerd spelt, of doordat verdachten bij hun aanhouding een valse naam opgeven die niet gecorrigeerd wordt.
Onschuldige derden
In de ‘voortgangsrapportage aanpak foutieve tenaamstellingen in vonnissen’ meldt staatssecretaris Claudia van Bruggen van Rechtsbescherming de Tweede Kamer dat 61 procent van de 867 zaken inmiddels is bekeken. In de 87 zaken waarin tot dusver is gebleken dat onschuldige derden nadelige gevolgen konden ondervinden doordat hun naam in een vonnis staat, zijn maatregelen getroffen. Er zijn tot nu toe geen aanwijzingen dat vonnissen bij verkeerde personen ten uitvoer zijn gelegd.
Overigens zijn vanaf 2025 tot 1 mei 2026 nog 99 nieuwe zaken opgedoken waarin sprake is van een mogelijke onjuiste tenaamstelling in een onherroepelijk vonnis, zo blijkt uit de rapportage.
Rechter nodig
Als het om eenvoudige administratieve fouten gaat, kan de Justitiële Informatiedienst van het ministerie zelf correcties doorvoeren. Maar als een correctie gevolgen heeft voor de inhoud of de rechtsgevolgen van een onherroepelijk vonnis, moet er een rechter aan te pas komen. Bestaande procedures, zoals herziening bij de Hoge Raad, bieden daarvoor niet altijd een passende route. Daarom wordt gewerkt aan een aanvullende rechterlijke procedure waarmee onjuiste tenaamstellingen sneller kunnen worden gecorrigeerd, aldus de staatssecretaris.
Lange adem
Ook werken het ministerie en de ketenpartners aan manieren om onjuiste tenaamstellingen in onherroepelijke vonnissen, die een uitvloeisel zijn van “het complexe proces van identiteitsvaststelling in de strafrechtketen” te voorkomen.
Aan het eind van de rapportage concludeert Van Bruggen dat er het afgelopen jaar aantoonbaar voortgang is geboekt in de aanpak van onjuiste tenaamstellingen, maar dat het een proces is dat een lange adem vergt.
