Juridisch nieuws Rechterlijke macht

Onrust over angstcultuur bij Rechtbank Noord-Nederland

Rechtbank Groningen
De rechtbank in Groningen. (Foto: Raad voor de rechtspraak)

Bij de Rechtbank Noord-Nederland heerst onrust over de managementcultuur en gebrekkige communicatie door het gerechtsbestuur. Na het vervangen van de bedrijfsarts, het vertrek van drie managementassisentes, het beëindigen van de kritische columns van rechter Edzard van Weringh op het interne netwerk Intro en het aftreden van de voorzitter van de integriteitscommissie, wordt geklaagd over een onveilig werkklimaat.

Mr. sprak drie rechters over het werkklimaat en de angstcultuur en kreeg inzage in berichten op het interne netwerk Intro. Rechtbankpresident Maria van de Schepop zegt dat ze het onveilige werkklimaat ‘niet herkent, maar zich er wel rekenschap van geeft’. Ze geeft toe dat de interne communicatie onder de maat was.

In gesprekken met Mr. maken drie rechters gewag van autoritair gedrag van leidinggevenden, waardoor medewerkers geen kritiek durven uiten. De vertrouwenspersonen van de rechtbank constateerden eerder dit jaar dat medewerkers de bejegening als onveilig ervaren en dat de vrijheid van spreken in het gedrang is.

Hand in eigen boezem

Maria van de Schepop
Maria van de Schepop. (foto: Raad voor de rechtspraak)

Het gerechtsbestuur erkent tegenover Mr. dat het in communicatief opzicht onhandig heeft geopereerd. “We hebben te weinig aandacht gehad voor de interne communicatie met onze mensen,” zegt rechtbankpresident Maria van de Schepop. “Hier past de hand in eigen boezem. We zijn begonnen met een intern communicatietraject.” Van de Schepop wijt de problemen onder meer aan de ingrijpende gevolgen van de fusie van drie rechtbanken in 2013: “We hebben verzuimd onze mensen in het veranderingsproces mee te nemen.”

Van de Schepop zegt zich niet te herkennen in berichten over een angstcultuur, een onveilig werkklimaat en autoritair gedrag van leidinggevenden. Op de vraag of ze het bestaan daarvan ontkent, antwoordt de rechtbankpresident: “We zijn een grote organisatie, verspreid over drie provincies, met meer dan 700 mensen. We kunnen niet uitsluiten dat mensen zich onveilig voelen. We zitten tenslotte in een veranderingsproces, en dat geeft onrust. We willen totaal geen angstcultuur. Maar we geven ons er rekenschap van dat veranderingen onvrede en wantrouwen aanwakkeren.”

Van de Schepop weerspreekt dat medewerkers geen kritiek zouden durven geven. Alleen al de kritische kanttekeningen op Intro logenstraffen die bewering, zegt de rechtbankpresident.

Hoog ziekteverzuim

Over de bedrijfsarts:

“In mijn periode als teamvoorzitter heb ik geregeld contact gehad met de  bedrijfsarts. Afgezien van het feit dat hij een prettige persoon is, is hij ook een heel kundige bedrijfsarts. Hij geeft adviezen waar de medewerkers en de leidinggevenden veel aan hebben, ook als het gaat om het voorkómen van uitval. Dat is ook de ervaring van andere leidinggevenden….Ik betreur deze stap dan ook erg, en acht het weinig voorstelbaar dat het ziekteverzuim hierdoor zal worden teruggedrongen.”
(Een rechter op het interne netwerk Intro)

“Het valt mij op dat er geen reactie van het bestuur komt op kritiek. Is het niet bij machte een inhoudelijk weerwoord te geven?”
(Een rechter op het interne netwerk Intro)

Afgelopen zomer bereikte de onvrede een kookpunt door het vervangen van de bedrijfsarts, het vertrek van drie managementassisentes, het beëindigen van de kritische columns van rechter Edzard van Weringh op het interne netwerk Intro en het aftreden van rechter Sietske Dijkstra als voorzitter van de integriteitscommissie. Op Intro uitte het rechtbankpersoneel pittige kritiek op het gerechtsbestuur en leidinggevenden. “Het rommelt erg,” zegt ook voorzitter Marcel Smit van justitievakbond Juvox.

Vooral het vervangen van de bedrijfsarts heeft veel kwaad bloed gezet onder het personeel. Op 12 juli maakte het gerechtsbestuur op Intro bekend dat de bedrijfsarts zou worden opgevolgd door twee andere artsen van de arbodienst.

De verklaring van het bestuur was dat het hoge ziekteverzuim (gemiddeld tien procent) omlaag gebracht moest worden. Maar een rechter, die niet met naam genoemd wil worden, ziet een andere reden. De bedrijfsarts moest weg omdat hij de oorzaak van het hoge ziekteverzuim juist toeschreef aan de botte bejegening door managers, verklaart deze rechter. Marcel Smit (Juvox) bevestigt dat na op verzoek van Mr. zijn achterban binnen de rechtbank te hebben geraadpleegd: “Het ziekteverzuim is volgens mijn bronnen bij Rechtbank Noord-Nederland veroorzaakt door de onveilige werksfeer die onder meer is ontstaan door de botte bejegening door sommige leidinggevenden.”

De beslissing om de bedrijfsarts te vervangen ontlokte felle kritiek van de ondernemingsraad (OR). “Met verbijstering heeft de OR kennisgenomen van de mededeling van het bestuur dat de Rechtbank Noord-Nederland niet verder gaat met de bedrijfsarts,” schrijft voorzitter Marco de Vries van de OR. “De OR vindt het onbegrijpelijk dat hij niet eerder is geïnformeerd over de plannen en de beweegredenen daarvoor.” De Vries wil zijn standpunt niet verder toelichten.

Frisse blik nodig

Ook op Intro regende het klachten, bijvoorbeeld van een rechter: “Ik betreur deze stap erg, en acht het weinig voorstelbaar dat het ziekteverzuim hierdoor zal worden teruggedrongen.” Een andere rechter: “De bedrijfsarts was mogelijk de enige persoon bij de rechtbank die alom werd gerespecteerd en gewaardeerd.”

Het gerechtsbestuur zegt echter dat het vertrek van de bedrijfsarts in overleg met hem is gegaan. Van de Schepop: ”We hebben het hoogste ziekteverzuim van alle rechtbanken in Nederland, in sommige onderdelen was het bij mijn aantreden zelfs veertien procent. We moeten dus vol inzetten op het terugdringen van het ziekteverzuim en zijn daarover in gesprek gegaan met de arbodienst.”

Volgens de rechtbankpresident had de rechtbank “een frisse blik nodig om het krankzinnige ziekteverzuim omlaag te brengen,” en is het vervangen van de bedrijfsarts met hem afgestemd.

Een bericht dat vragen oproept

Op 16 juli plaatste het gerechtsbestuur op Intro het bericht dat Sietske Dijkstra is teruggetreden als voorzitter van de integriteitscommissie. Ook dit bericht leidt tot veel speculaties binnen de rechtbank. Mensen vragen zich af of Dijkstra is vertrokken uit onvrede over de managementcultuur. Zelf wil Dijkstra niet reageren op haar aftreden (‘een interne kwestie’). Van de Schepop wil er dit over kwijt: “Dat het terugtreden van de voorzitter te maken zou hebben met haar onvrede over de managementcultuur is pertinent onjuist. Het spijt ons erg dat de voorzitter om haar moverende redenen is afgetreden. En omdat ze heeft aangegeven hier verder geen commentaar op te geven, kunnen wij dat ook niet doen.”

Over de managementassistentes:

“Helaas opnieuw een bericht dat vragen oproept, zorgen vergroot en de sociale veiligheid negatief beïnvloedt. Voor de betreffende collega’s vind ik het zeer spijtig.”
(Een rechter op het interne netwerk Intro)

“Volkomen mee eens. En op deze manier capabele mensen de laan uitsturen schept geen veilig werkklimaat voor de achterblijvers.”
(Een medewerker op Intro)

De mededeling van het gerechtsbestuur dat ‘in goed overleg’ is besloten dat drie managementassistentes hun carrière buiten de Rechtbank Noord-Nederland zullen voortzetten, stuitte op veel weerstand. “Helaas opnieuw een bericht dat vragen oproept, zorgen vergroot, en de sociale veiligheid negatief beïnvloedt,” reageert een rechter op 19 augustus. Een ander vraagt zich af: “Is de oplossing van het bestuur iedereen te verwijderen die niet in de pas loopt?”

Maar volgens het gerechtsbestuur heeft het vertrek van de drie secretaresses niets te maken met de managementcultuur. “Dat ze tegelijk wilden vertrekken, kwam ons helemaal niet goed uit. Het was hun eigen keuze,” zegt rechterlijk bestuurslid Albert Ploeger. “Verder hebben we in overleg met hen besloten daar geen mededelingen over te doen. Achteraf is dat jammer, omdat het summiere bericht dat we nu hebben gecommuniceerd veel vragen heeft opgeroepen. Dat had anders gemoeten.”

Kritische columns

Over het stopzetten van de column van Edzard van Weringh:

“Betreurenswaardig dat het bestuur naar aanleiding van een aantal klachten aanvankelijk zonder opgaaf van redenen en zonder hem daarover te informeren Edzard zijn column heeft ontnomen. Edzard heeft in zijn column verwoord wat door velen in de organisatie wordt gedacht.”
(Een rechter op het interne netwerk Intro)

Eerder werd al bekend dat het gerechtsbestuur een streep heeft gezet door de kritische columns van rechter Edzard van Weringh. Die zette onder meer vraagtekens bij de hoogte van de salarissen van de gerechtsbestuurders en bij de ontslagvergoeding van een rechtbankbestuurder. Uit die column bleek dat Van de Schepop de bestbetaalde rechtbankpresident van Nederland is. Het bestuur meldde op 9 juli: “Waar Edzard eerst adhesiebetuigingen ontving, heeft het bestuur het afgelopen jaar gaandeweg steeds meer klachten ontvangen. Daarom hebben we besloten om Edzard niet langer een podium te bieden.”

Dat schoot bij twee rechters in het verkeerde keelgat. De een schrijft op Intro: “Ik lees en hoor in de wandelgangen veel meer voorstanders van de column dan tegengeluiden.” Een andere rechter: “Edzard heeft in zijn column verwoord wat door velen in de organisatie wordt gedacht.”

Van de Schepop zegt nu: “We zijn niet bang voor kritiek. We hebben Edzard de column gegeven omdat hij een uitgesproken criticaster is van deze rechtbank. Maar na een jaar hebben we geconstateerd dat we klachten kregen, en toen hebben we besloten ermee te stoppen. Het is niet goed voor de organisatie.” Dat de rechters met wie Mr. heeft gesproken daar anders over denken, verandert daar niets aan. “Wij houden vol dat mensen zich eraan storen. Dat Edzard over mijn salaris schreef, was beslist niet de reden om hem die column af te nemen.”

Niet mengen in polemiek

Om de kloof met de werkvloer te overbruggen heeft het gerechtsbestuur besloten interactief te gaan communiceren op Intro. “We hadden als weloverwogen keuze om ons niet te mengen in de polemiek op Intro,” verklaart Van de Schepop. “We vonden eigenlijk dat je rechtstreeks met elkaar in gesprek moet gaan. Maar inmiddels zijn we tot de conclusie gekomen dat dit geen verstandige keuze was. We gaan een blog lanceren, waarin we aan onze medewerkers uitleggen dat we op onjuistheden of onjuiste suggesties op Intro gaan reageren. En we gaan meer doen ter versteviging van de interne communicatie. Zo kunnen we negatieve beeldvorming voorkomen. We hebben niks te verbergen.”

De vraag is of daarmee de kritiek vanuit de organisatie wordt weggenomen. Een rechter zegt dat de top-down managementstijl leidend is in Noord-Nederland. “Alles is gericht op de output,” zegt deze rechter. “Het management trekt steeds meer dingen naar zich toe die eigenlijk tot de bevoegdheid van de rechter horen. Wij moeten als rechters voldoen aan de professionele standaarden: vooronderzoek doen, beoordelen of comparitie nodig is. Maar daar krijgen we hier de tijd niet voor. Je ziet de zaak voor het eerst op zitting. Wil je je wel aan de professionele standaarden houden? Prima, maar dan in je eigen tijd.”

Klopt niet, zegt Van de Schepop: “Wij treden niet in het domein van de rechters. De wet verbiedt dat ook. En als er íemand vaart heeft gezet achter de professionele standaarden, dan ben ik het wel. Er is zelfs geoormerkt geld vrijgemaakt voor de professionele standaarden.”

Gas gegeven

“Maria,” zegt een rechter, “had bij haar aantreden in 2017 veel steun. Ze zou de werkdruk omlaag brengen, en voor ons opkomen, maar ze heeft het niet waargemaakt.” Van de Schepop zegt juist dat haar komst voor een omslag heeft gezorgd. “Voordat ik hier kwam, was het mantra dat er geen tekort was aan rechters. Ik heb laten uitrekenen dat er twaalf rechters te weinig waren. En ik heb direct gas gegeven met het aantrekken van rechters in opleiding. Er lopen er nu twintig rond, en ik heb gezegd dat we alleen nog werk konden aannemen waar we de mensen voor in huis hebben. Dat was fundamenteel anders dan voorheen.”

Tot slot: hoe komt het nou dat er binnen de Rechtbank Noord-Nederland zoveel onrust is, terwijl de andere arrondissementen net zo goed te kampen hebben met de naweeën van de gerechtelijke herindeling, de mislukte digitalisering en werkdruk? Rechters verklaren dit onder meer doordat Noord-Nederland door de fusie van drie rechtbanken verreweg het grootste arrondissement is, met drie provincies met totaal verschillende werkculturen en bevolkingssamenstellingen. Bovendien herbergt de rechtbank verhoudingsgewijs veel ervaren rechters met een groot gevoel voor rechtsstatelijkheid, zegt een rechter. “En wij laten ons niet zo makkelijk ringeloren door het bestuur.”

De verschillende mentaliteiten van de Drent, de Groninger en de Fries zijn inderdaad zeer aanwezig, reageert Van de Schepop die zelf uit de Randstad afkomstig is: “Als je hier zit, voel je wat het is. Het komt overal terug. Het is prachtig, maar soms ook ingewikkeld. En daar komen dan de problemen met KEI, financiering en werkdruk nog bij. Zo zie ik het.”

Mr. baseerde dit artikel op gesprekken met drie rechters en op uitlatingen op Intro van negen rechters en veertien andere medewerkers van de Rechtbank Noord-Nederland, onder wie een aantal stafjuristen.

Wilt u geen belangrijk juridisch nieuws meer missen?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over de auteur

Peter Louwerse

Peter Louwerse

Peter Louwerse studeerde Nederlands recht aan de Erasmus Universiteit, werkte als journalist voor verschillende dagbladen en begon in 2009 als freelance journalist. Hij is een van de vaste medewerkers van Mr.

Recente vacatures

Recente vacatures