Rechtbank Limburg vindt het ‘bizar en ‘onthutsend’ dat boze advocaat liegt

Twee partijen – een glaszetter en een advocaat – staan bij een civiele procedure voor de rechtbank Limburg als getuige onder ede. Eén van die partijen liegt bewust. En dat is niet de glaszetter.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Rechtbank Limburg vindt het ‘bizar en ‘onthutsend’ dat boze advocaat liegt - Mr. online
Foto: Depositphotos

Een onbetaalde factuur, dat is de inzet van een civiele procedure waarover een Roermondse kantonrechter moet beslissen. Een glaszetter stelt dat hij binnenbeglazing heeft geleverd en geplaatst aan een pand te Maastricht. Kosten: 6.903 euro. Opdrachtgever, volgens de glaszetter: de advocaat.

Onder ede

Eenmaal in de zittingszaal – beide partijen zijn als getuigen opgeroepen – noemt de kantonrechter het ‘bizar en onthutsend’ dat beiden over een eenduidige kwestie – hebben glaszetter en de advocaat ramen opgemeten in het pand – een zodanig diametraal verschillende verklaring afleggen, dat de enig denkbare conclusie luidt: een van die partijen liegt bewust onder ede.

‘Onlogisch’

De glaszetter beweert vaker opdrachten van deze advocaat te krijgen. De factuur werd echter gezonden aan een van de drie zonen van de advocaat, die samen eigenaar zijn van het pand. De advocaat zegt maar één keer met de glaszetter te maken hebben gehad, jaren geleden, voor het plaatsen van een ruit in zijn woning. De kantonrechter vindt dat verhaal ‘onlogisch en ongeloofwaardig’.

Boos

Zo beweert de advocaat een mailadres van het pand nooit te gebruiken – maar ‘toevallig’ wel toen hij reageerde op een sommatie de factuur te voldoen. In een Whatsapp-bericht van de zoon naar de glaszetter staat dat de advocaat ‘boos’ is, wat suggereert dat de advocaat over het pand gaat. Hij is kennelijk boos omdat er een geschil loopt tussen de glaszetter en een hotel (de advocaat was raadsman van het hotel) – de glazenman zou slecht werk hebben geleverd.

‘Zonder mijn opdracht’

Ook ligt er een offerteaanvraag (per mail) van de advocaat, wat erop duidt dat hij vaker zaken deed met de glaszetter en zeggenschap had over onroerend goed waarvan zijn zonen (formeel) eigenaar zijn. Die mail kan hij zich – onder ede – niet meer herinneren. Tijdens de zitting suggereert de advocaat dat ze zonder zijn opdracht door medewerkers van zijn kantoor zijn verzonden. Ook dit acht de kantonrechter ongeloofwaardig omdat het volstrekt onwerkelijk is om te veronderstellen dat ondersteunend personeel van een advocatenkantoor op naam van de advocaat mails verstuurt zonder uitdrukkelijke opdracht daartoe.

Bankrekening

En dan is er nog de kwestie van de bankrekening waarop eerdere facturen van de glaszetter werden betaald. Op de eenvoudige vraag, gesteld door de raadsman van glaszetter, of de advocaat gemachtigd was om gebruik te maken van die rekening, wenste hij onder geen beding te antwoorden ‘omdat de wederpartij daar niks mee te maken zou hebben’. Ook op herhaaldelijk aandringen van de kantonrechter dat alleen maar ja of nee hoefde te worden geantwoord, bleef de advocaat volharden in zijn weigering om deze vraag te beantwoorden.

Meineed

Volgens de kantonrechter is de enige redelijke verklaring voor de hardnekkige weigering van de advocaat om deze vraag te beantwoorden, is dat hij gemachtigd was om gebruik te maken van die rekening. Dát verklaren zou echter zijn hele betoog over het niks te maken hebben met de glaszetter en het pand onderuit halen. Aan de andere kant: als de advocaat niet tot die rekening gemachtigd was, had hij dat wel met graagte geantwoord, nu dat zijn stellingen dat hij niks met de ondernemingen van zijn zoons van doen heeft, juist zou ondersteunen. Machtiging ontkennen terwijl die er wel was, zou ‘juridisch gevaarlijk’ zijn omdat het zou kunnen worden ontmaskerd als een ‘harde’ meineed.

Inconsistente verklaringen

Voor de kantonrechter is het wel duidelijk. De glaszetter heeft overtuigend aangetoond dat de advocaat opdrachtgever was. De ‘inconsistente en ongeloofwaardige verklaringen’ van de advocaat dragen daaraan bij. Dat hij de factuur niet wilde erkennen en voldoen, lijkt te liggen in diens boosheid over vermeend slecht werk door glaszetter aan het hotel. Hij moet de rekening van de glaszetter betalen, alsmede de proceskosten (1.584 euro).

Lees hier de hele uitspraak.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top