Stel (minstens) Saleh (aan) de Hoge Raad voor

Onlangs is bekend geworden dat de president van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie, Eunice Saleh, deze post wil verlaten. Ondertussen is het officieel bekend dat Mauritz de Kort haar opvolger wordt. Het lijkt mij een goed moment een altijd onderbelicht recht in de schijnwerpers te zetten: het in het Statuut verankerde recht van elk Caribisch Koninkrijksland, een eigen lid aan de Hoge Raad toe te voegen.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
(foto: Chris van Houts)

Een belangrijk statutair, maar ongebruikt recht

Het is bij de autonomieverlening in 1954 dat de Nederlandse Antillen bovenstaande toevoegingsrecht verkreeg. Alhoewel de Koninkrijkswetgever verplicht was een eventueel verzoek van de Nederlandse Antillen in te willigen om dat recht in een rijkswet op te nemen, heeft de Nederlandse Antillen dat altijd onbenut gelaten. Zonde, want het recht een eigen rechter aan de Hoge Raad toe te voegen – net als het recht een eigen stemgerechtigd lid van de Koninkrijksministerraad te mogen benoemen – had te gelden als een van de belangrijkste externe manifestaties van de Antilliaanse autonomie.

Het betreffende recht moest in dezelfde rijkswet opgenomen worden die de cassatierechtspraak voor het Caribische deel van het Koninkrijk regelde: de in 1961 vastgestelde cassatieregeling voor de Nederlandse Antillen. Ook Aruba heeft, toen en sinds dit eiland met ingang van 1986 een apart autonoom Koninkrijksland werd, niet van voornoemde mogelijkheid gebruik gemaakt. Decennialang klagen de Caribische landen over het ‘democratisch deficiet’ van het Koninkrijk. Toch hebben evenmin de in 2010 nieuw ontstane, autonome landen Curaçao en Sint Maarten tot nu toe hun Caribische toevoegingsrecht van leden in de Hoge Raad verzilverd.

Het staatsbestel van het Koninkrijk vertoont als gevolg van onze dekolonisatie en successievelijke autonomie, federale trekken. Federaal, omdat het Statuut, de hoogste constitutionele regeling van het Koninkrijk alle Koninkrijksaangelegenheden vermeldt en slechts via een verzwaarde besluitvormingsprocedure kan worden gewijzigd. Onder andere de rechtspraak geldt als landsaangelegenheid, en wordt decentraal (per land) uitgevoerd. Cassatierechtspraak is verder een openbare aangelegenheid op (federale) staatsniveau. De Hoge Raad is als Koninkrijksorgaan dan ook niets anders dan een federaal orgaan. Het aanwenden door de drie Caribische landen van ieders eigen toevoegingsrecht van een lid aan de Hoge Raad houdt dan ook eigenlijk niks anders in dan vervulling van een principiële eis. Deze eis volgt uit onze dekolonisatie, autonomie en federale kenmerken.

Het toevoegingsrecht in kwestie heeft echter ook praktisch belang, want de Caribische landen zijn de jure en vooral de facto minder autonoom dan hun rechtsvoorganger, het Land Nederlandse Antillen. Onze autonomiereductie is vooral een gevolg van de Rijkswet financieel toezicht en de Landsverordening Aruba financieel toezicht. De aankomende Rijkswet Caribisch Orgaan voor Hervormingen en Ontwikkeling (COHO) zal de autonomie verder aantasten. Het voorrecht van de Caribische landen leden van het hoogste rechtscollege te mogen voordragen, is, in deze tijden van tanende bevoegdheden van hun resterende twee takken der trias politica, wegens de compenserende waarde ervan, van extra groot belang voor hen.

Nu is een mooie kans

Is het niet, met het COHO op komst, een zeer geschikt moment om de inmiddels flink vermagerde autonomie van de Caribische landen wat vlees op de botten te geven? Het verlies aan autonomie kan niet anders dan ontmoedigend werken op de stemming van het volk. Elke verheffing komt dus mijns inziens opportuun. Ook is het een mooie kans voor het Caribische deel van het Koninkrijk om uit te blinken! Het zou de bevolking bovendien simpelweg goed doen, te merken dat de Cariben wel degelijk iets in de (Nederlandse) melk hebben te brokkelen. Kortom, alleen maar goede redenen om gerenommeerde Caribische rechters aan de Hoge Raad toe te voegen. Voorts wordt het (vrijwillige) bestaande judicieel deficit binnen het Koninkrijk gedicht. Dit is een oproep aan de regeringen van de onderscheidenlijke Caribische landen, faciliteer aanpassing van de Cassatieregeling; liefst tegelijk met de Rijkswet COHO. En stel minstens Saleh (aan) de Hoge Raad voor!

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top