Tussen overtuigen en obstructie

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Een hardnekkige legende wil dat (staatsrecht)juristen, gek zijn op constitutionele toetsing. Onlangs nog vroeg de Nijmeegse hoogleraar Roel Schutgens zich in Ars Aequi af wanneer er eens een constitutionalist vóór het toetsingsverbod zou zijn. En volgens twee rechtsfilosofen in de NRC, zat de hele juristerij op de kast omdat VVD-Kamerlid Taverne een voorstel tot grondwetswijziging aanhangig had gemaakt waarmee de rechter de bevoegdheid wordt ontnomen om (formele) wetten aan verdragen te toetsen. Met die kast valt het wel mee.

Het staatsrecht kent grote namen die zich tegen rechterlijke toetsing keerden. Zelfs toetsingsfanaten genoten als de, inmiddels overleden, Alfons Dölle het nog één keer in de Eerste Kamer kwam uitleggen. Toch is het waar dat het voorstel van Taverne op weinig sympathie kon rekenen van, door juristen gedomineerde, adviesorganen zoals de Raad van State, de Raad voor de Rechtspraak en het College voor de Rechten van de Mens. Die wilden weten welk probleem Taverne met zijn voorstel dacht op te lossen. Dat lijkt vooral de recente irritatie over de rechtspraak van het EHRM te zijn. Volgens nogal wat liberalen maakt dat hof rare sprongen. Het voorstel lijkt dus bedoeld om het EVRM af en toe buiten de deur te kunnen houden. Bij de schriftelijke behandeling van het voorstel in de Tweede Kamer vroegen diverse partijen zich onlangs terecht af of het uitschakelen van de Nederlandse rechter daar veel bij helpt. Zolang Nederland de rechtsmacht van het EHRM erkent, blijft ook de wetgever aan de rechtspraak van het Hof gebonden. Dan helpt het misschien meer als wetgever én rechter het EHRM soms wat constructief tegengas geven. In Duitsland en Engeland gebeurt dat weleens. De échte vraag is vooral hoever dat tegengas geven kan gaan. Recent ging het Britse Hooggerechtshof daarop in (UKSC 2013/63). Tegenspreken kan, aldus dat hof, maar dan alleen om het EHRM op andere gedachten te brengen. Lukt dat niet, dan heeft ook de Britse rechter zich in beginsel aan de Straatsburgse lijn te conformeren. Voor de Britse rechter is dat onderscheid tussen overtuigen en obstructie cruciaal. Maar ja, dat zijn dan weer juristen. De vraag is of het ook geldt voor Nederlandse politici.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top