De rechtbank Den Haag is in 2024 gestart met wijkrechtspraak in Den Haag Zuidwest. Dat betekent dat er rechtszaken worden behandeld in het wijkgebouw, in plaats van een zittingszaal in het Paleis van Justitie. De rechters die zaken behandelen in de wijkrechtbank, doen dat maar een deel van de tijd. De rest van de tijd houden zij zitting met ‘gewone’ zaken in het Paleis van Justitie.
Wijkrechtspraak is onderdeel van maatschappelijk effectieve rechtspraak, een belangrijk speerpunt van de rechtspraak. Dit houdt in dat de rechter zich niet uitsluitend laat leiden door juridische overwegingen, maar – als het kan én gepast is – meer nadruk legt op het bijdragen aan oplossingen voor verdachten of rechtzoekenden. Toegang tot de rechter en het leveren van maatwerk zijn daarbij sleutelbegrippen. Tegen die achtergrond is begin 2018 het idee voor wijkrechtspraak ontstaan.
De wijkrechtspraak richt zich op de bewoners van wijken waarvan bekend is dat er vaker sprake is van multi-problematiek. Deze vorm van rechtspraak is bedoeld voor mensen die bereid zijn mee te werken aan hulpverlening en waarbij geen sprake is van veiligheidsrisico’s op de zitting.
In het eerste kwartaal van 2024 is de rechtbank Den Haag gestart met o.a. (jeugd)straf- en huurachterstandzittingen in de wijk. Eind 2025 zijn we begonnen met wijkrechtspraak in familiezaken. Als familierechter heb ik nu een aantal zittingen gedaan in het wijkgebouw in Moerwijk. Daar ga ik hierna meer over vertellen.
De rechtbank Den Haag is hierin niet de enige rechtbank die dit doet; in bijna alle gerechten in Nederland zijn we inmiddels gestart met een vorm van wijkrechtspraak.
Hoe bent u rechter bij de wijkrechtbank geworden, en wat sprak u aan in deze vorm van rechtspraak?
Ik hoorde dat onze rechtbank het project wijkrechtspraak wilde uitbreiden met familiezaken. Omdat ik altijd wel houd van nieuwigheidjes heb ik me aangemeld om te helpen bij het opzetten van wijkrechtspraak in familiezaken.
Kunt u beschrijven hoe een gemiddelde werkdag bij de wijkrechtbank er voor u uitziet?
De dag begint altijd met kindgesprekken in een aparte kamer in het wijkgebouw. In familiezaken waar kinderen bij betrokken zijn, bijvoorbeeld over een omgangsregeling, nodigen we kinderen vanaf 8 jaar altijd uit voor een gesprek met de rechter. Ik doe de kindgesprekken altijd zonder toga. Meestal heb ik op een ochtend zo’n twee of drie gesprekken met kinderen. Die gesprekken duren gemiddeld zo’n 20 minuten.
In de middag houd ik dan de zitting met de ouders en de advocaten erbij, in de ruimte in het wijkgebouw die is ingericht als een zittingszaal. Tijdens die zitting heb ik wel mijn toga aan. Net als de griffier die erbij zit. Op die zitting behandel ik meestal 3 zaken. De eerste zaak begint meestal om 13 uur en de laatste zaak eindigt rond 17 uur.
Wat is volgens u het belangrijkste verschil tussen rechtspreken in de wijkrechtbank en in een reguliere rechtbank?
Binnen de wijkrechtspraak willen we probleemoplossend te werk gaan, met meer oog voor de persoonlijke omstandigheden en problemen van de mensen. Er is op zitting meer tijd per zaak, 75 minuten in plaats van 45 minuten. Hierdoor kunnen we wat meer doorvragen of de mensen last hebben van andere problemen dan het specifieke probleem waarvoor ze bij de rechter komen. Bijvoorbeeld: de zaak gaat over de omgang tussen de kinderen en de ouder bij wie ze niet wonen. Maar ik kan dan bijvoorbeeld, als ik daar aanleiding voor zie, ook doorvragen naar eventuele financiële problemen. Dit kan dan gaan om schulden of dat mensen niet goed weten op welke toeslagen ze recht hebben of deze niet durven aanvragen. Of misschien spelen er wel problemen met huisvesting of opvoeding.
Anders dan bij gewone zittingen in het Paleis van Justitie is er tijdens deze zittingen altijd één van de sociaal raadslieden van de gemeente Den Haag aanwezig. Zij zijn er juist voor die financiële-, huisvesting- of andere maatschappelijke problematiek. Ook schuift een medewerker van het Kenniscentrum Kind en Scheiding aan, voor opvoed-, gezins- en scheidingsproblematiek. Tijdens de schorsing van de zitting of na de zitting kunnen de mensen dan met één van deze hulpverlener, of allebei, direct een soort intakegesprek hebben om te kijken welke hulp ze eventueel kunnen bieden.
Met wat voor soort zaken krijgt u hier te maken?
Familiezaken, dat wil zeggen: meestal echtscheidingen en alles wat daarmee samenhangt. Dus: gezag en omgang na scheiding, partner- en kinderalimentatie, wie mag er in de echtelijke woning blijven wonen, verdeling van geld en van de spullen.
Bij de wijkrechtbank is er vaak meer aandacht voor de mens achter het dossier. Hoe merkt u dat tijdens een zitting?
Dat gaf ik hiervoor eigenlijk al aan: ik heb meer tijd om met de mensen te praten en door te vragen naar eventuele andere problemen dan waar de rechtszaak over gaat. Ik kan ze concrete hulp aanbieden doordat ze meteen in gesprek kunnen gaan met de sociaal raadslieden of een medewerker van het Kenniscentrum Kind en Scheiding. Daardoor is de drempel naar hulpverlening veel lager dan wanneer we de zaak in het Paleis van Justitie behandelen, waar de betrokkenen na een zaak weer naar huis gaan en dan zelf moeten opzoeken waar ze de juiste hulp kunnen krijgen.
Heeft u het gevoel dat u hier als rechter op een andere manier impact kunt maken dan in een reguliere rechtbank?
Ja zeker, doordat ik tijdens de zitting veel breder kijk naar wat er speelt bij de mensen die naar de rechter komen. Als voorbeeld: als ik weet dat er (ook) grote financiële problemen zijn, dan begrijp ik beter waarom het bijvoorbeeld moeilijker is om de kinderen altijd te halen en te brengen. En dat dat veel stress oplevert wat ook weer kan zorgen voor extra spanningen tussen de ouders. Dat kan ik dan op de zitting benoemen en daar meteen ook hulp voor aanbieden.
Welke misvatting over rechters of over de wijkrechtbank zou u graag eens voorgoed uit de wereld helpen?
Dat de wijkrechtspraak er alleen maar is om ervoor te zorgen dat mensen niet zo ver hoeven te reizen naar het Paleis van Justitie.
