Juridisch nieuws

Controverse binnen advocatuur over social media

Emilie van Empel
Emilie van Empel

“Advocaten, wees voorzichtig met social media.” Die oproep doet mr. Emilie van Empel, deken van de Orde van Advocaten Breda Middelburg, en voorzitter van het dekenberaad. “Je hebt heel snel exposure,” zegt Van Empel. “Het gebruik van social media kan er door zijn aard en snelheid toe leiden dat je als advocaat je vertrouwelijkheid schendt. Je hebt wel greep op wat je op social media zet, maar je hebt geen invloed op wat anderen delen.”

Ze wijst erop dat advocaten op 1 januari 2015 door de wet formeel zijn aangewezen als geheimhouder. “Door te twitteren waar je bent en wat je doet, kan je in de gevarenzone komen bij het nakomen van je vertrouwelijkheidsverplichtingen,” meent de deken.

Zelf profileert Van Empel zich niet op social media. “Ik heb geen account op Twitter, Facebook en LinkedIn. Ik google mezelf wel elke week. Het is verstandig aan te weten hoe mensen je vinden en wat ze van je vinden.” Van Empels kantoorgenoten bij Blue Legal zijn overigens wel allen actief op social media. Het kantoor kent een code voor social media gebruik.

Wat iemand op social media zet, mag in beginsel een ieder voor zich weten, vindt Van Empel. “Maar tegen jonge advocaten zeg ik altijd dat ze er rekening mee moeten houden dat ze de vrijheid die ze als student op social media hadden goed onder de loep moeten nemen. Elke advocaat krijgt voorafgaand aan de beëdiging bij het kennismakingsgesprek met de deken een boekje met de gedragsregels. Dat moeten ze wat mij betreft direct lezen. Ze zijn zeven dagen per week 24 uur per dag advocaat, en moeten zich gedragen als een behoorlijk advocaat. Dat kan een beperking van je profilering op social media inhouden. Geef je er rekenschap van dat je het imago van de advocatuur niet mag schaden.”

Veel kantoren hebben een social media beleid, maar desondanks kunnen jonge advocaten de mist in gaan, weet Van Empel. “We hadden een keer een jonge student-stagiair die het helemaal geen probleem vond om in het weekend de beest uit te hangen en daarvan foto’s op social media te plaatsen. Dat mag je zelf weten, maar dan moet je ook zelf weten wat de consequenties daarvan zijn. Wij vonden het geen goed idee om deze jongen bij cliëntgesprekken te hebben.”

Onlangs hadden kreeg een advocaat in haar arrondissement forse kritiek van collega’s na een kritische tweet over de handelwijze van de politie in een ZSM-zaak. Dat ging over een zaak van een andere advocaat. “Kwestie van peer group correctie, en die heeft ook plaatsgevonden,” zegt Van Empel. “Andere advocaten zeiden: wat schieten we hier nou mee op?”

Ook bij de Facebook post van de Groningse advocate Maartje Schaap over ‘bh-gate’ fronste Van Empel de wenkbrauwen. Schaap facebookte over een voorval in de penitentiaire inrichting in Zutphen. Toen de metaaldetector afging op de beugelbeha van de advocate, moest zij zich uitkleden en in een roze badjas door het detectiepoortje. Van Empel: “Je moet weten waarom je iets doet. Ik vraag me af: wat beoog je daarmee? Je profileert jezelf naar mijn mening niet optimaal.” Ze vervolgt: “Het lijkt wel of de fatsoensgrenzen op dit gebied vervagen, en daarvoor wil ik aandacht bij jonge advocaten.”

In reactie zegt Maartje Schaap: “Wat ik ermee beoogde toen ik dit op Facebook plaatste? Ik vond het te zot voor woorden en kon niet geloven dat dit het protocol was. Over fatsoensgrenzen gesproken!. Ik heb op het Facebookbericht vreselijk veel reacties gehad, ook van collega’s die dit ook hebben meegemaakt.”

Al deze informatie had haar niet bereikt als zij dat bericht niet had geplaatst, zegt Schaap, “Met de hoeveelheid aan eerdere incidenten kon ik mijn klacht dan ook aannemelijk maken.” Schaap ziet daarom niet in waarom ze het bericht niet op Facebook had mogen zetten. “De klacht is namelijk gegrond verklaard. Ik heb mijzelf met dit bericht allesbehalve willen profileren. Het ging mij erom iets aan de kaak te stellen en om er iets mee te bereiken. Mijn doel is bereikt!”

Niek van de Pasch
Niek van de Pasch

Naast Maartje Schaap zijn veel Nederlandse advocaten actief op social media als Twitter, Facebook en LinkedIn. Fervent twitteraar Niek van de Pasch (Van de Putt Advocaten, 2623 volgers) noemt de opvatting van Van Empel ‘een geluid van de zijlijn’. “Veel mensen die niets met social media doen, vinden het kennelijk lastig om het gebruik ervan te beoordelen,” zegt hij.

Van de Pasch twittert nooit over eigen zaken, maar signaleert juridische trends. “Ik zie collega’s wel kopieën van processen-verbaal twitteren die dan deels onleesbaar gemaakt zijn. Grappig bedoeld, maar ik zou het niet doen.” Hij heeft nooit gezien dat advocaten de vertrouwelijkheid schenden op social media. “Ik volg alleen mensen die zinnige dingen te zeggen hebben. Maar als ik het wel zou zien, zou ik die collega in een persoonlijke notitie vragen waarom hij het zo aanpakt.”

Tijdens de Beroepsopleiding Advocaten worden advocaten gewezen op hun verantwoordelijkheid bij het gebruik van social media. “Dat gebeurt in algemene zin in onze module Beroepsattitude en Beroepsethiek in Woudschoten, het begin van de Beroepsopleiding Advocaten,” zegt woordvoerder Juriaan Mensch van de beroepsopleiding. “We wijzen advocaat-stagiaires er ook op dat ze 24 uur per dag advocaat zijn, en dat er een bepaald gedrag bij het vak hoort dat een advocaat waardig is.”

In de beroepsopleiding wordt benadrukt dat advocaten zich daarvan bewust moeten zijn als ze zich bijvoorbeeld op Twitter uitlaten. “En uiteraard de belangen van de cliënt daarbij niet schaden,” zegt Mensch. “Met betrekking tot de vertrouwelijkheid spreekt dat ook voor zich. Maar het echte beleid wat betreft het gebruik van social media maken kantoren uiteraard zelf.”

Wilt u geen belangrijk juridisch nieuws meer missen?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over de auteur

redactie Mr.

redactie Mr.

Recente vacatures

Recente vacatures

Winkelmand