BREIN/Ziggo II en het verwerken van strafrechtelijke persoonsgegevens

Moet Ziggo een vergunning van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) hebben om een waarschuwingsbrief te mogen sturen aan een van zijn klanten die (mogelijk) inbreuk maakt op de auteursrechten van bij BREIN aangesloten auteursrechthebbenden?

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

De voorzieningenrechter in de zaak BREIN/Ziggo II (Rb. Midden-Nederland 9 juni 2022) beantwoordde die vraag bevestigend in een goed opgebouwde en prettig te lezen uitspraak. De voorzieningenrechter gaf daarbij meteen een kort college over de verschillende voorwaarden die worden gesteld aan de verwerking van persoonsgegevens van strafrechtelijke aard (artikel 10 AVG jo 31-33 UAVG). 

Aanleiding voor de zaak (die nauw verwant is aan, u raadt het al: BREIN/Ziggo I) was de weigering van Ziggo om een waarschuwingsbrief naar een klant te versturen en de NAW-gegevens van die klant aan BREIN te verstrekken. Volgens BREIN zijn namelijk via het IP-adres van die klant op onrechtmatige wijze e-boeken gedownload. Tussen partijen stond vast dat indien Ziggo een dergelijke brief verstuurt zij een persoonsgegeven van strafrechtelijke aard verwerkt (art. 10 AVG jo art. 1 UAVG). Dit bleek ook al uit BREIN/Ziggo I, o. 3.5-3.6. Ziggo voerde aan dat zij deze verwerking alleen mag uitvoeren als het daarvoor een vergunning heeft van de AP (art. 33 lid 4, aanhef en onder c, jo lid 5 UAVG) en die ontbreekt. BREIN voert vele argumenten aan waarom een dergelijke vergunning niet nodig zou zijn, maar vangt bot bij de voorzieningenrechter: 

  1. Het niet-verstrekken van de gegevens levert wellicht op grond van art. 6:162 BW een onrechtmatige daad op, maar daaruit vloeit niet voort dat daardoor de verwerking van strafrechtelijke persoonsgegevens is toegestaan. Artikelen 32 en 33 UAVG regelen uitputtend de voorwaarden waaronder strafrechtelijke persoonsgegevens verwerkt mogen worden. 
  2. Een beroep op art. 32 sub c UAVG (de verwerking heeft betrekking op persoonsgegevens die kennelijk door de betrokkene openbaar zijn gemaakt) gaat ook niet op. De verwerking die plaatsvindt is namelijk het koppelen van het IP-adres aan de NAW-gegevens van de klant van Ziggo. Los van de vraag of het IP-adres kennelijk openbaar is gemaakt, is dit in ieder geval niet zo voor de NAW-gegevens van de klant. 
  3. Ook het beroep op de mogelijkheid die art. 32 sub d UAVG biedt gaat niet op (de verwerking is noodzakelijk voor de instelling, uitoefening of onderbouwing van een rechtsvordering). Dit beroep zou alleen slagen als de verwerking noodzakelijk is voor Ziggo, niet BREIN. Ziggo is echter niet van plan een procedure te starten tegen de klant. 
  4. Artikel 33 lid 2 sub b UAVG helpt BREIN ook niet verder, omdat dat artikellid ziet op de verwerkingsverantwoordelijke die gegevens verwerkt ‘ter bescherming van zijn belangen, voor zover het gaat om strafbare feiten die zijn of op grond van feiten en omstandigheden naar verwachting zullen worden gepleegd jegens hem of jegens personen die in zijn dienst zijn’. Het strafbare feit dat hier wordt gepleegd is echter inbreuk op het auteursrecht van een ander, niet Ziggo. De negatieve gevolgen voor Ziggo voor een dergelijke inbreuk spelen zich af in het civiele recht, niet in het strafrecht.
  5. Het is niet relevant, zoals BREIN betoogde, dat ‘de derde’ niet zelf de persoonsgegevens krijgt zoals het geval zou zijn bij het versturen van een waarschuwingsbrief door Ziggo. Ziggo zou in dat geval nog altijd strafrechtelijke persoonsgegevens verwerken ‘ten behoeve van een derde’ in de zin van art. 33, lid 4, sub c UAVG.

Kortom, Ziggo heeft een vergunning van de AP nodig om persoonsgegevens van strafrechtelijke aard te kunnen verwerken, zowel om waarschuwingsbrieven te versturen als NAW-gegevens te verstrekken aan BREIN. BREIN was vergeten de medewerking/inspanning te vorderen van Ziggo om een dergelijke vergunning aan te vragen. Het oordeel over de vraag wat ter zake van Ziggo kan worden verwacht krijgen we dus pas in een – ongetwijfeld – andere/latere procedure te horen. De saga van de verwerking van persoonsgegevens om auteursrechtinbreuken op het internet aan te pakken gaat dus nog even verder. 

 

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Meest gelezen berichten

Van onze kennispartners

Juridische vacatures

Wageningen University & Research zoekt een

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top