‘Guur’ belastingklimaat raakt fiscaal advocaten

Het steeds minder gunstige Nederlandse belastingklimaat heeft veel effect op de fiscale advocatuur. “Het wordt minder, het wordt anders,” zegt advocaat-partner Thomas van der Vliet van Greenberg Traurig. “We zullen als land vindingrijk moeten zijn, en nog beter zorgen dat we bovenaan de lijstjes staan.”

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Guur belastingklimaat raakt fiscaal advocaten
Foto: Mr.
Peter van Hagen Hertoghs advocaten
Peter van Hagen (Hertoghs advocaten)

Advocaat-partner Thies Sanders (van Loyens & Loeff) constateert dat het veranderde belastingklimaat voor meer geschillen zorgt: “Je kunt geen belastingregeling verzinnen of er ontstaan wel conflicten over.”

En advocaat-partner Peter van Hagen (Hertoghs advocaten) ziet dat het werkaanbod groter wordt door een verscherping van de regels en een actievere rol van de Belastingdienst. “Om topkwaliteit te leveren moeten we keuzes maken in wat we wel of niet doen.” Hertoghs advocaten is gespecialiseerd in fiscaal boete- en strafrecht.

Doorstroomvennootschappen

Thomas van der Vliet Greenberg Traurig
Thomas van der Vliet (Greenberg Traurig)

Thomas van der Vliet en jurist/fiscalist-partner Alex Westerman (beiden werkzaam bij Greenberg Traurig) maken zich zorgen over de snel veranderende fiscale regelingen in Nederland. Ze doelen daarbij niet alleen op de elkaar in rap tempo opvolgende maatregelen tegen internationale belastingontwijking, maar bijvoorbeeld ook op de verhoging van de overdrachtsbelasting voor beleggers en op de beperking van de aftrek van leningen.

Greenberg Traurig geeft fiscaal-juridisch advies bij grensoverschrijdende geldstromen. Het kan gaan om investeren, verkopen, reorganiseren, financieren en dergelijke. Er is altijd een band met Nederland. “In het verleden is Nederland misschien te makkelijk geweest voor vennootschappen die geldstromen faciliteerden,” zegt Alex Westerman. “Helaas heeft het aantal fraudegevallen de discussie negatief beïnvloed, alsof alle vennootschappen die een rol spelen in hun wereldwijde fiscale groepsstructuur zich schuldig maken aan strafbare feiten. Daar zitten veel financieringsconstructies bij die wel een reële functie hebben binnen een groep. Doorstroomvennootschappen hoeven niks te maken te hebben met belastingontduiking.”

Hij vindt de regelgeving tegen misbruik te rigoureus, en daardoor worden volgens hem vennootschappen geraakt die niets verkeerds doen. “Door het negatieve sentiment in Nederland is het moeilijk aan buitenlandse partijen uit te leggen dat je hier nog steeds een financieringsstructuur kunt opzetten die aan alle eisen voldoet.” Thomas van der Vliet vult aan: “De snelheid waarin antimisbruikregelingen elkaar opvolgen leidt er toe dat buitenlandse partijen ons niet meer begrijpen.”

Vertrekboete

Als het aan GroenLinks Kamerlid Bart Snels ligt, wordt er aan het anti-misbruikinstrumentarium nog een regeling toegevoegd: de zogeheten vertrekboete voor bedrijven die, à la Unilever, de wijk nemen naar een land zonder dividendbelasting. “De vraag is of je het doel ermee bereikt,” meent Westerman. “Engeland is met zijn grote kapitaalmarkt en het ontbreken van dividendbelasting een grote magneet voor beursgenoteerde bedrijven. Om dan bij vertrek uit Nederland een fictieve heffing in te voeren over nog niet uitgekeerde winsten, gaat wel heel erg ver.”

“Bedrijven,” vervolgt Westerman, “kiezen voor een bepaald land uit een veelheid van overwegingen: werkgelegenheid, betrouwbaarheid, opleidingsniveau, et cetera. En dan komt er ineens voor het emigreren van bedrijven een bepaling die uitsluitend kijkt of in een bepaald land dividendbelasting bestaat. Hoofdkantoren die een nieuwe locatie zoeken zullen heel goed nadenken voor ze zich hier gaan vestigen. En hoofdkantoren die er al zijn, krabben zich achter de oren, want welke beleidsruimte hebben ze nog bij overnames?”

Tijdgeest

Thies Sanders Loyens & Loeff
Thies Sanders (Loyens & Loeff)

Thies Sanders is advocaat-partner bij de praktijkgroep Corporate Tax Services van Loyens & Loeff en doet alleen zaken tegen de Belastingdienst. De meeste cliënten zijn grote Nederlandse ondernemingen, familiebedrijven en buitenlandse multinationals.

“De tijdgeest,” constateert Sanders, “is veranderd. De fiscus ziet sneller misbruik. Veel mensen denken dat belasting moet worden geheven op basis van een zogeheten fair share, wat vanuit het perspectief van rechtsbescherming een ongelukkige ontwikkeling is. Want er is nooit eensgezindheid over wat fair is.”

Belasting, zegt Sanders, wordt geheven op basis van de wet. “In het beleid van de inspecteur, die een magistraat is, is fairness echter een steeds belangrijker rol gaan spelen. Als de wet niet duidelijk is en de inspecteur laat zich leiden door wenselijkheid, kan de belastingplichtige zich unfair behandeld voelen, en dan krijg je een gevecht. Dat kan over alles gaan: box 3, transferpricing, renteaftrek, je kunt het zo gek niet verzinnen of er ontstaan geschillen over.”

Dividendstripping

Zo’n regeling is dividendstripping, zegt Sanders. “Die regeling, die wil voorkomen dat bepaalde personen teruggave van dividendbelasting krijgen, is lastig te begrijpen en moeilijk te hanteren. Conflicten over dividendbelasting leveren daarom veel werk op.”

Ook de omvangrijke antimisbruikwetgeving is een steen des aanstoots. “Die loopt uit de hand, onder meer omdat misbruikers altijd met meer en slimmer zijn. Door antimisbruikwetgeving ontstaan meer geschillen dan twintig jaar geleden.”

Hij slaakt dan ook een diepe zucht bij de typering ‘Nederland belastingparadijs’: “Onzin. Met dat soort jargon houd ik me niet bezig.”

Woonplaats

Ook advocaat-partner Peter van Hagen (Hertoghs advocaten), die is gespecialiseerd in het fiscaal boete- en strafrecht, ondervindt de gevolgen van het strengere belastingklimaat. “De verandering is jaren geleden ingezet,” verklaart hij. “De Belastingdienst krijgt steeds meer mogelijkheden en bevoegdheden om informatie in te winnen, en om die af te dwingen. Er zijn in de wetgeving meer bepalingen gekomen om straffen op te leggen. De tendens is ook dat de Belastingdienst met een zekere hardheid optreedt, steeds meer gebruik maakt van bevoegdheden en vaker de grens van het toelaatbare opzoekt.”

Van Hagen constateert dat er nu veel aandacht is voor de woonplaats van mensen en de vestigingsplaats van bedrijven. “Als iemand zegt in een ander land te wonen, terwijl de Belastingdienst zegt dat je in Nederland woont, is dat van belang voor de inkomstenbelasting. Dat zijn ingrijpende onderzoeken, waarbij wordt gekeken welke abonnementen en lidmaatschappen iemand heeft, et cetera. Wij zijn er om te kijken of de juiste conclusies worden getrokken, en of alle relevante feiten zijn meegenomen.”

Hetzelfde probleem doet zich voor bij ondernemingen. Daarbij is doorslaggevend in welk land de kernbeslissingen worden genomen. Deze discussies doen zich voor als vermogen wordt ondergebracht in een rechtspersoon, bijvoorbeeld een Stichting Particulier Fonds (SPF) op Curaçao of een Stiftung in Liechtenstein. Als de entiteiten vanuit Nederland worden geleid, dan is de rechtspersoon in Nederland gevestigd. Van Hagen: “Ook daarvoor is een volledig beeld van de feiten nodig. Ik zie nogal eens onderzoeken waarin de fiscus oogkleppen heeft opgezet.”

Met de bril van nu

Het baart Van Hagen zorgen dat de fiscus en het OM met de bril van nu kijken naar feiten uit het verleden, toen het belastingklimaat heel anders was. “Toen was het opzetten van fiscale structuren een soort sport. Het is nu een hele kunst de feiten weer in het perspectief van toen te laten beoordelen door de officieren van justitie en de rechters.” Hij vervolgt: “De fiscalist die tien à vijftien jaar geleden werd geprezen om zijn ingenieuze fiscale constructies, wordt nu met argwaan bekeken. Erger nog, ik zie fiscalisten die te zeer naar de pijpen van de fiscus dansen en minder goed opkomen voor de belangen van de cliënt.”

In ieder geval betekenen de beleidskeuzes van de Belastingdienst en het OM veel werk voor Hertoghs advocaten. “Zoveel dat we keuzes moeten maken in wat we wel of niet doen. Het gaat nagenoeg altijd om complexe zaken met grote financiële- en reputatiebelangen. Zaken die vier, vijf, zes jaar of langer kunnen duren.”

Warme broodjes

Alex Westerman Greenberg Traurig
Alex Westerman (Greenberg Traurig)

Vóór 2008 was het makkelijk om Nederland te verkopen aan buitenlandse ondernemingen, zegt Thomas van der Vliet (Greenberg Traurig). “De Nederlandse structuren gingen als warme broodjes over de toonbank. Die business is weg doordat fiscale praktijken zijn gewijzigd en door veranderingen in de wetgeving van de afgelopen vijf à tien jaar.”

Een pijnpunt voor buitenlandse partijen is de overdrachtsbelasting die in januari voor professionele beleggers omhoog gaat van 2 naar 8 procent. “Partijen vragen zich af of ze dat nog wel kunnen doorberekenen bij verkoop van de woningportefeuille,” vertelt Alex Westerman. “Dat betekent dat we nu heel wat transacties draaien die eigenlijk voor volgend jaar waren gepland.” Hij verwacht dat het vanaf januari rustiger wordt.

Van der Vliet maakt zich geen zorgen over de eigen boterham. “Een goede fiscalist heeft altijd werk. Wij zijn bezorgd omdat de positie van Nederland in het gedrang is, en dat is heel slecht voor de Nederlandse economie in brede zin. We zijn een klein land, we moeten het van de handel hebben, en daarvoor is een verwelkomend fiscaal regime nodig. Niet op het randje, maar ook niet zo behoudend dat we aan alle kanten worden ingehaald door andere landen.”

Agressief roofkapitalisme

Om agressief roofkapitalisme te bestrijden is de renteaftrek voor leningen aan banden gelegd. “Daarvoor is een tapijt van regelingen uitgerold,” zegt Alex Westerman. “Als een buitenlands bedrijf hier een vestiging wil beginnen, en dan geconfronteerd wordt met dertig verschillende regelingen, dan haken cliënten op een gegeven moment af.”

Ook door nieuwe verliesverrekeningsregels verliest Nederland zijn aantrekkingskracht. Bedrijven kunnen tot de onaangename ontdekking komen dat verliezen niet meer of niet meer volledig te gebruiken zijn. Van der Vliet zegt over die op Prinsjesdag aangekondigde maatregel: “Met een verlies kun je voorkomen dat je in een winstjaar belasting moet betalen. Als je aan die regels gaat morrelen, wordt het eigendom van bedrijven minder waard. Als je dat eens in de twintig jaar doet, begrijpen mensen dat. Maar de afgelopen tien jaar zijn de verliesverrekeningsregels te vaak aangepast, en dat zorgt voor veel onrust.”

Jan Vleggeert
Jan Vleggeert

‘Argument vestigingsklimaat onvoldoende onderbouwd’

Op verzoek van de redactie van Mr. reageert hoogleraar belastingrecht Jan Vleggeert (Universiteit Leiden). Vleggeert is niet zo onder de indruk van het argument dat het vestigingsklimaat te lijden heeft onder belastingverhoging. “Dat wordt standaard gezegd bij elk voorstel waardoor belastingverzwaring optreedt,” zegt Vleggeert.

“Als je dat argument gebruikt, moet je het ook precies onderbouwen,” vervolgt Vleggeert, “en dat gebeurt meestal onvoldoende. Hij verwijst naar een rapport van april van dit jaar van de adviescommissie belastingheffing multinationals (de commissie Ter Haar): “De conclusie was dat een hoge vennootschapsbelasting weinig structurele invloed heeft op de werkgelegenheid.”

De invloed van belastingmaatregelen op investeringen is volgens Vleggeert heel lastig te kwantificeren. “Dat zag je in 2017 ook bij de plannen voor afschaffing van de dividendbelasting. De Tweede Kamer vroeg de regering om met feiten aan te tonen dat die maatregel goed is voor de economie. Dat lukte toen niet, en toen kwam Rutte met het argument dat hij het tot in zijn vezels voelde. Iedereen kan wel roepen dat klant minder graag naar Nederland komt. Maar waar blijkt dat uit?”

En zelfs als dat zo is, dan nog is voor Vleggeert de vraag hoe je dat moet meewegen. “Moet je iets niet doen omdat het slecht is voor het vestigingsklimaat? Zo werkt het volgens mij niet. Je kunt een maatregel ook nemen omdat die eerlijker is bijvoorbeeld.”

Jan Vleggeert was in november 2020 mr. van de week.

Lees meer over:

Meer weten over deze organisatie(s)?

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top