Juridische én praktische knopen doorhakken

Het insolventierecht wordt wel de lakmoesproef van het vermogensrecht genoemd. Noor Zetteler (Wijn & Stael) en Daphne Beunk (Florent) houden zich bezig met dit rechtsgebied. De combinatie van juridische knopen doorhakken, onderhandelen en praktische zaken regelen bevalt hen prima, vertellen ze in het nieuwe nummer van Mr. in de rubriek Senior/junior.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Juridische én praktische knopen doorhakken
Daphne Beunk (links) en Noor Zetteler (foto: Geert Snoeijer)

Een sneeuwschuivereffect, noemt Noor Zetteler het vooralsnog uitblijven van de al maanden voorspelde hausse aan ‘coronafaillissementen’. “Maar uiteindelijk moet die overtollige sneeuw toch ergens heen. Banken en de Belastingdienst stelden zich soepeler op en je hebt de steunmaatregelen van de overheid, maar op een gegeven moment is het toch zo dat de omzet minder is terwijl de kosten doorlopen. Ik had in het vierde kwartaal echt wel een toename van het aantal faillissementen verwacht.” Daphne Beunk: “Ik denk dat de steunmaatregelen inderdaad een belangrijke rol spelen. En het aangekondigde vaccin geeft een soort van perspectief. Het einde komt in zicht, mensen vragen zich af of ze het toch nog even kunnen uitzingen.”

Onderhandelen

Ook zonder coronafaillissementen is hun praktijk druk genoeg. Noor Zetteler is partner bij Wijn & Stael in Utrecht. Ze is daar meteen na haar studie terechtgekomen. “Ik heb destijds bewust voor een middelgroot kantoor gekozen. Ik hou van zelfstandig dingen doen, daarom trok een groot kantoor me niet.” Haar patroon, Henk Pasman, deed arbeidsrecht en faillissementsrecht en zodoende rolde zij hier ook in. “Vooral faillissementsrecht bleek me erg aan te spreken. Zaken regelen en onderhandelen, dat lag me tijdens de studie al.” Tegenwoordig houdt ze zich de helft van haar tijd bezig met de insolventiepraktijk, als curator in faillissementen of door ondernemers in ‘zwaarweersituaties’ bij te staan bij herstructureringen. Ze was onder meer betrokken bij de faillissementen van Landis, Econcern, Meavita en Phone House. Daarnaast doet Zetteler zaken over bestuurdersaansprakelijkheid en procedeert ze veel over jaarrekeningen tegen accountants.

Daphne Beunk deed rechten en bedrijfskunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Na haar afstuderen werd ze daar junior docent/onderzoeker, onder meer op het gebied van internationaal insolventierecht. Hoewel ze het met plezier deed, trok de praktijk. “Ik schrijf nog steeds met enige regelmaat noten en artikelen, maar ik wilde ook verder kijken dan de wetenschap. De hectiek en dynamiek van de advocatuur die ik tijdens student-stages had ervaren trokken me wel.” Ze kwam bij Florent in Amsterdam terecht, waar ze na haar inmiddels bijna voltooide advocaat-stage kan blijven. Beunk verdeelt haar tijd over insolventierecht en litigation. Sinds kort treedt ze ook op als curator. “Dat is wel een andere tak van het insolventierecht, heel leerzaam. BV’s, stichtingen, eenmanszaken, je ziet van alles langskomen.”

Volwassen rechtsgebied

Als Zetteler terugkijkt naar de tijd dat zij begon als advocaat is er een hoop veranderd. “Ik kreeg al best snel faillissementen van mooie bedrijven. Toen werd je veel eerder curator dan nu; als de rechtbank je een aantal keer had gezien dachten ze: die kunnen we wel eens benoemen. Nu worden er meer eisen gesteld aan advocaten voordat ze voor benoemingen in aanmerking komen.”
Ze vindt het insolventierecht sowieso sterk geprofessionaliseerd de afgelopen twintig jaar. Het kennisniveau is enorm gestegen, niet alleen van advocaten die als curator optreden of herstructureringen doen, maar ook van advocaten of andere juristen die banken en financiers bijstaan. Ook banken en financiers zelf doen tegenwoordig veel aan kennis en opleiding. “Het insolventierecht is echt een volwassen rechtsgebied geworden.”

Cijfermatig inzicht

Wat beiden aantrekkelijk vinden aan het insolventierecht is de combinatie van het juridisch inhoudelijke en het praktische. Beunk: “Enerzijds is het recht heel erg van belang, ze noemen het insolventierecht wel de lakmoesproef van het burgerlijk recht. Houdt het? Houden mijn zekerheidsrechten, mijn eigendomsvoorbehouden et cetera? Er komen hier rechten in botsing, dus er moeten juridische knopen worden doorgehakt. Anderzijds ben je constant aan het bellen, aan het regelen, aan het onderhandelen. Wat ik ook leuk vind is dat je in grotere faillissementen in een team werkt, en vaak op locatie.”

Zetteler: “Vaak ben je aan het zorgen dat een bedrijf nog kan doordraaien. Eigenlijk leid je dan een onderneming, met alles wat daarbij speelt. Heel interessant. Je werkt ook nauw samen met bestuurders en de financiële afdeling. Het komt wel goed van pas als je het leuk vindt om in Excelbestanden te struinen en over cijfermatig inzicht beschikt. Het is handig als je een balans en dergelijke kunt lezen, en niet voor iedere optelling boven de duizend iemand hoeft in te schakelen. Anders kun je ook niet goed onderhandelen.” Jonge advocaten die de insolventiekant op willen zou Zetteler dan ook willen meegeven dat ze hun gevoel voor cijfers ontwikkelen, bijvoorbeeld door cursussen op financieel gebied te doen. Beunk: “In de studie leer je wel een en ander over jaarrekeningen, balans, winst- en verliesrekeningen, maar hoe het in de praktijk werkt met grootboekrekeningen en dergelijke, dat is toch een ander verhaal.” Zetteler: “Ja, dat moet je een keer zien.”

Biertje op vrijdagmiddag

Niet alleen cijfermatig inzicht is belangrijk, ook communicatie speelt een grote rol. De boodschap die een curator komt brengen valt niet bij iedereen even goed. Uitleg geven is daarom heel belangrijk, zegt Zetteler. “Vooral in het begin. Dan moet je bij zo’n bedrijf gaan zitten, vertellen wat je komt doen en wat de marsroute voor de komende tijd is. Je moet begrip tonen voor de situatie waarin de werknemers zitten, en als ze boos zijn dat benoemen. En duidelijk maken dat jij niet degene bent die de boosheid veroorzaakt heeft, maar dat je bent aangesteld om het zo goed mogelijk op te lossen. Het is heel veel praten in zo’n eerste fase. Ook een keer een biertje meedrinken op vrijdagmiddag als het zo uitkomt, om te zorgen dat je de afstand zo klein mogelijk maakt.”

Beunk: “Mensen reageren heel verschillend op een faillissement. Sommigen zijn heel boos als ze worden ontslagen, anderen teleurgesteld. Maar wat je ook wel ziet is opluchting. Werknemers hebben het al zien aankomen doordat ze niet meer werden betaald, en als het faillissement dan eenmaal daar is, is het maar duidelijk. Dat is wel makkelijker om mee om te gaan.”

Zetteler vindt het nog altijd “heftig” als ze mensen moet ontslaan. “Vaak heel triest, daar wen je niet aan. Dan gaat het bijvoorbeeld om een bedrijf van vader op zoon, mensen die er veertig jaar werkten en dan is zo’n faillissement het einde van hun loopbaan. Wat wel scheelt is als het om een branche gaat waar een groot tekort aan personeel is, of als je te maken hebt met jongere of goed opgeleide mensen.”

Bedreiging

Vorig najaar november werd de Enschedese curator Philippe Schol neergeschoten; hij werd al enige tijd bedreigd. Het zorgde voor onrust onder insolventieadvocaten. Binnen specialisatievereniging Insolad, waarvan Zetteler voorzitter is, is er veel over gesproken. “Zoiets heeft wel impact. Het is een verharding die je ziet, curatoren in kleinere faillissementen voelen tegenwoordig meer druk. Zeker ook sinds de curator de taak heeft gekregen om fraude te signaleren.”
Zijn Zetteler en Beunk zelf wel eens bedreigd? Beunk: “Nee, gelukkig niet. Bij ons op kantoor gaan we ook eigenlijk
altijd overal met zijn tweeën op af.” Hetzelfde geldt voor Zetteler. “Maar soms moet je wel stevige gesprekken voeren. Dan moet je een evenwicht zoeken tussen begrip tonen en een grens stellen: zo gaan we niet met elkaar om, dit is onplezierig.”

WHOA

Het insolventierecht is voortdurend in ontwikkeling. Er staat de nodige nieuwe wetgeving op stapel, bijvoorbeeld op het gebied van betalingsuitstel.  Wat nu vooral actueel is, is de Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA), die per 1 januari aanstaande in werking treedt. Deze wet maakt het ondernemingen mogelijk om schulden te herstructureren door met schuldeisers en aandeelhouders een onderhands akkoord te sluiten. Schuldeisers die niet willen meewerken, kunnen daartoe worden gedwongen. De praktijk kijkt er reikhalzend naar uit, zeggen Beunk en Zetteler. “We hebben nu geen goed herstructureringsinstrument buiten faillissement. Levensvatbare ondernemingen kunnen daardoor onnodig failliet gaan. Zonde, omdat daarbij een heleboel waarde wordt vernietigd. Het is goed als je dat kunt voorkomen”, aldus Zetteler. Beunk: “Ik ben erg benieuwd naar hoe de WHOA in de praktijk zal uitpakken. Vooruitlopend op de inwerkingtreding zie je al veel dat men zich afvraagt hoe een faillissement kan worden afgewend, zeker ook van bedrijven die het door corona moeilijk hebben.”

Bitcoins

Een andere ontwikkeling die Beunk signaleert is dat het in faillissementen tegenwoordig minder vaak om fysieke spullen gaat. “Bij ons op kantoor hebben we steeds vaker met dienstverlenende bedrijven te maken. Dan gaat het om het klantenbestand of spelen merken en handelsnamen een rol. In nogal wat faillissementen gaat het om de overeenkomsten, minder om producten.” Zetteler, grinnikend: “Terwijl het wel een bepaalde dynamiek heeft, om in zo’n hal met stampende machines te staan.”

Beunk is nu bezig met een zaak waarin bitcoins tot de boedel behoren. “Dat is veel minder tastbaar dan geld op de bank. Het is een op de blockchain vastgelegde keten van digitale handtekeningen, een transactiegeschiedenis.” Zijn ze verpandbaar en welke recht is daarop van toepassing? vraagt Zetteler zich af. “Interessant onderwerp om een artikel over te schrijven Daphne!” “Wie weet”, reageert Beunk. “Maar eerst moet ik die bitcoins maar eens lokaliseren.”

Noor Zetteler (1975) studeerde economisch bedrijfs- en publiekrecht en Europees recht aan de Universiteit Utrecht en bracht een half jaar door aan de Universiteit van Nottingham. Na haar afstuderen in 1999 begon ze bij Wijn & Stael Advocaten in Utrecht. In 2009 werd ze partner bij dit kantoor. Ze is gespecialiseerd in financiering, zekerheden, insolventierecht en (tuchtrechtelijke) aansprakelijkheid van accountants. Zetteler is voorzitter van Insolad, de vereniging voor insolventierechtadvocaten.

Daphne Beunk (1989) studeerde rechten en bedrijfskunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Ze liep student-stages bij verschillende advocatenkantoren. In 2015 begon ze als junior docent/onderzoeker bij de sectie Burgerlijk recht van deze universiteit. In 2018 stapte ze over naar advocatenkantoor Florent in Amsterdam, waar ze werkt in de secties Litigation en Insolventierecht. Vanaf 1 januari 2021 gaat ze één dag per week als docent internationaal privaatrecht in Nijmegen aan de slag. Beunk is redactielid van het Tijdschrift Financiering, Zekerheden en Insolventierechtpraktijk.

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top