Na de verkiezingen

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Vergeef mij, lezer, in deze onrustige tijden, waarin wij aan de vooravond staan van – misschien – een politieke omwenteling of anders toch tenminste nieuwe politieke verhoudingen, een korte overdenking daarbij.

Vooral gericht op al die enthousiaste kandidaat-volksvertegenwoordigers die – van het heilig vuur bezeten – in de startblokken staan om dit land, Nederland, vergaand te verbeteren.

Ik leef al op voorhand met hun mee.

En het gaat mij nu niet om de verkiezingscampagnes met alle plezier en ellende van dien: die zullen hun onvergetelijke loop wel hebben. Maar op de avond van 9 juni zal dan toch voor de meeste individuele kandidaten wel duidelijk zijn: “zit ik er in”?

Maar als dat dan zo is, beseffen zij dan ook wat dat voor hun persoonlijk leven zal gaan betekenen?

Geenszins.

Voor schrijver dezes gold dat destijds zeker.

In 1994 stond ik 35e op de PVDA-kandidatenlijst voor de Tweede Kamer. Ik was in die tijd Advocaat-Generaal van de Nederlandse Antillen (standplaats Curacao) en maakte de verkiezingsstrijd dus letterlijk van verre mee. Wat – gezien mijn magistratelijke functie – goed uitkwam. Toen ik in december mijn 35e plaats op de lijst “verwierf” stond de PVDA in de peilingen op een historisch dieptepunt van 23 zetels. Mijn 35 e plaats kon dan ook – in de koffiekamer van het Paleis van Justitie op Curacao – op enig gegniffel rekenen: wat een ijdelheid. Maar ziedaar: van maand tot maand steeg de partij in de peilingen en daarmee de kansen op verkiezing van uw huidige columnist.

Bij de TK-verkiezingen van mei 1994 won de PVDA 37 zetels. Weliswaar een stuk minder dan de 45 die men daarvoor had maar toch een stuk meer dan op het dieptepunt van de campagne werd verwacht. In Amsterdam werd feest gevierd maar nr. 35 van de kandidatenlijst kon daar op zijn eenzame Antilliaanse positie nauwelijks van meegenieten. De Antilliaanse TV kwam thuis langs maar op de vraag wat dit voor het nieuw gekozen kamerlid persoonlijk ging betekenen kon het gestamelde antwoord nauwelijks voldoen. Het was ook niet voorstelbaar.

Het eerste probleem was mijn bestaande betrekking: die van Advocaat-generaal: daar is er op de Antillen maar één van en het wegvallen van die functionaris kon zo maar niet één-twee-drie worden opgevangen. Ik wendde mij tot de minister van Justitie die mij vroeg wanneer de verkiezing tot parlementariër definitief werd. Ik moest hem wel meedelen dat dit pas zou zijn wanneer de Kiesraad de verkiezing zou afkondigen wat nog wel een week kon duren. “Dan wachten wij daarop” zo zei hij gerustgesteld.

Dit verhinderde mij wel de eerste anderhalve week van het feitelijk bestaan van de nieuwe PVDA-fractie mee te maken. Die vergaderde immers – vrijwel dagelijks – om het verloop van de formatie te volgen. Maar dus zonder de op Curacao verblijvende nr. 35.

Toen ik mij dan uiteindelijk – na de uitspraak van de kiesraad – naar Nederland kon begeven wachtte daar nieuwe drempels : de mooiste kamers in het PVDA-gedeelte van het Tweede Kamer gebouw (waar een ieder na verkiezingen een (nieuw) plekje heeft te verwerven) waren vergeven , er restte nog slechts één klein kamertje, zo legde men mij geduldig uit; van enkele oud-fractieleden waren nog assistenten beschikbaar, de – altijd heikele – portefeuille-onderhandelingen binnen de fractie waren wel al in volle gang maar…… niets was al definitief vergeven””. Mijn postbak “in” was inmiddels wel al gevuld met onaangename hoeveelheden kamerdocumenten.

De eerstvolgende dinsdagochtend stapte ik manmoedig het gebouw binnen voor mijn eerste fractie-vergadering. In de lift stond ik in de lift samen met Wim Kok, mijn fractieleider, die ik niet persoonlijk kende. Nadat ik mij – al stijgende – had voorgesteld zei hij: “prettig dat je dat doet want het zou zo gek zijn als ik je –als fractielid – niet binnen de fractie zou kennen”.

Bij de deur van de (heel grote) fractiekamer stond de fractiesecretaris om mij aan (verreweg het grootste) deel van de fractie voor te stellen. Daarna zei zij, wijzend op de zaal met stoelen: “je kunt overal gaan zitten”. Dit was een eufemisme want, het leek er toch sterk op dat een ieder zich naar een vaste plaats begaf. Bij de deur bleef, op de laatste rij, nog precies één plaats open. Nadat ik daar was gaan zitten fluisterde mijn buurvrouw mij toe:”ik zou de eerste week hier maar je mond houden”.

Wat een wijze raad!

In de fractie werd Wim Kok ondervraagd door Sharon Dijksma over het verloop van de formatie. Sharon (toen 22 jaar oud) beklaagde zich dat zij alle formatienieuws uit de kranten moest vernemen. Wim Kok legde geduldig uit dat formeren nu eenmaal een vertrouwelijke aangelegenheid was en sprak vervolgens troostend: “als het je niet zint, kun je er natuurlijk ook voor kiezen de kranten niet meer te lezen”.

En hoe werd ik overstelpt met indrukken: diezelfde dag – 25 mei 1994 – vond het debat plaats over de IRT-affaire (voor de jongeren: het debat over de omstreden opsporingsmethoden die in Asmsterdam tot ontbinding van het opsporingsteam hadden geleid). De al demissionaire ministers van Justitie, Hirsch Ballin en Binnenlandse Zaken, van Thijn, zaten – zacht gezegd – niet op één lijn en werden deswege ongenadig gegispt door de (voormalige) oppositiewoordvoerders Kohnstam en Dijkstal. Nr 35 van de PVDA-fractie – veilig in zijn bankje op de achterste rij – kon zijn oren nauwelijks geloven over zoveel verbaal geweld. Als de Ministers al niet waren afgetreden dan hadden zij dat nu moeten doen – zo begreep ik het betoog van beide opposanten– en enkele dagen later zouden zij dat inderdaad alsnog definitief doen.

Ach, beste lezer, zo kan ik nog wel even doorgaan. Natuurlijk verwierf ik – langzaam aan – mijn positie, mijn woordvoerderschappen, mijn handigheden,. Mijn politieke vaardigheden, stapje voor stapje tot het lidmaatschap van het fractiebestuur aan toe.

En zag – vier jaar later – glimlachend de nieuwelingen komen.

Veel succes gewenst!

Delen:

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Ook interessant:

Over Mr.

Mr. is hét platform voor juristen. Mr. bericht over actuele zaken in de juridische wereld en belicht en becommentarieert deze vanuit een onafhankelijke positie. Mr. richt zich op alle in Nederland actieve juristen en WO-rechtenstudenten..

Volg MR. op social media

Service menu

Contactgegevens

Uitgeverij Mr. bv
Paul Krugerkade 45
2021 BN Haarlem
Uitgever: Charley Beerman
E-mail: beerman@mr-magazine.nl

Scroll naar top