Verbintenissenrecht

Ontbinding borgtocht mogelijk bij schending zorgvuldigheidsverplichting schuldeiser?

Wave B.V. verleent ABN AMRO een borgtocht tot zekerheid voor een aan de holdingvennootschap S3&A Holding B.V. verstrekt krediet. Zou onverhoopt tot uitwinning moeten worden overgegaan, dan zou Wave in de rechten kunnen treden van ABN AMRO als pandhouder, zo verklaart de bank. Als de schuldenaar op de einddatum het krediet niet aflost, biedt ABN AMRO hem eerst gelegenheid voor een herstructurering alvorens hem aan te spreken op zijn verzuim. Als de vennootschappen zijn gefailleerd, wendt ABN AMRO zich alsnog tot Wave.

Het hof acht deze handelwijze onzorgvuldig jegens Wave (ECLI:NL:GHSHE:2016:5409). Het wijst de vordering tot schadevergoeding evenwel af nu Wave niet slaagt in het bewijs van het causaal verband met het gestelde nadeel.
In cassatie is nog slechts aan de orde of de tekortkoming van ABN AMRO Wave recht geeft op ontbinding. De Hoge Raad beantwoordt deze vraag ontkennend (ECLI:NL:HR:2018:915). Zakelijke borgtocht (geregeld in art. 7:850 lid 1 BW) is immers geen wederkerige, maar een eenzijdige overeenkomst. Hij ontbeert het voor een wederkerige overeenkomst kenmerkende ruilkarakter. Tegenover de verbintenis van de borg tot nakoming van de verbintenis van een derde neemt de schuldeiser zelf geen verbintenis op zich “ter verkrijging van de prestatie waartoe de wederpartij zich daartegenover jegens haar verbindt”. De voor de schuldeiser aan de borgtocht verbonden nevenverplichtingen, bijvoorbeeld om zich te onthouden van aantasting van rechten waarin de borg krachtens subrogatie zal treden, maken dit niet anders.

De Hoge Raad wijst nog op de mogelijkheid van ontbinding ex art. 6:261 lid 2 BW wanneer een rechtsbetrekking kan worden aangenomen met de strekking om wederzijdse prestaties te verrichten, in welk geval de bepalingen omtrent wederkerige overeenkomsten van overeenkomstige toepassing zijn. Hiertoe zal de schuldeiser verplichtingen moeten zijn aangegaan met een voldoende nauwe samenhang tot de verbintenis van de borg om daarmee een rechtsbetrekking met wederzijds te verrichten prestaties te doen ontstaan.
Hiervan – en daarmee van bevrijding van de verbintenis uit borgtocht – is niet snel sprake. Particuliere borgtocht geeft hiervoor meer ruimte. De zakelijke borg zal (als aan de voorwaarden wordt voldaan) zijn toevlucht moeten nemen tot schadevergoeding, eventueel in combinatie met verrekening. Het verdraagt zich niet goed met de functie van een borgtocht in het zakelijke verkeer als een borg eenvoudig aan zijn betalingsverplichting zou kunnen ontkomen.

Wilt u geen belangrijk juridisch nieuws meer missen?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Over de auteur

Johan den Hoed

Johan den Hoed

Johan den Hoed is cassatieadvocaat bij Köster Advocaten.

Recente vacatures

Recente vacatures