Steeds meer kleine kantoren in de problemen

Delen:

portemonneeKleine advocatenkantoren, en dan met name die op het platteland, komen in toenemende mate in de problemen. Ze hebben steeds meer moeite om financieel het hoofd boven water te houden, hun bedrijfsvoering laat in 65% van de gevallen te wensen over en tenslotte krijgen ze ook nog eens de meeste klachten van ontevreden klanten.

Dit weinig positieve beeld komt naar voren in het eindrapport over 2013 van interim rapporteur Rein Jan Hoekstra. Deze werd in 2012 door de Nederlandse Orde van Advocaten gevraagd om te adviseren over een betere opzet van het toezicht op de advocatuur. Dit om een antwoord te kunnen geven op de aanzwellende roep om toezicht van buitenaf. Staatssecretaris Teeven van Veiligheid & Justitie is de verpersoonlijking daarvan. Hij vindt het om principiële redenen ongewenst dat een buitenstaander belast wordt met de controle op het toezicht binnen de advocatuur.

Uit het rapport blijkt dat kwaliteitsissues met name voorkomen bij de kleine kantoren. In 2013 hebben de dekens ook met name die categorie kantoren bezocht. Slechts bij een derde daarvan was alles in orde. Onregelmatigheden komen met name voor op het gebied van de financiële administratie. Met name de gang van zaken bij de stichting derdengelden laat vaak gevallen te wensen over. Er is verder sprake van een groeiend aantal kleine kantoren dat een zeer lage omzet draait. Dat dreigt alleen maar erger te worden als gevolg van de economische situatie en de aanstaande bezuinigingen op de gefinancierde rechtsbijstand. In toenemende mate adviseren lokale dekens dan ook de betreffende advocaten aan om de praktijk te stoppen en zich te laten schrappen van het tableau.

Opvallend is dat de problemen zich vooral voordoen in niet-stedelijke provincies. Gecorrigeerd naar omvang zijn Limburg en Den Bosch goed voor respectievelijk 17 en 15% van de klachten, terwijl dat aantal in Amsterdam op slechts 5% ligt. Hoekstra: “En dat is ook niet zo vreemd. In Limburg kost een kantoorbezoek een dag, terwijl je in Amsterdam de tram pakt en in een paar uur klaar kunt zijn. Als de sociale controle wat minder is, zowel als het gaat om binnen kantoor, als in het contact met collega’s daarbuiten, hebben ook advocaten blijkbaar de neiging af te glijden in de kwaliteit van hun bedrijfsvoering.”

Markante omslag

Na een zeer kritisch begin in de zomer van 2012 is Hoekstra allengs milder geworden. Hoewel de oud-staatsraad er niet de man naar is al te juichend de lof over de vorderingen van de daken te schreeuwen, is wel duidelijk dat de Orde in zijn ogen forse stappen gemaakt heeft in de opzet van een effectievere en kwalitatief betere  structuur van het toezicht. Hoekstra: “Ik zie dat de handschoen is opgevat. Er is sprake van een markante omslag. Heel veel van de aanbevelingen zijn omgezet in beleid. En beleid is omgezet in actie. Ik ben met name erg tevreden over het pro-actief bezoeken van de kantoren. In 2013 heeft 10% van de kantoren al bezoek gehad van de deken en de raad van toezicht.” 

Ondanks de positieve woorden waarschuwt Hoekstra voor te groot positivisme: “Volgend jaar moeten we van woorden naar daden. Er is nu een strategie voor beter toezicht, er is een jaarplan van het dekenberaad waar heel veel goeds in staat, maar 2014 wordt het jaar van de waarheid. Het jaar van de operationalisatie. Daar is nog wel een hele klus te klaren. Zo legt het toezicht een groot beslag op de tijd van de deken, de raad van toezicht en het apparaat van de lokale balie. Er zal daar een verdere professionalisering plaats moeten vinden. Je kunt je afvragen of je als deken nog wel een eigen praktijk kunt uitoefenen. Dat geldt in mindere mate ook voor de Raad van toezicht. Ik maak me zorgen over de vraag of mensen in de toekomst nog steeds hun nek willen uitsteken om die baantjes te vervullen.”

Op het spoor

Hoekstra wil niet ingaan op de vraag of de kwalitatieve vooruitgang die hij constateert aanleiding voor de politiek moet zijn af te zien van toezicht van buitenaf: “Ik ben niet zo’n structuurdenker. Waar het om gaat is of een systeem transparant en integer is. Mijn conclusie is dat we op het spoor zitten richting een effectief en kwalitatief goed toezicht. Een structuurverandering op zich is geen enkele garantie op goed toezicht. Dus gezien mijn constatering dat de tendens positief is, vind ik nog steeds dat zo’n structuurverandering niet nodig is. Maar de keuze ligt bij de politiek.”

Delen:

Het belangrijkste nieuws wekelijks in uw inbox?

Abonneer u op de Mr. nieuwsbrief: elke dinsdag rond de lunch een update van het nieuws van de afgelopen week, de laatste loopbaanwijzigingen en de recentste vacatures. Meld u direct aan en ontvang elke dinsdag de Mr. nieuwsbrief.

Meest gelezen berichten

Van onze kennispartners

Juridische vacatures

Scroll naar boven